Kan ik gebruik maken van de zelfverdediging enkel als het vluchten niet kan?

Stel dat ik op straat lastiggevallen en vervolgens geslagen word. Mag ik volgens de wet terugslaan? Of mag het enkel als ik niet kan vluchten?

Weet jij het antwoord?

/2500

Voor een geslaagd beroep op de strafuitsluitingsgrond noodweer geldt inderdaad de eis van de subsidiariteit. Er moet redelijkerwijs geen andere mogelijkheid zijn dan geweld toe te passen. Alleen als het echt niet anders kan, mag je jezelf met gepast geweld verdedigen tegen de ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding van lijf, eerbaarheid of goed. Als je redelijkerwijs de mogelijkheid had tot vluchten, zal een beroep op noodweer in beginsel dus niet slagen. Toegevoegd na 5 minuten: De situatie die jij beschrijft is meer een wraakactie dan een verdediging. "Jij slaat mij, ik sla jou. Oog om Oog, tand om tand". Dat heeft de wetgever niet onder noodweer willen laten vallen.

Zolang men de mogelijkheid heeft (en ook onderkent of beseft) om te vluchten voor het geweld, dient men van deze gelegenheid gebruik te maken, kortom te kiezen voor vluchten. Alleen als die mogelijkheid er niet is mag men overgaan tot zelfverdediging. De toegepaste verdediging moet het minst ingrijpende (minst strafbare) alternatief en redelijk zijn. Maar dat men alleen niet strafbaar is als men gebruik maakt van zelfverdediging als vluchten niet meer kan, is een beetje kort door de bocht. Zelfverdediging kan in het strafrecht vallen onder ‘noodweer’ – voor eigen rechter spelen omdat het niet anders kan - of ‘noodweerexces’ – voor eigen rechter spelen omdat men op dat moment geen andere mogelijkheid ziet, terwijl deze er wel is. Voor noodweer gelden twee eisen: nl subsidiariteit én proportionaliteit (dus niet alléén subsidiariteit). Het subsidiariteitsbeginsel in het recht is het beginsel waarbij het lichtste middel eerst moet worden ingezet om het doel te bereiken. Het proportionaliteitsbeginsel betekent dat men niet verder gaat dan nodig is. Kort samengevat: als één vuistslag genoeg is, geef er dan geen twee. De theorie is duidelijk maar in de praktijk laat het besluitvormingsproces meestal geen ruimte om een tegenreactie weloverwogen te overdenken. Bedreiging kan tot hevige emoties leiden waarbij het moeilijk is om rustig en rationeel te reageren. Mogelijk dat men vanuit een impuls iets doet dat de grenzen van de noodzakelijke verdediging overschrijdt. De dader (in dit geval degene die zich heeft verdedigd) kan een beroep doen op ‘noodweerexces’. Hij kan zich dan beroepen op een (niet ‘de’) strafuitsluitingsgrond, de rechtvaardigingsgrond (hetgeen betekent dat de dader wel een strafbaar feit heeft gepleegd maar deze gedraging niet langer in strijd is met de wet). Het kan dus voorkomen dat het beroep op noodweer faalt (vluchten of anderszins was nog mogelijk) maar het beroep op noodweerexces wél opgaat, ondanks dat de grenzen van de redelijkheid zijn overschreden.

Bronnen:
https://www.noorlandjuristen.nl/Strafrecht...
https://www.strafrechtadvocatennetwerk.nl/...

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100