Waar ligt de oorsprong van het denken?

Waar onstaat denken bij een willekeurig persoon

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Ik denk wel eens dat het denken voortkomt uit de complexiteit van de informatie die het brein verwerkt, in samenwerking met de biologische complexiteit van het brein. Of dat wellicht het denken louter het proces van verwerken van informatie is. Op andere momenten denk ik wel dat het denken als zodanig helemaal niet bestaat, maar dat er louter een verwerkingsproces is dat wij abusievelijk als denken ervaren... Ik kan mij in ieder geval niet herinneren wanneer ik voor het laatst niét dacht.

Dat ontstaat altijd en overal in personen, daar kun je niets aan doen, it just happens... Wat je denkt daar ben je niet verantwoordelijk voor, maar wat je er vervolgens mee doet is een tweede... De oorsprong ligt in het zijn van een mens, het hebben van een mensenlichaam, het komt gewoon op, altijd en overal...

Denken ontstaat bij mij in mijn bovenkamertje.

Het denken zit bij mij tussen de oren...

Het experimenteel psychologische onderzoek naar denkprocessen is voor het eerste serieus in Duitsland aangepakt aan het begin van de 20ste eeuw, in de Würzbürger school onder leiding van Oswald Külpe. Ook Otto Selz [1] maakte daarvan deel uit. In dezelfde periode waren ook elders onderzoekers als Robert S. Woodworth (Verenigde Staten) en Alfred Binet (Frankrijk) op hetzelfde terrein werkzaam [2]. Naderhand raakte deze Denkpsychologie (deze term is uit het biografisch werk van Humphrey [3]) wat op de achtergrond. Een opleving vond in Duitsland plaats door het werk van Gestaltpsycholoog Wolfgang Köhler en zijn proeven met apen, Max Wertheimer en in Nederland Adriaan de Groot [4]. Tenslotte gaven in de Verenigde Staten Allen Newell en Herbert Simon [5] een nieuwe impuls aan het onderzoek naar het denken door hun op computerprogrammering gebaseerde theorievorming. Verwant hieraan is het onderzoek naar kunstmatige intelligentie van Marvin Minsky[6] en Feigenbaum en Feldman[7]. Ook vermeld dienen te worden de Zwitser Jean Piaget[8] die vooral werkte vanuit de optiek van de ontwikkelingspychologie, en het baanbrekend werk van Charles Spearman[9] en J.P. Guilford[10] die zich bezig hielden met onderzoek naar menselijke intelligentie.

Bronnen:
wiki

Ik denk persoonlijk in de zintuigen. Zonder dat er informatie binnenkomt kan je denk ik niet denken... En zonder zintuigen... geen informatie.

Je gedachten gaan onafgebroken door, er is geen begin of oorsprong. Alleen ervaren mediteerders kunnen een begin van het denken observeren, voorbij zien gaan.

Dat is al in de prehistorie begonnen, toen mensen gereedschappen gingen maken van materialen die ze kinden vinden in de omgeving. De mensen hadden toen al bepaalde doelen voor ogen, en hebben zichzelf bedacht dat dat beter ging met bepaalde voorwerpen, waarvan ze zelf hebben moeten bedenken hoe deze het er het beste uit konden zien en van welk materiaal ze konden zijn. Denken moet dan gezien worden als het vermogen om een idee of een voorstelling te kunnen vormen. Als je per persoon kijkt dan begint dit proces al ergens vanaf het eerste levensjaar. Kleine peutertjes hebben nog geen beseg van later en vroeger, maar ze beginnen wel met de eerste experimenten van het vormen van een idee: bv zo'n bal met gaten in verschillende vormen, waarvan die kinderen door experimenteren leren welk blokje in welk gat past. Ze leren ook torentjes bouwen en komen zelf op het idee de blokjes op elkaar te zetten.