Wanneer gebruik je 'hun' en wanneer gebruik je 'ze'?

Weet jij het antwoord?

/2500

Hun is een bezittelijk voornaamwoord, dus er komt altijd iets achter. Hun huis, hun kind, hun auto enz. Zij is een persoonlijk voornaamwoord, net als jij, hij, wij, enz. 'Zij hebben hún huis verkocht! is goed. 'Hun hebben hun huis verkocht is fout!

'Hun' is een bezittelijk voornaamwoord en dat gebruik je als iets van iemand is en het bezit als laatste staat: 'hun auto'. Echter: de auto is van hen. Hier staat het bezit er niet achter. 'Ze' is een persoonlijk voornaamwoord en gebruik je in zinnen als 'ze gaan naar de bakker' en 'ze kopen een fiets'. Zeg dus nooit 'hun gaan naar de bakker'.

Hun wordt als onderwerp wordt nog algemeen afgekeurd. Een zin als 'Hun hebben er helemaal geen verstand van' wekt zelfs bij velen sterke gevoelens van afschuw op, niet alleen in de schrijftaal, maar zelfs in de spreektaal. Het is daarom het best het gebruik van hun als onderwerp te vermijden; gebruik zij of ze: 'Zij hebben er helemaal geen verstand van.' Gebruik hun in de volgende gevallen: Om bezit uit te drukken: 'Hun auto is stuk.' Als hun vervangbaar is door een voorzetsel + hen (aan hen, voor hen, bij hen, volgens hen, etc.) of een voorzetselgroep + hen (met betrekking tot hen, ten aanzien van hen e.d.). Het is dan een indirect object (een meewerkend, belanghebbend of ondervindend voorwerp). Voorbeelden: Ik geef hun het boek (hun = aan hen) Hij schonk hun een kopje koffie in (hun = voor hen) Hij rookt hun te veel (hun = volgens hen, wat hen betreft) China is hun te ver (hun = voor hen) De tranen stonden/sprongen hun in de ogen (hun = bij hen)

Bronnen:
http://www.onzetaal.nl/advies/hunhebben.php
http://www.onzetaal.nl/advies/hunhen.php

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100