Waarom hebben lenzen met een grote numerieke apertuur een kleinere lens?

Ik heb een microscoop onderzocht en heb gezien dan de lensopening van een lens die 4x vergroot veel groter is dan die van een lens die 40x vergroot. Volgens de formule NA=n*sinθ zou de numerieke apertuur groter zijn als θ groter is, en hij is dus groter als de lens breder is. Maar toch is de NA van een lens die 40x vergroot groter. Hoe kan dat?

Weet jij het antwoord?

/2500

Omdat de diameter(dikte) van de lens een rol gaat spelen om die vergroting te halen, mede daarom is de olie immersielens ontwikkeld, je zit dan aan de grens van de vergroting van het objectief(de brandpuntafstand kan men niet kleiner maken. Met een sterk vergrotend oculair zit je dan weer met het probleem dat hij bij hogere vergroting te weinig licht kan vangen. Je zit dan echter al met het nadeel dat de golflengte van licht de beperkende factor is.

een aantal dingen hebben daarmee te maken, tegenwoordig zijn kleinere lenzen zo heldeder als je meer gaat vergroten, hoeveel je inzoemd heeft ook met de bolling van de lens te maken en de afstand van het voorwerp en het beeld. en daarbij spelen de brandpunten van en lens een rol.

Aperatuur (Engels: Aperture en wat algemeer Nederlands Diafragma) is een verhoudingsgetal die aangeeft de verhouding tussen het brandpuntsafstand van een objectief en die van de opening waar licht door valt. Die verhouding wordt weergegeven in een 1:x getal (1 op X of 1 gedeeld door X. Afgekort zeg je A=X en vergeet je de 1 gedeeld door-gedeelte. Dit geeft dus aan hoe groter X is, des te geringer de lichtopbrengst is en dus ook de diafragma-opening. Wanneer je een lens heb die meer vergroot (grotere brandpuntafstand), wordt automatisch de lichtopbrengst kleiner en zal de diafragma NOG kleiner worden.

Vanwege de korte voorwerpsafstand hoeft de diameter van de lens niet zo groot te zijn om toch een grote openingshoek op te leveren. NA is een constante * de sinus van halve tophoek van de lichtkegel_.Het gaat om de stompheid van de lichtkegel die de lens in kan. Een 5 maal vergrotend objectief is verder verwijderd van het voorwerp en heeft daarom een grotere diameter nodig om een redelijke NA te geven. Alle objectieven in de microscoop hebben hun beeld in de kijkbuis zodat je het beeld met een oculair kunt bekijken. De voorwerpafstand van een microscoop is dus afhankelijk van de brandpuntsafstand van de objectieflens (1/b is constant).

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100