Waar gaat het Zweiter Merseburger Zauberspruch over?

Het staat overal op internet, maar ik kan de betekenis maar niet achterhalen.

Weet jij het antwoord?

/2500

De tweede Merseburger toverspreuk gaat over de genezing van een paard door middel van een spreuk. Het eerste epische deel wordt verschillend geïnterpreteerd afhankelijk van hoe men Phol en Balder/balder leest: enerzijds zien sommigen Phol en Balder beide als eigennamen en als twee verschillende namen voor dezelfde persoon en lezen dat Balders paard gewond raakt. Anderen zien Phol als de naam van het paard van Wodan en balder als een ander woord voor "god" en menen dat Wodans paard verwond raakt. Duidelijk is in elk geval dat op weg naar het bos (zi holza) de voet van een paard gewond raakt. Hierop heffen verscheidene personen een zang aan om de wond te genezen. Men is het eens over de identificatie van „Uuôdan“ met Wodan en „Frîia“ met Frige, de vrouw van Wodan. Bij de andere namen, Sinhtgund (door Grimm abusievelijk als Sinthgunt gepubliceerd), Sunna/sunna, Volla/volla is het niet eens duidelijk of dit namen van goden zijn, omdat er voor hun vertaling verschillende interpretaties bestaan. Sunna en Volla worden wel gerelateerd aan de Noordse godinnen Sunna en Fulla. Toegevoegd na 56 seconden: Phol en Wodan reden naar het bos. Toen raakte de voet van het veulen van Balder/de god gewond. Toen zong Sinhtgunt tot hem (nl. de voet), Sunna haar zuster; Toen zong Frija tot hem, Volla haar zuster; Toen zong Wodan tot hem, zoals hij goed kon. Als botkwetsuur, als bloedkwetsuur, als ledemaatkwetsuur: bot tot bot, bloed tot bloed, lid tot ledematen: als gelijmd laten ze zijn.

Bronnen:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Merseburger_...

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100