Wat betekent vegetarisme voor een Boeddhist?

Ik ben zelf vegetarisch in het kader van live and let live, geïnspireerd door Buddha. Wat hij wel heeft gezegd volgens mij, is dat je vlees mag eten als het dier niet speciaal voor jou geslacht is. Wat zijn verder de richtlijnen omtrent vegetarisme binnen het Boeddhisme?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Niet alle Boeddhisten zijn strikt vegetarisch. De twee hoofdstromingen stellen zich anders op hierover: het Theravada staat vleeseten wat eenvoudiger toe dan het Mahayana waar het Bodhisattva-ideaal een belangrijke rol speelt. Maar ook binnen het Mahayana is vegetarisme vooral beperkt tot de monastiek. Het Boeddhisme nodigt je uit om je leven te leiden met de juiste intentie. En om voor jezelf uit te maken wat die juiste intentie is. Als het besparen van leed (wat wat anders is dan het opheffen er van) een belangrijke drijfveer voor je is, is vegetarisme wellicht een logisch gevolg. Maar zelfs de Dalai Lama eet af en toe vlees, zeker als dat 'nodig is' om aan te sterken na een periode van ziekte bijvoorbeeld. Daarnaast eten ook kloosterlingen vlees als ze dat is gegeven. En dat heeft dan meer te maken met het gunnen van 'geven' aan de gever, dan met het eten van vlees. Zoals vrijwel alles bij het Boeddhisme: ook vegetarisme is een zaak van jezelf en voor jezelf en door jezelf voor alle levende wezens.

Vegetarisme is de voedingswijze die zich kenmerkt door "het niet eten van vlees, vis, schaaldieren en gevogelte"[1]. Sommigen nemen deze definitie strikter en beschouwen vegetarisme als de voedingswijze waarbij men alleen plantaardig voedsel tot zich neemt. Mensen die deze voedingsregel in de praktijk brengen, worden aangeduid als "vegetariërs". Vegetarisme is afgeleid van het Latijnse vegetus, wat "levendig" betekent

De Boeddha heeft geen bepaalde voeding voorgeschreven. Wat belangrijk is om te weten, is dat de Boeddha begeerte aanwijst als de hoofdoorzaak van het lijden (en dus ook van diverse problemen, mentaal en fysiek). Wellicht zul je begrijpen dat wanneer iemand erg zintuiglijk is (begeerte), dat die persoon zich snel zal laten verleiden door allerlei lekkernijen. Ik bedoel hier vooral het ongezonde eten dat vooral tegenwoordig vaak wordt aangeboden. Wanneer je daar vaak aan toegeeft, is de kans groot dat je steeds minder van het gezonde eten gaat genieten. Oplettendheid is een belangrijk gegeven in de boeddhistische Leer. Vooral ook de oplettendheid m.b.t. wat jezelf doet. Oplettendheid (ook wel indachtigheid genoemd) (sati) is het kardinale startpunt voor alle goede dingen. Oplettendheid is de voorwaarde voor een, in elk opzicht, kwalitatief leven. Je gaat meer van jezelf houden waardoor je vanzelf op een natuurlijke en ongedwongen manier doet wat goed voor je is. Het is dan heel vanzelfsprekend dat je dan kiest voor gezond en gevarieerd eten, niet roken, geen alcohol, meer bewegen, je gaat vaker de natuur in, etc. Ik kan mezelf niet meer herinneren dat ik ziek was, maar het is zeker meer dan 25 jaar geleden. Ik ben er vast van overtuigd dat ik dat te danken heb aan het feit dat ik het boeddhistische pad praktiseer. Zoals gezegd is, naast een goede voeding, de oplettendheid een zeer belangrijke basis voor een gezond leven.

Bronnen:
http://www.sleuteltotinzicht.nl/hlp012.htm...

Ik kan hierbij alleen voor mezelf spreken: ik probeer te leven volgens het boeddhistische (bodhisatva) ideaal van het zoveel mogelijk verminderen van het lijden van álle levende wezens. Het niet eten van vlees is daar voor mij een logisch uitvloeisel van. Niet dat ik een soort heilige ben die nooit leed veroorzaakt, maar het lijkt me duidelijk dat je in ieder geval mínder leed veroorzaakt als je geen vlees eet dan als je wel vlees eet. Overigens gaat het idee "het mag als het niet speciaal voor jou is geslacht" in de huidige markt niet op. Het vlees in de supermarkt is niet 'speciaal voor mij' geslacht, maar door het te kopen, draag ik bij aan de vraag naar vlees, wat leidt tot het fokken en slachten van meer dieren.

Boeddhisten zijn naar mijn ervaring niet vegetarisch. Ik heb lange tijd in Dharmsala gezeten en ook in Sri Lanka. Ik neem aan de de Boeddha ons voorhoudt dat het de natuur der dingen is dat dieren gedood en opgegeten worden, ook zonder de mens, en dat daarom mededogen vereist is, geen medelijden. Toen ik als vegetarier mezelf superieur ging voelen t/o niet vegetariers dwong mijn leraar me af en toe niet vegetarisch te eten. Maar van varken blijf ik altijd af.

Weet ik niet. Ik eet vegetariërs

Heeft te maken met yoga-oefeningen. Het gaat om puur lichamelijke conditie. Op een of andere manier wisten bodhisattva's hun lichamelijke processen te beheersen. Om meditatie's te kunnen verdiepen zijn er speciale techniken ontwikkeld. Zo is vegetarische dieet een deel van deze technieken.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100