Wat is de reden voor de (rare) vorm van het menselijk oor?

konijnen en katten oren bijv. hebben niet zo van die rare ribbletjes en vouwen...

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Bij veel zoogdieren is de oorschelp beweeglijk. Het dier kan door met de oorschelp te bewegen de richting waarin het beste gehoord wordt beïnvloeden. De meeste mensen kunnen hun oorschelp helemaal niet bewegen met de oorspieren. Slechts enkelen, maar die beweging is zo gering dat deze geen invloed heeft op het richtinghoren. Toch kunnen onze hersenen achterhalen waar een geluid vandaan komt. Met behulp van de twee oren kan een mens waarnemen of een geluid van links of rechts komt. De vorm van de oorschelpen helpt bij het onderscheid maken tussen geluiden van voor of achter en geluiden van boven of onder.

Bronnen:
http://www.robkalmeijer.nl/medisch/anatomi...

De oorschelp fungeert als een versterker en filter voor geluiden. Voor lage frequentie fungeert de oorschelp zoals een tv-schotel, die het geluid op de gehoorgang richt, bij de hogere frequenties is het effect subtieler, sommige boventonen worden juist weer onderdrukt, door het patroon van de ribbels in het oor, een smalband onderdrukkingfilter (notch filter) voor specifieke toonhoogtes. Wat daar eigenlijk het voordeel van zou, is me niet helemaal duidelijk, maar het schijnt daardoor mogelijk zijn goed vast te stellen of het geluid van boven of beneden komt. Ook is de versterking door de oorschelp het grootst bij de spraakfrequenties. Op zich wijkt de vorm van het menselijke oor weinig af van dat van andere zoogdieren, ze hebben allemaal een tragus, die de gehoorgang voor directe geluiden afschermt, ribbels die als filter fungeren en een schelpachtig oppervlak dat geluiden versterkt. De meest geavanceerde oorschelpen zie je bij vleermuizen. De grootoorvleermuis heeft enorme oren en tragus, niet voor echolocatie, maar om de geluiden van stilzittende insecten op een blad te kunnen horen. De grotere primaten waar wij vanaf stammen hebben niet al te veel belangstelling voor kleine beweeglijke nachtactieve prooien, daarom is ons vermogen tot geluidslocatie maar beperkt ten opzichte van dat van de nachtactieve halfapen met hun zeer goede, grote en beweeglijke oren, die 's nachts op grote insecten en andere kleine prooien jagen. De rudimentaire oorspieren geven nog wel een hint naar een verre voorouder met beweeglijke oorschelpen.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100