Hoe wordt een wiskundeknobbel en talenknobbel bepaald?

Wie of wat bepaald dat je een wiskundeknobbel hebt of een talenknobbel? En waarom kunnen mensen met een talenknobbel meestal niet goed wiskunde en andersom?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Uit eerder onderzoek is bekend dat de hersenen van wiskundige begaafde kinderen verschillen van die van anderen. Anders dan bij gewone leerlingen blijkt de rechterhersenhelft van wiskundig begaafde leerlingen uitzonderlijk actief bij de verwerking van informatie, zelfs van talige informatie. Verder zijn hersenen van wiskundig begaafde leerlingen in staat hun activiteiten razendsnel te wisselen van links naar rechts en omgekeerd.

Bronnen:
http://www.kennislink.nl/publicaties/waar-...

Er is geen sprake van een knobbel maar vaneen erfelijke aanleg die onder invloed van factoren als goed onderwijs, belangstelling en doordoorzettingsvermogen tot groei kan komen. Je weet van jezelf wel of die aanleg er is. Als die geheel afwezig is, wordt het niets, ondanks goed onderwijs en een motiverende omgeving. Als de aanleg er niet is, is de interesse meestal ook wat minder. Het begint dus met de genen.

Hoeveel procent van de mensen heeft een wiskundeknobbel en hoeveel procent heeft een talenknobbel? Zeg respectievelijk 10 en 25 procent. Dan zal 2,5 procent beide knobbels hebben. Beide zijn dus min of meer zeldzaam, maar niet van elkaar afhankelijk.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100