Hoe wordt de uitgang van een zout bepaald? (-ide, -aat, -iet)

Ik heb de regel geleerd:
- Enkelvoudige zout = -ide
- Samengesteld zout = -aat of -iet

Nu heb ik echter nog de onduidelijkheid over hoe ik het onderscheid tussen het gebruiken van -aat of -iets moet maken. Hoe weet ik welke van de 2 ik moet gebruiken?

En ik kwam stoffen als: hydroxide en kwikjodide tegen. Hoe komt het dat deze stoffen samengesteld zijn en toch als uitang -ide krijgen?

Erg bedankt.

Toegevoegd na 1 minuut:
Edit: Misschien is het antwoord op vraag 2: omdat de losse ionen 'oxide' en 'jodide' wel enkelvoudig zijn?

Weet jij het antwoord?

/2500

het verschil tussen -iet en -aat is afhankelijk van de hoeveelheid zuurstof in het betreffende ion. Zo is sulfaat SO4 2- en sulfiet SO3 2-. -ide is een uitgang om aan te geven dat het niet-metaal lading heeft en dus geen atoom is.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100