Waarom zitten er enorme verschillen in de ontwikkelingssnelheid van kinderen?

De een loopt al met een jaar, een ander praat nog niet als die drie is, sommmigen leren alles snel en anderen leren alles weer traag om op latere leeftijd toch weer op hetzelfde ontwikkelingsniveau uit te komen.

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Waar het ene kind goed in is, is een ander kind weer mee achter. Soms praat een kind heel snel en loopt het nog niet. Een ander kind is weer vroeg zindelijk en praat nog niet. Er zijn maar heel weinig kinderen die in alles heel snel zijn. Ik vind het wel mooi dat ieder kind zich op zijn eigen manier ontwikkelt. De energie wordt op deze manier verdeeld. Het zou teveel energie kosten als een kind direct in alles erg goed moet zijn. Dat vraag je trouwens ook niet. Heerlijk om zo lang mogelijk kind te zijn en niet alles te hoeven kunnen.

het is gewoon een feit dat het ene kind minder snel dingen aanleerd dan de ander... dat kan oorzaken hebben als concentratie verlies etc. maar wat ook een belangrijke factor is de omgeving waarin in een kind opgroeit.

Het komt door de ouders... Praten de ouders vanaf het begin tegen het kind, dan zal het veel sneller zelf gaan praten... Verder is het ook een beetje afhankelijk van de intelligentie van het kind natuurlijk... Je zegt dat trage leerlingen (kinderen) op hetzelfde nivo komen als snelle, ik zie dat niet in mijn ervaring, het LIJKT wel zo, maar is niet juist... De voorsprong die snelle leerlingen (kinderen) hebben wordt NOOIT ingelopen door de trage... Ik zie het althans niet...

Het zal voor een deel genetisch bepaald zijn en er hangt ook veel af van de prikkels die een kind opvangt.Ben je bijvoorbeeld als ouder overbezorgd,dan zal het kind ook een beetje terughoudend zijn om de eerste stappen te zetten terwijl stimulatie weer positief zal blijken te zijn.Je moet natuurlijk niet forceren,geef het kind de tijd voor zijn eigen ontwikkeling.

Elk kind heeft zijn of haar tijd nodig.. Elke volwassene ook trouwens, autorijden, skieën,...de ene heeft het sneller onder de knie dan de andere.. wil dit zeggen dat deze personen 'traag' zijn? neen, intelligente mensen zijn soms ook trager in een bepaalde handeling aan te leren.. en daar gaat het om, die klik, handeling.. Ik geloof dat een kind het eerst moet willen en er zelf klaar voor moet zijn (net zoals zindelijkheidstraining..) Zo zijn er veel kinderen die het wel kunnen maar het niet willen.. vb praten, ze begrijpen wat je zegt, maar kiezen om niet te antwoorden.

Elk kind krijgt te maken met een verschillende vorm van ontwikkeling. Ik zag het bij onze dochter en de dochter van mijn zus. Bijna even oud. De dochter van mijn zus liep met een maand of 13 maar kon pas veel later praten. Onze dochter liep pas met 22 maand (!!) maar kon al wel erg snel verstaanbaar praten. Achteraf gezien weet ik dat onze dochter laat is gaan lopen omdat ze nooit heeft leren kruipen, ze kwam overal al schuivend op haar bips. Onze tweede dochter hebben we wel leren kruipen en kon dus ook veel vlotter lopen en het praten ging ook redelijk maar niet zo vlot als bij de oudste. Ouders, broertjes en zusjes, oppas, chreche, eigenlijk alles maakt het verschil in de ontwikkeling. Maar ook inteligentie en lichamelijke ontwikkeling heeft hier mee te maken.

Dit komt omdat de kinderen allemaal hun eigen unieke ontwikkeling doormaken. Deze ontwikkeling heeft te maken met de omgeving, de erfelijke eigenschappen van het kind en de aanleg en interesse van het kind. Het is een samenspel van al deze factoren. Komt een kind uit een talig gezin en wordt er veel met het kind gepraat, dan is de kans groot dat de taalontwikkeling van het kind snel op gang komt. Heeft een kind als karakter dat het alles zelf wil doen, dan zal het veel eerder zelf leren eten en drinken, zichzelf leren aankleden etc. dan een leeftijdgenoot die het wel prima vindt dat alles voor hem gedaan wordt. Is een kind van nature beweeglijk dan oefent hij zijn motoriek eerder en zal sneller bepaalde motorische handelingen kunnen verrichten dan een leeftijdsgenoot dit tevreden is met om zich heen kijken. Nu kunnen de meeste kinderen wel lopen en praten tegen de tijd dat zij naar de basisschool gaan, maar onderlinge verschillen in bijv. motoriek en intelligentie blijven wel bestaan.

Bronnen:
pedagogische werkervaring

Dit lijkt maar zo. Intern maken de kinderen wel de ontwikkelingen door, maar het ene kind is actiever in het gebruik maken hiervan. Dat heeft veel met belangstelling en soms gemakzucht te maken. De ene groep kinderen is zeer actief en de andere groep vindt het wel best.

Het is een combinatie van aanleg van het kind zelf en de stimulans in de opvoeding. Maar ook het hebben van oudere broers of zussen speelt mee. Een kind doet graag na wat het anderen ziet doen, en dat werkt zeker zo met een oudere broer of zu. Wat die opvoeding betreft: Een kind dat van jongs af aan veel wordt toegesproken, voorgelezen, waartegen wordt gezongen, praat snel. Een kind dat constant heel positief wordt benaderd bij iets nieuws wat hij leert wil daar verder mee (bijv. kruipen) Sommige ouders zijn daar erg mee bezig met hun kinderen, andere ouders vinden dat het kind er uiteindelijk zelf mee komt. Maar bijv. ook bij de zindelijkheidstraining werkt het zo. Wanneer je daar als ouders aandacht aan gaat besteden gaat het sneller. Als je het het kind in eigen tempo laat doen dan duurt het veel langer. Een hoop komen inderdaad wel weer uit op hetzelfde niveau, maar lang niet allemaal. Ons buurmeisje, tevens vriendin van mijn dochter is even oud als mijn dochter (7), maar zij sprak heel laat, en is nog steeds in haar taalontwikkeling achter. Als je ze bij elkaar ziet is mijn dochter ouder in haar doen en laten.

Dat ligt hoofdzakelijk aan het referentiekader van het kind. Referentie kader houd in; dingen die je ziet, meemaakt, ervaart, ruikt, voelt enz enz. Verder heeft de ene een snellere (hersennen) ontwikkeling dan de ander. De hersennen kun je in meerde groepen delen. Denk bijvoorbeeld aan het korte en lange geheugentermijn. Verder wil ik even benadrukken dat je niet per definitie de ouders kunt aanwijzen als reden voor de ontwikkeling van een kind. Natuurlijk hoort de opvoeding van de ouders ook bij het referentiekader, maar sommige ouders hebben ook een tweeling. Die zijn meestal ook heel erg anders. En dat komt dus door het referentie kader. Een baby die probeert te klimmen en valt, zal het niet nog een keer proberen voorlopig. Daarintegen kan zijn tweelingzus of broer niet gevallen zijn en verder klimmen ;)

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100