Hoe zorgden de oudste landplanten voor stevigheid en voor de watervoorziening van alle cellen?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Deze evolutie van planten wordt door de hortus Leiden als beschreven als het vaatbundelsysteem.: Landplanten De tweede grote stap in de evolutie van planten is de overgang van water naar land. De eerste landplanten (Embryophyta) ontstonden uit een van de meercellige takken van de kranswieren. Voor de overgang van water naar land moesten er wel een aantal aanpassingen plaatsvinden. Om uitdroging op het land te voorkomen ontwikkelden landplanten een cuticula, een waslaagje tussen de plant en de buitenlucht. Door dit waslaagje konden planten echter geen gassen meer uitwisselen met de buitenlucht, en daarom ontstonden er in de meeste landplanten ook stomata, zogenaamde huidmondjes. Naast deze twee aanpassingen vond er nog een derde verandering plaats: landplanten gingen zich voortplanten via embryo’s. Mossen zijn de oudste nu nog levende landplanten. Binnen de mossen zijn er drie groepen te onderscheiden, de Levermossen (Marchantiophyta), de Hauwmossen (Anthocerotophyta) en de Bladmossen (Bryophyta). Transport van voedingsstoffen vindt bij mossen plaatst via gespecialiseerde cellen die door de plant heen bewegen. Vaatplanten Uit de eerste landplanten ontwikkelden zich de vaatplanten (Tracheophyta). Dit is de derde grote stap in de evolutie. Binnen deze groep planten ontwikkelt zich een vaatbundelsysteem waardoor water en mineralen sneller door de plant vervoerd kunnen worden dan met het type cellen dat de mossen gebruiken. Ook ontstaan er voor het eerst grote bladeren. Binnen de vaatplanten vallen twee grote groepen, de varenachtigen (Lycophyta) en de varens (Pteridophyta). Opvallend is dat de paardenstaarten (Equisetales) tegenwoordig weer bij de varens horen. Toegevoegd na 1 minuut: De vierde belangrijke stap is de evolutie van zaadplanten. Mossen en vaatplanten verspreiden zich door middel van sporen. Sporen bevatten heel weinig reservevoedsel in tegenstelling tot zaden die veel reservevoedsel bevatten. Dit laatste heeft tot voordeel dat het embryo meteen kan gaan groeien. Zaadplanten hebben naast zaden nog de eigenschap dat ze hout kunnen vormen. De zaadplanten zijn onder te verdelen in twee groepen. De naaktzadigen (Gymnospermen) en de bedektzadigen of bloemplanten (Angiospermen).

Bronnen:
http://www.hortusleiden.nl/index.php/hortu...

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100