wanneer gebruik je me/mij/mijn?

Weet jij het antwoord?

/2500

"Me" is een onbeklemtoonde vorm van 'mij'. * Het wordt gebruikt als persoonlijk voornaamwoord in de voorwerpsvorm. (Ai... moeilijk). "Me" gebruik je als de "ik" geen onderwerp van de zin is. Voorbeeld: "Hij geeft me een boek". Of: "Hij geeft mij een boek". Me is hier meewerkend voorwerp. Je kunt 'me' en 'mij' door elkaar gebruiken maar beklemtoond kan het alleen 'mij' zijn: "Mij niet gezien!". "Me" kan ook lijdend voorwerp zijn: 'Hij ziet me". Of: "Hij ziet mij". * "Me" kan ook wederkerend voornaamwoord zijn: "Ik was me" (van: 'zich wassen') "Mijn" is een bezittelijk voornaamwoord. Na 'mijn' volgt een zelfstandig naamwoord. Enkele voorbeelden: "Dit is mijn boek". (Boek is zelfstandig naamwoord) "Mijn vader heet Jan." (Vader is zelfstanig naamwoord) Nu een zin waarin ze allebei voorkomen: Het boek is van mij. Het is mijn boek. Als je twijfelt tussen "me/mij" of "mijn" kun je het "twijfelwoord" vervangen door "zijn". Als je het betwijfelde woord kunt vervangen door 'zijn', is het 'mijn' en anders 'me'. Voorbeeld: Het is .... boek. -> Het is zijn boek -> dus ook: Het is mijn boek (en niet 'me boek' zoals we helaas veel te vaak zien, ook hier. Gevolg van slordige uitspraak.)

Me of mij is een wederkerend voornaamwoord. Duidt dezelfde persoon aan als het onderwerp van de zin. Je kunt het zien als 'mezelf/mijzelf'. Ik schaam me(zelf)..... Ik schaam mij(zelf)..........(me/mj wijst naar ik) Mijn is altijd een bezittelijk voornaamwoord. Bezittelijke voornaamwoorden ( mijn, zijn, jouw,hun, onze enz) geven aan van wie iets is Staan altijd vóór het bezit waar ze bij horen; Mijn auto, mijn paard enz. Let op! staat het vnw. áchter het bezit en staat het woord 'van' of 'aan' ervóór, dan is 'mij' een persoonlijk voornaamwoord; Die auto is van mij, Geef dat maar aan mij. Toegevoegd na 3 minuten: Dus bijv. 'die auto is van mij, het is mijn auto.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100