wanneer spreek je over kleren en wanneer over kleding?

je hangt je kleren in de kledingkast. ik heb nog nooit iemand dan horen zeggen in hang mijn kleren in de klerenkast

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Ik heb even het Vandale woordenboek erbij gehaald: kle·ren (de; meervoud; verkleinwoord: kleertjes) 1 aan het lichaam gedragen voorwerpen, m.n. van textiel: dat gaat je niet in je koude kleren zitten laat je niet onberoerd http://vandale.nl/opzoeken?pattern=kleren&lang=nn kle·ding (de; v) 1 kleren http://vandale.nl/opzoeken?pattern=kleding&lang=nn Dus volgens mij is kleding enkelvoudig en kleren meervoudig. Groetjes ;)

Het woord kleding gebruiken we voor kleren in het algemeen, kleren voor een willekeurige verzameling kledingstukken. Soms zijn ze door elkaar te gebruiken, soms ook niet. Vaak is er een voorkeur, waarbij ´kleren´ geld als iets minder formeel dan ´kleding´. Doe effe je vuile kleren in de wasmachine. Wat heb je een leuke kleren aan. Mag ik die kleren een keer van je lenen ? Zorg voor gepaste kleding bij die gelegenheid. Op de modevakschool leer je alles over kleding. Of je mooi bent is niet zo belangrijk, maar je kleding moet wel in orde zijn. Kleren is feitelijk een afgeleide van ' klederen' ; de complete kleding bestaat uit verschillende klederen. We zeggen dan ook niet ' 1 kleer' maar een kleed (Belgisch, al is dat in de praktijk een jurk) of kledingstuk. "Kleding" is geen enkel- of meervoud, maar een verzamelnaam waarvoor je zelden of nooit enkelvoud/meervoud gebruikt, zoals werk, geluk, witgoed, geld, dat type woorden.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100