Wanneer zet een locomotief 2 pantografen omhoog in plaats van 1 ?

Locomotief internationale trein kwam hier zojuist binnen met 2 pantografen omhoog, maar liet bij vertrek 1 zakken.

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Een pantograaf heeft twee benen (vierpoot), die onder het rijden altijd evenwijdig blijven, waardoor de stroomdraad onder een constante hoek wordt geraakt. Tegenwoordig zijn de meeste stoomafnemers met slechts een been (tweepoot) uitgerust. Onder andere Italiaanse treinen, Haagse GTL-trams en Duisburgse trams hebben nog steeds tweebeenpantografen.De Haagse GTL trams bezitten 2 stroomafnemers (een voor en een achterop) en worden afwisselend gebruikt om de slijtage gelijkmatig te houden. Bij een gesneuvelde pantograaf kan men dan verder rijden met de andere pantograaf. Het onderdeel dat contact maakt met de rijdraad, wordt schuitje of sleepstuk genoemd. Sommige treinen hebben een stroomafnemer met twee schuitjes. Voorbeelden daarvan zijn de meeste elektrische locomotieven, mDDM en Plan T (zie foto). De uitvoering van het schuitje is afhankelijk van de maximale stoomsterkte. Daarom zijn schuitjes van Nederlandse treinen (lage spanning, dus hoge stroomsterkte) heel wat zwaarder uitgevoerd dan die van Duitse treinen (hogere spanning, dus lagere stroomsterkte). De druk van de stroomafnemer tegen de bovenleiding (rijdraad) mag niet groter worden dan 21 kilogram om beschadiging aan de bovenleiding te voorkomen. Treinen en locomotieven zijn vaak met twee tegengestelde stroomafnemers uitgerust, waarvan er telkens één wordt gebruikt, afhankelijk van de rijrichting. Sommige locomotieven (bijvoorbeeld de NS 1600) mogen namelijk niet meer dan 100 km/h rijden met de voorste stroomafnemer tegen de draad omdat de rijwind de pantograaf anders teveel omhoog stuwt. Met alleen de achterste stroomafnemer omhoog mag wel met volle snelheid gereden worden. Bij het optrekken (als er extra veel stroom nodig is) worden beide pantografen gebruikt. http://nl.wikipedia.org/wiki/Stroomafnemer

De machinist gebruikt voor het wegrijden extra veel stroom . Om een lasboog ( vonk) te voorkomen en om de rijdraad niet overmatig te belasten zijn locomotieven voorzien van een inrichting om tijdelijk bij het wegrijden de tweede pantograaf te gebruiken . Dit geldt alleen voor locomotieven , niet voor treinstellen .

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100