wat heeft aphelium met de zomer bij ons temaken?

in mijn cursus staat er:
bespreek 2 redenen waarom seizoenen niet ontstaan doordat de aarde dichter of verder komt van de zon
(antwoord:) het is zomer bij ons als de aarde op haar verste stand staat van de zon nl het aphelium.
nu is mijn vraag: is het dan in Australië zomer als de zomer als de zon in perihelium staat?
en de wereld draait toch rond dus zouden wij toch ook zomer moeten hebben want wij passeren toch aan het zelfde punt als australie alleen 12 uur later?

Weet jij het antwoord?

/2500

De aarde is begin juli in aphelium. Bij ons is het dan zomer, in Australië is het dan winter. Maar de hele aarde is natuurlijk in aphelium, dus zowel hier als in Australië is de aarde begin juli in aphelium, terwijl het hier zomer is en in Australië winter. Dat de aarde om haar as draait betekent alleen dat het hier dag is als het daar nacht is, en andersom.  

Bronnen:
http://en.wikipedia.org/wiki/Perihelion_an...

Had dat niet te maken met het feit dat de aarde wat scheef staat ( op haar as ) Zie je als je kijkt naar het verschil in de lengte van de dagen. Een deel van de aarde is langer aan de dagkant dan aan de nachtkant in een bepaald deel van haar jaar. Dat is toevallig in dat aphelium. In mei, juni en juli is de noordelijke helft van de aarde blootgesteld aan directer zonlicht. Want die helft staat 'rechter' naar de zon. ( zie bron ) Dit is ook zo voor de zuidelijke helft in november december en januari. Door die scheefstaande as heeft de zon dus eigenlijk 'beter bereik'. Er is echter een vertraging ( zie het als lag bij een pc ) met de hitte in de maanden. Hierdoor zijn eerder juni, july en augustus de hete maanden. Dito voor de koude maanden die dan eerder december, januari en februari zijn. Ik ga er van uit dat je de 4 seizoenen van de kalender wil gebruiken qua zomer. Want je kan ook uitgaan van het zomerseizoen meer kijken naar verlof van de mensen en de vakantiegangers. Of je kan ook kijken naar ecologische aanduidingen waar er een voorlente en een nazomer is. Misschien zijn er specifiekte termen voor, maar die ken ik niet. Ik probeerde het gewoon simpel uit te leggen. Toegevoegd na 2 minuten: in dat aphelium dat het voor ons de kortste dag is. En toevallig is niet echt het juiste woord. Eerder Het is nu zo dat ...

Bronnen:
http://en.wikipedia.org/wiki/Season#mediav...

De seizoenen worden inderdaad veroorzaakt door de schuine stand van de aardas. Stel je een bundel zonnestralen voor met een vaste diameter. Het doet er niet hoe dik die bundel is, maar zeg: een kilometer doorsnee. Aan de evenaar staat de zon ongeveer recht boven je hoofd, en valt de bundel dus loodrecht op het aardoppervlak. De bundel raakt dan een opppervlak zo groot als zijn doorsnede. Maar omdat de aarde een bol is, komt die bundel aan de Zuid- en Noordpool schuin op het oppervlak van de aarde terecht en beslaat dus een groter gebied. Dezelfde hoeveelheid licht (energie) moet daar dus een groter deel van de aarde verwarmen. Het aardoppervlak aan de polen wordt dus minder verwarmd dan aan de evenaar waar dezelfde hoeveelheid zonlicht geconcentreerd op een kleiner oppervlak valt. Dit komt doordat de aarde een bol is, en geldt ook als de aarde stil zou staan en de aardas ´gewoon´ loodrecht op zijn draaicirkel rond de zon. Maar de aardas staat scheef. In onze winter staat de aarde zodanig ten opzichte van de zon, dat de Noordpool van de zon is weg gekanteld. Vanuit de zon gezien gezien is de kruin van de aarde (de Noordpool) dan net buiten beeld gekanteld. De onderkant van de aarde is naar de zon toegekeerd, zodat die altijd te zien is als je op de zon zou staan. Daar gaat de zon dus niet ´onder´. Een half jaar later staat de aarde aan de andere kant van de zon. Maar omdat de hellingsrichting van de aardas niet verandert, wijst nu de Noordpool naar de zon, en is de onderkant van de aarde (de Zuidpool) van de zon afgewend. Nu is het daar een half jaar donker. Onderweg van winter naar zomer klimt de zon steeds hoger. Dit komt omdat de aarde een cirkel om de zon beschrijft, maar de stand van de aardas hetzelfde blijft. Het lijkt alsof de aarde langzaam kantelt, maar dit komt omdat de scheefstaande aardbol zich langzaam naar de andere kant van de zon begeeft. Gedurende de rondgang om de zon, valt de bundel zonlicht steeds op een ander stukje aarde loodrecht neer. Maar omdat de aarde een bol is, valt die bundel het ene moment op een kleiner (of groter) oppervlak dan op een ander moment. Pak er een globe bij, en dit alles is in 1 oogopslag duidelijk :-)

De seizoenen worden voor het grootste deel bepaald door de schuine stand van de aardas en voor een klein deel door de elliptische vorm van de aardbaan. Omdat het aphelium in de noordelijke zomer valt, is de zomer op het noordelijk halfrond gemiddeld genomen iets minder warm dan op het zuidelijk halfrond, waar de zomer samenvalt met de periheliumdoorgang. Echter omdat de stand van zowel de aardas als de lange as van de aardbaan langzaam verschuift (precessiebewegingen) zal dit niet altijd zo blijven. Over 10.000 jaar is het precies omgekeerd: dan zijn de seizoenen op het noordelijk halfrond extremer.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100