Waarom leven sommige dieren heel lang (olifant, dolfijn) en andere juist zo kort (hond, kat)?

Toegevoegd na 3 minuten:
Het heeft niet altijd met voortplanting te maken, want een schildpad kan heel oud worden terwijl ze toch ook makkelijk voortplant.

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Blijkbaar is dat een wetmatigheid. Het totale aantal hartslagen in het leven is bij alle dieren min of meer gelijk. Dus hoe sneller de hartslag, hoe korter de levensverwachting.

Kleinere dieren staan meestal lager in de voedselketen en hebben dus meer natuurlijke vijanden. Voor een dier dat geen lang leven is toegedaan omdat het een redelijk grote kans heeft ten prooi te vallen aan een natuurlijke vijand, heeft het evolutionair gezien dus ook geen nut om zo te ontwikkelen dat het lang zal leven. Dieren met weinig natuurlijke vijanden of de intelligentie om langer te overleven, hebben zich evolutionair zo ontwikkelt dat ze ook oud kunnen worden. Daarom zie je ook dat dieren in gevangenschap veel langer leven. Ze leven niet met natuurlijke vijanden in een verblijf, dus worden niet gedood en daarnaast worden ze verzorgd, dus zullen ze minder snel last hebben van ziekte of voedselschaarste. Kleinere dieren die typische prooidieren zijn, bijvoorbeeld de meeste knaagdieren, leven daarom erg kort. Ter compensatie krijgen daarom vaak ook weer een hoop nakomelingen. Onze hond en kat leven gemiddeld jaren langer dan dat ze in de natuur zouden doen. Bij rashonden en raskatten zie je echter wel dat deze minder oud worden. Door het specifiek fokken op bepaalde uiterlijke kenmerken, zijn ook veel erfelijke aandoeningen vaak gekoppeld aan een ras. Toegevoegd na 2 minuten: Reactie op je toevoeging: een volwassen schildpad valt niet snel ten prooi aan een roofdier, de kleintjes echter wel. Daarom krijgt een schildpad wel heel veel nakomelingen. Uit een nest met tientallen of zelfs honderden eieren halen meestal slechts enkele het tot volwassendom.

Er zijn denk ik twee factoren van belang. Grootte, dat is hiervoor al uitgelegd, maar de intelligentie is zeker van belang. Voor intelligentie veronderstel ik dat gedrag in hoge mate is aangeleerd en dat het gedrag daardoor kan zijn aangepast aan hele specifieke omstandigheden. Als een dier overlijdt dan verdwijnt deze kennis. Veel van het aangeleerde gedrag wordt zo aangeleerd door imitatie, en daarvoor is tijd nodig in het gezelschap van ervaren soortgenoten. Zo weten olifanten in droge gebieden precies wanneer er op een bepaalde tijd water te vinden is en ontwikkelen ze routes die hen in staat stellen in dat soort gebieden te overleven. Hetzelfde geldt ook voor andere intelligente dieren, als walvissen, dolfijnen, raven etc., door het ontwikkelen van een bepaalde vorm van cultuur verhogen ze hun vermogen om optimaal van de geboden omstandigheden gebruik te maken. Een voorwaarde daarbij is dan dus wel dat je ervaring zoveel mogelijk behoudt en dat de jonge dieren de tijd krijgen om alle kennis op te doen. De hoge ouderdom van schildpadden heeft echter te maken met hun trage stofwisseling en zoals al in een ander antwoordgezegd de hoge sterfte in het eerste levensjaar. Volwassen dieren zijn betrekkelijk onkwetsbaar en kunnen elk jaar weer proberen nakomelingen voort te brengen.

Persoonlijk denk ik niet dat er een antwoord op je vraag is, maar dat het per diersoort beken moet worden. Iedere diersoort heeft zijn eigen evolutionaire achtergrond en dus eigen manier om te overleven. Het verhaaltje hier boven is wat mij betreft het best uitgelegd, maar ook daaruit blijkt dat er geen standaard is wat dieren betreft. (helaas ben ik nieuw op het forum, dus ik kan je geen +je geven :$)

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100