Over welke „rust” wordt in Hebreeën 4:9-11 gesproken en hoe kan iemand ’die rust ingaan’?

Weet jij het antwoord?

/2500

Dat gaat over de Sabbatsrust voor het volk van God.

Toen de zes scheppingsdagen verstreken waren, rustte God van zijn scheppingswerken in het vaste vertrouwen dat zijn voornemen met de aarde en de mensheid vervuld zou worden . We ’gaan die rust in’ door af te zien van werken van zelfrechtvaardiging en door Gods voorziening voor onze redding te aanvaarden. Als we geloof oefenen in God en gehoorzaam zijn Zoon volgen in plaats van zelfzuchtige belangen na te streven, genieten we elke dag verkwikkende en rustgevende zegeningen.

Bronnen:
http://wol.jw.org/nl/wol/d/r18/lp-o/200876...

Een geestelijke en eeuwige rust, die volmaakt geluk aangeeft. Dezelfde rust wordt ook gebomd in psalm 95. Wie er in die uit zullen ingaan staat in vers 9: het volk Gods. Toegevoegd na 41 seconden: Gebomd moet natuurlijk genoemd zijn.

In moderne (en niet bijbelse) taal: als je je totaal overgeeft aan het NU en dus geen enkel weerstand of verlangen meer hebt, dan ontstaat er een innerlijke rust die de Christenen 'Verlossing' en Oosterse religies 'Verlichting' noemen. De 7de dag was God klaar met zijn Creatie. Er was toen alleen nog maar NU Toegevoegd na 5 minuten: Door in deze rust zelf te willen gaan, is een intrinsieke tegenspraak: er is namelijk een verlangen om geen verlangen meer te hebben. Je kan dit dus nooit bereiken door het te willen. Daarom wordt verlossing ook wel 'de laatste teleurstelling' genoemd. Je kan wel dichtbij de rust komen door te bidden of mediteren (2 namen voor dezelfde essentie), afhankelijk waar je je het meest bij thuis voelt. Mediteren en bidden hebben namelijk als doel om los te komen van je verlangens en weerstanden door deze in handen te leggen van God. Je komt daardoor in het NU, daar waar geen gedachte en dus geen weerstand of verlangen kan bestaan.

Wellicht moet je terug naar vers 3. Je kunt dit interpreteren als je plek waar je naar toegaat voor (eeuwige) rust. Lees er gerust meerdere vertalingen op na (zie links), er zijn meerdere interpretaties mogelijk over het woordje rust, dat in de verzen worden genoemd. Ik noem er enkele: a) letterlijk de sabbatsrust (van de joden, omdat ze nog niet geloven) b) het paradijs/de hemel c) innerlijke rust die je ervaart door de nabijheid van God Over het hoe zeggen de verzen 2 en 11 dat het niet kan met ongeloof en ongehoorzaamheid. Dus luisteren naar Gods evangelie hoort gepaard te gaan met geloof en gehoorzaamheid. Dan gaat men in tot de genoemde rust.

De aangehaalde teksten in Hebreeën gaan over het volk Israël toen zij uit Egypte trokken en onder leiding van Mozes de woestijn introkken om door God te worden beproefd alvorens in het beloofde land Kanaän te komen. De apostel Paulus gaat hier wat uitgebreider op in: “Want ik stel er prijs op, broeders, dat gij weet, dat onze vaderen allen onder de wolk waren, allen door de zee heengingen, allen zich . .enz” http://www.biblija.net/biblija.cgi?l=nl&set=10&id16=1&m=1+Kor+10 De volgende verzen in deze tekst geven aan waarom het volk Israël (onze vaderen) niet “tot die rust konden ingaan” en waarom wij, als afstammelingen van het volk Israël, ernst moeten maken om wèl tot die rust in te gaan omdat “dit is hun overkomen tot een voorbeeld (voor ons) en het is opgetekend ter waarschuwing voor ons, over wie het einde der eeuwen gekomen is”. Deze waarschuwing geldt niet voor de Aziatische volken, die Jafet als (oud)vader hebben, noch voor Afrikaanse volken, die Cham als stamvader hebben. Zij hebben deze gebeurtenissen niet meegemaakt en hebben evenmin de Wet van Mozes ontvangen. Nee, deze waarschuwing geldt ons, de West-Europese en Angelsaksische volken, die evenals het volk Israël (ook wel Semieten genoemd), Sem als (oud)vader hebben. Zoals wij uit de gebeurtenissen uit het verleden die in het boek Exodus staan opgetekend en in vorenvermelde teksten kunnen lezen “En toch heeft God in het merendeel van hen geen welgevallen gehad, want zij werden neergeveld in de woestijn” omdat zij hun vertrouwen in God kwijt raakten en ongehoorzaam werden zodra zij verzocht werden. Dat is de reden waarom zij niet “tot de rust konden ingaan”. Wij bevinden ons, evenals toen onze vaderen, heden in de politieke, economische en religieuze woestijn waar wij verzocht worden om onze God vaarwel te zeggen. Ook wij lopen de kans om neergeveld te worden in deze woestijn als wij geen ernst maken door de waarschuwing te negeren en nu heb je meteen het antwoord op jouw vraag hoe iemand “tot die rust in kan gaan” in vers 12: “Gij hebt geen bovenmenselijke verzoeking te doorstaan. En God is getrouw, die niet zal gedogen, dat gij boven vermogen verzocht wordt, want Hij zal met de verzoeking ook voor de uitkomst zorgen, zodat gij ertegen bestand zijt”.

Persoonlijk denk ik het volgende - in Hebr 4 vers 9 "Het staat dus vast dat het volk van God nog een sabbatsrust te wachten staat". Het betreft hier het volk van God. Bij God is duizend jaar als 1 dag en 1 dag als duizend jaar. (2 Petrus 3 vers 8 ) 6000 jaar (6 dagen ) menselijke geschiedenis en 1 dag (1000 jaar) als rustdag In vers Hebr 4 vers 8 wordt over een "andere dag" gesproken. Mijn inziens verwijst de sabbatsrust van de Heer naar het Vrederijk. Het Vrederijk waar God het over heeft in vele oude profetieën. Jesaja 65:19 En daarin zal niet meer gehoord worden het geluid van geween of van geschreeuw. Daar zal niet langer een zuigeling zijn, die slechts weinige dagen leeft, noch een grijsaard, die zijn dagen niet voleindigt, want de jongeling zal als honderdjarige sterven. Het is het Duizendjarige Vrederijk waar ook Openbaring 20 over spreekt. Na de Wederkomst Hebr 4 vers 10 en 11 10 En wie Gods rust mag binnengaan, rust uit van al zijn werk, zoals God van het zijne. 11 Laten we dus ons best doen om die rust binnen te gaan. Laat niemand ten val komen door het slechte voorbeeld van hun ongehoorzaamheid na te volgen.