Hoe is het woord bangerik ontstaan ?

Ik vroeg het me ineens af

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Als het specifiek over het achtervoegsel ‘erik’ gaat (slimmerik, flauwerik, lomperik, slechterik): Het achtervoegsel –erik vormt doorgaans mannelijke persoonsnamen met ongunstige betekenis. De herkomst van dit achtervoegsel is niet zeker. De gangbare opvatting is dat dit een vorm is van het Germaanse naamelement -rik ‘heerser’, als in Hendrik en Diederik. (Zie bron) Zo geredeneerd zou het dus een spottende vorm kunnen zijn, waarbij een negatieve eigenschap spottend wordt opgesierd met een deftige titel. Een bangerik is dan een soort angst-koning. En een viezerik meester in onkies gedrag. Een dommerik misschien een hoge Piet in onbenulligheid. Ook met een ‘slimmerik’ wordt meestal spottend een dommerik aangeduid.

Bronnen:
http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/erik

Het is een afgeleide van het gevoel bang(angst), net zoals men dus viezerik van vies heeft afgeleid zo heeft men ook van bang, bangerik gemaakt. Toegevoegd na 40 minuten: Voor het woord "bang" http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/bang1 Daar plak je -erik achter en dan ben je er ook. Bang is een wat wonderlijk woord. Het is verwant met angst en met eng. Maar waar komt die b dan vandaan? Wij moeten uitgaan van een woord ang dat in het Middelnederlands voorkwam, in de 17e eeuw nog zeer gewoon was, in de 18e eeuw nog wel gebruikelijk, maar dat nadien is verouderd. Oorspronkelijk was het een bijwoord en werd het in onpersoonlijke zegswijzen gebruikt. Men zeide: het werd hem ange, het doet hem ange voor: het kwelt hem, het benauwt hem. Voor dit bijwoord ang kwam veelvuldig het voorzetsel be- te staan en beide woorden zijn tot een geheel samengesmolten, zoals ook gebeurd is met woorden als: behalve, benevens, benoorden, binnen (samenhangend met in) en buiten (samenhangend met uit).

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100