Draai voor klassieke weergave

Huts a niffauw: wat betekent het? Dit is de betekenis van straattaal

‘Te gek’ en ‘kicken’ waren vroeger de woorden die jongeren spraken. Tegenwoordig is dat wel even anders. Termen als ‘huts a niffauw’, ‘doekoe’ en ‘pattas’, vliegen ons regelmatig om de oren. Waar deze begrippen vandaan komen? Dat verschilt. Het kan een zelfverzonnen woord zijn, een mengelmoes van verschillende talen óf een afkorting van een bestaand woord. In dit artikel vertellen we je alles over de huidige straattaal. 

''Huts a niffauw,'', hoor je regelmatig jongeren zeggen. Maar wat betekent deze term nou eigenlijk? Het woord niffauw is een mix van Engels en Marokkaans. Het woord niffauw is afgeleid voor het Engelse woord neef: ‘nephew’. Deze Engelse term is vervolgens gemixt met de Marokkaanse begroeting ‘ewa’ – een term die veel Marokkanen gebruiken als ze elkaar begroeten. Waar huts precies voor staat, is niet duidelijk te zeggen. De bedenker van de term, de Nederlandse artiest Mouad Loucos, weet het zelf niet eens. Volgens hem heeft eigenlijk niet echt een betekenis en is het meer een stopwoordje: “Bijvoorbeeld als iets lukt: je springt over een slootje en zegt huts. Maar je kunt het gewoon gebruiken wanneer jezelf wil.” En dit doen de jongeren dan ook massaal. De meeste jongeren gebruiken het tegenwoordig om elkaar te begroeten en definiëren het meer als ‘hey vriend of hey maat’. 

Het is niet altijd precies te vertalen, maar wat is straattaal eigenlijk en waar komt het vandaan?

Wat is straattaal?

Je hoort steeds vaker woorden waar je geen idee hebt van wat het betekent. Je hoort dan waarschijnlijk straattaal, een taal die voornamelijk gesproken wordt door jongeren. Volgens het Van Dale woordenboek kun je dan ook straattaal definiëren als: “de informele, van de standaardtaal sterk afwijkende taal, zoals die op straat door met name jongeren gesproken wordt.” 

De straattaal verandert dagelijks en is daarom lastig bij te houden. Door de invloeden van de media, de zelfbedachte termen en de mix van talen die je waarschijnlijk niet eens spreekt, is het logisch dat je de meeste woorden uit het ‘straatwoordenboek’ niet kent. Straattaal is een totaal andere taal dan ons Algemeen Beschaafd Nederlands (ABN).

Straattaal is een mengelmoes van meerdere talen en wordt daarom voornamelijk in meertalige steden gesproken. Meestal zijn de woorden een mix van de Engelse, Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Nederlandse talen. Wat voor straattaal er gesproken wordt, hangt vaak ook af van de locatie: in Amsterdam zijn weer andere woorden in omloop dan in bijvoorbeeld Eindhoven.

Hoe is straattaal ontstaan? 

Het is onduidelijk wanneer en hoe straattaal ontstaan is. Waarschijnlijk eventjes na de Tweede Wereldoorlog, in de jaren ’60 en ’70. Na de babyboom waren er veel ‘opstandige’ jongeren, die het niet eens waren met de bestaande cultuur van toen. Jongeren begonnen steeds meer woorden van elkaar over te nemen en te verdraaien, waardoor de eerste ‘straatwoorden’ ontstonden. De term ‘straattaal’ bestond toen nog niet.

René Appel erkende de straattaal

Naarmate deze nieuwe taal onder de jongeren steeds meer gebruikt werd, vond taalkundige René Appel in de jaren ’90 het de hoogste tijd om deze woorden/taal een naam te geven: straattaal. De media en jongeren namen al snel deze benaming over en tegenwoordig is de term niet meer weg te denken uit ons huidige straatbeeld.

Waarom wordt straattaal gebruikt?

Volgens de Volkskrant is straattaal er om je te onderscheiden en is het is een creatieve, poëtische omgang met de taal. Het is een middel, net als kleding en muziek, om je eigen sociale identiteit te vinden. Sommige jongeren zijn zelfs van mening dat ze zich veel makkelijker kunnen uitdrukken in straattaal dan in hun eigen taal. Hiernaast vinden jongeren het ook gewoon cool of stoer om in straattaal te praten. 

Top 10 straatwoorden in 2020

  1. Lit (Gezellig) – “Mijn verjaardag was lit!” 
  2. Brokko (Stuk gaan, lachen) – “In Carré gaat de hele zaal brokko!”
  3. Swag (Cool, vet) – “Jouw zusje is echt swag!” 
  4. Damsko (Amsterdam) – “Ik woon in Damsko.”
  5. Jaxie (Ajax) – “Ik ben voor Jaxie.”
  6. Akka (Kont) – “Wat heb jij een mooie akka!”
  7. Fissa (Feest) – “Kom je ook op mijn fissa?”
  8. Patta (Schoen) – “Heb je mijn nieuwe patta’s al gezien?”
  9. Barkie (100 euro) – “Ik verdien 1 barkie per dag.”
  10. Loesoe (Weggaan) – “Ik ga loesoe, later!” 

Meer gerelateerde blogs:

Welke straattaal op dit moment actueel is, lees je ook in het artikel 'wat is het nieuwste Woord van het Jaar 2019'.. Ook leuk om te weten is welke films passen bij jouw sterrenbeeld.

Auteur: Ilse Bloemendal