Hoe heet een getal dat je kunt omdraaien?
Een woord dat je kunt omdraaien (zoals parterretrap) beet een palindroom, toch? Is er ook een naam voor getallen die je ook van achter naar voren kunt lezen, zoals 12321 en 6006?
GoeieVraag is onderdeel van Startpagina. Startpagina geeft al meer dan 20 jaar een overzicht van handmatig geselecteerde links van relevante en betrouwbare Nederlandse websites.
Startpagina is dé (op)startpagina om je zoektocht op internet te beginnen.
Op zoek naar meer informatie over een specifiek onderwerp? Neem een kijkje op de themapagina's van Startpagina.
GoeieVraag is onderdeel van Startpagina. Startpagina geeft al meer dan 20 jaar een overzicht van handmatig geselecteerde links van relevante en betrouwbare Nederlandse websites.Startpagina is dé (op)startpagina om je zoektocht op internet te beginnen.Op zoek naar meer informatie over een specifiek onderwerp? Neem een kijkje op de themapagina's van Startpagina.
Op deze pagina vind je alle vragen in de categorie Taal. Vragen over beeldende kunst, boeken en auteurs, dans en theater, etymologie, geschiedenis, musea en poëzie vind je in één van de gerelateerde subcategorieën.
Een woord dat je kunt omdraaien (zoals parterretrap) beet een palindroom, toch? Is er ook een naam voor getallen die je ook van achter naar voren kunt lezen, zoals 12321 en 6006?
Ja, ik kwam dat tegen op een forum en iedereen wist blijkbaar wat het was, behalve ik.
Zelf kan ik bedenken dat het te maken heeft met een vrienden'groep' (zone) maar dat is niet negatief lijkt me?
Het meisje was niet blij omdat ze 'friendzoned' was.
Ze was verliefd op iemand en daar gaat het woord waarschijnlijk over...
Ik heb laatst bij spaans het werkwoord gustar geleerd. Onze lerares heeft gezegd dat je ook kunt zeggen. A mí me gusta .... of A tí te gusta. Maar ze zei ook dat het er per se bij moet bij personen of bij een zelfstandignaamwoord. Hoe moet dit precies, want vanaf daar snapte ik het niet meer? Dus wanneer moet je a mí etc. er voor zetten?
Bij de Spaanstalige weersaanduidingen (het sneeuwt, het is bewolkt, het regent, het is koud, het is mistig, etc.) gebruik je bij sommige hay, bij sommige hace en bij sommige está. En bij sommige niet een van deze werkwoorden met een zelfstandig naamwoord, maar alleen een ander werkwoord.
Ik vind het lastig om uit mijn hoofd te leren bij welke je nou welk werkwoord gebruikt. Zit er een bepaalde logica in, waarmee het makkelijker wordt om het te onthouden?
GoeieVraag.nl is onderdeel van Kompas Publishing