Kan iemand mij de volgende uitspraak van Plato uitleggen? (uitleggen)

Al het fysische wordt vormgegeven door het metafysische.

Het is geen huiswerk, maar voor een toets.
Het heeft te maken met vorm en materie denk ik. Maar ik kanniet goed het verband leggen tussen die twee..

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Het hele universum zoals zich dat aan ons vertoond, het fysische, wordt door ons geinterpreteerd. We geven alles namen (dit is een zus dat is een zo), maken er een organisatie omheen (die en die dingen horen bij elkaar of hebben een bepaalde relatie) en hangen gebeurtenissen aan elkaar (als dit.. dan dat...) Die interpretaties, het meta-fysische, is iets dat wij mensen gebruiken om onze omgeving te begrijpen en vaak ook naar onze hand te zetten. Maar het is door ons bedacht en heeft dus ook een alleen door ons bedachte relatie met de werkelijkheid. Het fysische ontstaat (voor ons) dus pas door het metafysische. Het woord 'boek' IS geen boek maar een klank of wat inkt op papier of een rijtje zwarte pixels op een wiite achtergrond waarvan wij hebben afgesproken wat de betekenis ervan is.

De objecten die worden gezien zijn volgens Plato niet echt, maar slechts nabootsingen van de echte 'Ideeën' die zich in een transcendente wereld bevinden. Metafysisch Idealisme. M.a.w. Eerst kwam het idee en dan pas de uitvoering zulks.

Bronnen:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Idealisme

In de metafysica (eerste filosofie volgens aristoteles) vraagt men zich de oorsprong van dingen af. WAT is iets? WAAROM is iets? WAARDOOR is iets? Op basis van deze vragen gaat men zoeken naar antwoorden dmv onderzoek en proeven. Hieruit ontstaat fysica (natuurkunde). In de fysica doet men aannames over HOE de dingen zijn (Zwaartekracht is een aantrekkende kracht die twee massa's op elkaar uitoefenen. Hij neemt evenredig toe met de massa en is er dus de oorzaak van dat alles op aarde een neerwaartse kracht ondervindt.). De uitspraak van Plato kun je dus vertalen als; "We zien (weten) alleen de dingen die we ons hebben afgevraagd."

In de fysica stuit je steeds weer op onderliggende principes die er op zich niet noodzakelijk zouden moeten zijn. Het is moeilijk verklaarbaar waarom de natuur zo rationalistisch te verklaren is door zeer simpele veronderstellingen, basale symmetrieen, behoudswetten en wiskundige methodieken kunnen zo goed als alle waarneembare verschijnselen worden verklaard. A priori was dat helemaal niet noodzakelijk en Plato's uitspraak zie ik als het uitspreken van het vermoeden dat de toenmalige fysieke wereld werd geregeerd door mathematische beginselen. De moderne deeltjesfysica zou voor Plato al metafysica zijn. Voor ons blijft de metafysica ook nog steeds een schim die de onbegrepen regelmatigheid en rationaliteit van de wereld van de fysica zou moeten verklaren. Eigenlijk is het niet duidelijk waarom de natuur niet volkomen chaotisch is.

De eenheid, de totaliteit van al het gegevene wordt door Plato in een 'ware' trancendentale werkelijkheid geponeerd die buiten de zichtbare werkelijkheid ligt. Volgens de metafysica is er niets of het moet bestaan in samenhang met alles wat er bestaat. Lees de allegorie van de grot eens: http://nl.wikipedia.org/wiki/Allegorie_van_de_grot

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100