Wiskunde B of A?!

Hallo mensen,

Ik sta voor een moeilijke keuze: in wil erg graag wiskunde B doen, maar ik sta maar een 6,7 voor wiskunde en ik moet er nu al erg veel voor doen..... Wat raden jullie mij aan?

PS. Ik wil ook Natuurkunde erbij doen.

Weet jij het antwoord?

/2500

natuurkunde en wiskunde B lijkt mij een logische combinatie.' Vooral bij wiskunde B moet het kwartje vallen, zodra het valt schieten je cijfers omhoog.

Hoi! Overleg met je docent en je ouders! Als jij bereidt bent je 100% in te zetten voor wiskunde B, verwacht ik dat het wel zal lukken, al wordt het heel lastig! Wiskunde A is niet perse makkelijker, het is vooral anders (ik heb ze allebei gedaan, eerst WisB, daarna WisA omdat ik geen zin had in WisB) Als jij weet dat je een studie wilt gaan doen waar je WisB voor nodig hebt, dan hoef je het niet perse te kiezen. Je kan ook na school nog een opleiding volgen voor WisB, dus laat daar je keuze niet helemaal vanaf hangen. Natuurlijk is het wel mooi als je het meteen met de rest van je school mee kan pikken. Maar zoals ik al zei: overleg met je docent en ouders en mentor! Wat natuurkunde betreft: het wordt een stuk moeilijker in de bovenbouw van het VO. Bij ons in het cluster gingen de cijfers gemiddeld 2 punten naar beneden. Het is vooral heel veel werk. Maar ook hier zou ik even overleggen met je docent en ouders. In elk geval is natuurkunde ook te doen met WisA. Veel van mijn vrienden hebben dit gedaan, ikzelf ook. Succes met je keuze!

Heel kort door de bocht. Als je een exact vak studeert MOET je wiskunde B hebben. Dat hoef je niet met je leraar te bespreken. Aan wiskunde A heb je dan TOTAAL niets! Toegevoegd na 3 minuten: Wiskunde A is dan zoiets als Russisch leren als je timmerman wilt worden.

Wiskunde A is iets heel anders dan wiskunde B, dus je kunt niet vanaf je cijfer 'wiskunde' kijken wat je moet gaan kiezen. Ik heb zelf voor Wiskunde A gekozen, omdat ik economie en statistieken leuk vind. Als je het leuk vind om met driehoeken bijvoorbeeld te rekenen is wiskunde B beter. Voor natuurkunde zou wel wiskunde B het makkelijkste zijn. Sowieso zal ik even met je docent overleggen. Good luck;)

Overleg goed met je decaan. Die kan je heel vaak helpen!!

Als je ook Natuurkunde wilt doen is Wiskunde B handiger. Wiskunde A is vooral statistiek en kansberekening. Bij Wiskunde B werk je veel met grafieken, inhoud en formules. Een gemiddeld cijfer zegt niet waar jij beter in bent. Het beste kun je met je wiskundedocent samen kijken welke onderdelen je het beste kan.

De onderwerpen die bijde beide soorten wiskunde worden behandelt zijn redelijk verschillend. Ik zit zelf in vwo5 en doe wiskunde a, de onderwerpen zijn oa kansrekenen, periodieke verschijnselen en getallenreeksen dat soort dingen). Vraag aan je docent welke onderwerpen bij welke wiskunde horen en beslis wat je het leukst vind\beste kan Toegevoegd na 1 minuut: Volgens mij sluit wiskunde b trouwens het beste aan bij exacte vakken

Als lector GAM (general applied mathematics) heb ik toch wel ervaring met de verschillende facetten van wiskunde en waar die toe te passen... Ten eerste, realiseer je dat wiskunde A en B in principe qua moeilijkheid NIET vergeleken kunnen worden. Dit is zeer persoonlijk. Als je bang bent dat je het niet haalt, moet je kijken naar de onderwerpen waar je wel en niet zo goed in bent. Wiskunde A behelst statistiek & basis van het differentiëren (helling bepalen) en nog een paar kleine dingen zoals periodiciteit en logaritmen (voor exponentiële functies :)). Wiskunde B heeft als pakket de meer technische delen zoals bijv. integreren en differentiaalrekening (gaat er volgens mij iets dieper op in dan A), geometrische bewijsvoering (wat bij jou onder bewijzen valt met cirkels enzo thales bla bla bla), periodiciteit & goniometrische vergelijkingen & radialen, algebra & machtsfuncties en dan heb ik het denk ik wel gecoverd? Bij welke van deze twee denk je dat je het beste past? Meer praktisch gericht [wisk. als ondersteuning van je onderzoek ] (bijv. statistiek/onderzoek van data) of meer het gebruiken van wiskunde om problemen te beschrijven en op te lossen (bijv. diff. vergelijkingen etc./exponentiele problemen, bla bla) ? Ik denk dat je daar vooral naar moet kijken. Als je wilt, kan ik je verder nog wel een indruk geven. Wil je iets meer van die onderwerpen zien, ik heb mijn complete GAM course gedigitaliseerd : http://asa.dse.nl/mathcousre voor een groot deel. Daar zie je verschillende onderwerpen op. Sjoerd Toegevoegd na 18 seconden: Het is natuurlijk http://asa.dse.nl/mathcourse Toegevoegd na 7 minuten: Meer info: Samenvattend Bij de drie vakken wiskunde A, B en C spelen zowel specifieke- als algemene vaardigheden op het gebied van algebra een rol. De specifieke vaardigheden omvatten kenniselementen (zoals regels voor breuken, machten, logaritmen en wortels) en manipulatievaardigheden (zoals het kunnen omwerken van expressies en het oplossen van vergelijkingen). De mate waarin en het niveau waarop deze specifieke vaardigheden worden beheerst verschillen voor A, B en C. De algemene vaardigheden worden in drie groepen gedeeld: - kwalitatief redeneren - substitutie en reductie - Algebraïsche stappen om expressies te bewerken kunnen benoemen en afwegen Bij wiskunde B komen de drie groepen aan bod. Voor wiskunde A vervalt de laatste groep, terwijl bij wiskunde C alleen het kwalitatief redeneren wordt genoemd

Bronnen:
http://aimsrv1.fee.uva.nl/koen/attachme.ns...

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100