is er een verhaal in de bijbel waarin een zieke baby dood gaat en god hem weer tot leven wekt?

ik hoop graag antwoord te krijgen

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Het antwoord van Lies vertelt al heel veel over wat oudere kinderen. Ik vond nog een ander voorbeeld wat betrekking heeft op baby’s. Het gaat over het verhaal van koning Herodes de Grote. Hij zond de astrologen uit het Oosten die naar de pasgeboren „koning der joden” kwamen informeren, naar Bethlehem om het kind voor hem op te sporen. Hij beraamde plannen om Jezus, de zoon van de joodse maagd Maria, te doden. Nadat zijn sluwe pogingen om te weten te komen waar de toekomstige „koning der joden” zich bevond, waren verijdeld, zond hij zijn soldaten eropuit en liet hij alle jonge kinderen van twee jaar oud en daaronder doden. Het geweeklaag van de diepbedroefde moeders in en om Bethlehem werd in de bijbelse profetie voorzegd, maar er werden ook troostrijke woorden in verband met de opstanding aan toegevoegd. De evangelieschrijver Matthéüs vertelt ons: „Toen werd vervuld hetgeen door bemiddeling van de profeet Jeremia was gesproken, die zei: ’Een stem werd gehoord in Rama, geween en veel geweeklaag; het was Rachel, die weende om haar kinderen, en zij wilde zich niet laten troosten, omdat zij er niet meer zijn’” (Matth. 2:1-18). Maria bevond zich echter niet onder de moeders die weenden en weeklaagden, daar zij met het kind Jezus was ontkomen en naar Egypte was gegaan om daar tot de dood van Herodes te blijven. Voor die diepbedroefde moeders was de zaak echter niet volkomen hopeloos. De profetie van Jeremia, waaruit Matthéüs zijn aanhaling deed, luidde verder: „Dit heeft God gezegd: ’„Weerhoud uw stem van wenen en uw ogen van tranen, want er bestaat een beloning voor uw activiteit”, is de uitspraak van Jehovah, „en zij zullen stellig uit het land van de vijand terugkeren”’” (Jer. 31:15, 16). Door de manier waarop Matthéüs onder inspiratie Jeremia’s profetie toepaste, zou het „land van de vijand” niet het oude Babylon uit Jeremia’s tijd zijn. Het zou het land zijn waaraan de vijand, Herodes de Grote, zijn onschuldige slachtoffers vroegtijdig had overgeleverd, het land van de dood. De dood wordt ook een „vijand” genoemd, want in 1 Korinthiërs 15:26 lezen wij: „Als laatste vijand wordt de dood tenietgedaan.” Zelfs de gestorven zuigelingen en onschuldige jonge kinderen zullen dus een opstanding krijgen.

Een baby wordt volgens mij niet genoemd, maar het kan zijn dat me dat ontschoten is. Wel staan er verhalen in de bijbel over opwekkingen uit de dood van kinderen. In het boek 2 Koningen staat de geschiedenis beschreven van de profeet Elisa, die een jongen opwekt uit de dood. Er staat niet bij hoe oud het kind is, alleen dat hij "opgroeide" en niet goed werd toen hij bij zijn vader op het veld aan het kijken was terwijl die daar werkte. Dan moet hij dus minstens een paar jaar oud geweest zijn. In hoofdstuk 4 staat: "Toen Elisa zelf bij het huis aankwam, zag hij de jongen dood op zijn eigen bed liggen. Hij ging de kamer binnen en sloot de deur achter zich. Toen bad hij tot de HEER. Daarna liep hij naar het bed toe en ging boven op het kind liggen, met zijn mond op zijn mond, zijn ogen op zijn ogen en zijn handpalmen op zijn handpalmen. Zo bleef hij over het kind uitgestrekt liggen tot het lichaam weer warm werd. Toen kwam hij overeind, liep door de kamer heen en weer, en strekte zich nogmaals over het kind uit. Uiteindelijk niesde de jongen wel zeven keer, en opende zijn ogen." Een andere bekende gebeurtenis is de opwekking uit de dood van het dochtertje van Jaïrus. Dat meisje was 12, staat er. Het citaat is uit Lucas 8: "Nog voor hij uitgesproken was, kwam er iemand uit het huis van Jaïrus tegen de leider van de synagoge zeggen: ‘Uw dochter is gestorven. Val de meester niet langer lastig.’ Maar Jezus hoorde het en zei: ‘Wees niet bang, maar geloof, dan zal ze worden gered.’ Toen hij bij het huis kwam, stond hij niemand toe om met hem naar binnen te gaan behalve Petrus, Johannes en Jakobus, en de vader en moeder van het meisje. Alle aanwezigen waren aan het weeklagen en sloegen zich van verdriet op de borst. Hij zei: ‘Houd op met klagen, want ze is niet gestorven maar slaapt.’ Ze lachten hem uit, omdat ze wisten dat ze gestorven was. Hij nam haar hand vast en zei met luide stem: ‘Meisje, sta op!’ Haar levensadem keerde terug en ze stond meteen op. Hij gaf opdracht haar iets te eten te geven."

Bronnen:
www.biblija.net