Wat is het verschil tussen who en whom?

Ik heb volgende week een Engels toets maar kom er niet achter wat het verschil is tussen who en whom. Het heeft iets te maken met voorzetsels en do, does did.

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Zonder kennis van ontleden wordt dat lastig maar ik ga ervan uit dat je die kennis wel hebt. who : onderwerp ("nominatief") whom : meewerkend voorwerp en lijdend voorwerp ("datief" en "accusatief") Na voorzetsels is het ook 'whom'. "Who was there?" ('Who' is hier onderwerp) "Whom did you see?" ('You' is hier onderwerp, 'whom' lijdend voorwerp) "To whom were you talking?" ('You' is hier onderwerp, 'whom' meewerkend voorwerp) Ook deze kwam ik tegen: "Een truc: bedenk een passende zin bij de zin die je probeert te schrijven. Als je in die zin 'he' gebruikt dan is het 'who'. Als je 'him' gebruikt dan is het 'whom'. Dus: Who do you think did it? I think HE did it. Whom shall we invite? I think we should invite HIM. Komt uiteraard op hetzelfde neer als het bovenstaande. * Who - Subject of Verb - The word 'who' can only be used when it is the subject of a verb. (Het woord 'who' kan alleen gebruikt worden als het het onderwerp is bij een werkwoord) Examples: Who paid for the meal? ("Who" is the subject of the verb "to pay".) I have not seen the man who lives in the hut by the beach for a week. ("Who" is the subject of the verb "to live".) I wonder who is in charge. ("Who" is the subject of the verb "to be"; i.e. "who is".) * 'Whom' is never the subject of a verb. ('Who', on the other hand, is always the subject of a verb.) ('Whom' is nooit het onderwerp van een werkwoord, 'who' altijd) Examples: You sat by whom all night? (In this example, "whom" is not the subject of any verb. "You" is the subject of "to sit".) Claire saw whom yesterday? (In this example, "whom" is not the subject of any verb. "Claire" is the subject of "to see".) * Na voorzetsels is het ook 'whom'. (Prepositions are words like to, with, by, on, in, near.) You have a child by whom? (by - preposition) With whom did you see Janice? (with - preposition) That is the lady to whom I made the promise. (to - preposition) That is the lady whom I made the promise to. (This is similar to the example above. )

Who is subjectief= onderwerp Whom is objectief= lijdend voorwerp. Bij het onderwerp vraag je 'wie' en bij het lijdend voorwerp vraag je meestal 'wat' ( doet het onderwerp) Trucje; bedenk een passende zin die je probeert te schrijven. Als je in die zin 'hem' gebruikt is het 'whom' en gebruik je 'hij' dan is het 'who'. Dus; "Who do you did it?" I think HE did it. "Whom shall we invite?" I think we should invite HIM. Toegevoegd na 1 minuut: correctie; who do you think, did it?

Simpel gezegd(ik ga ervan uit dat het niveau niet te moeilijk is aangezien je helemaal geen clou hebt): Who is onderwerp, Wie deed dat? Hij Whom is lijdend voorwerp. Aan wie je dat gaf. Whom you gave it to. Als je he/hij kan zeggen voor "wie" dan is het who. Als je him/hem kan zeggen voor "wie" dan is het whom. You gave it to whoM? I gave it to hiM! Er zullen vast nog ingewikkeldere regels aan vast kleven, maar als je dat door hebt kom je een eind.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100