wanneer gebruik je u en waneer uw?

ik moet een formele brief schrijven wanneer moet ik u en wanneer moet ik uw gebruiken?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

'U' is het persoonlijk voornaamwoord, 'uw' is het bezittelijk voornaamwoord. Een voorbeeld is misschien helderder. 'U' is vergelijkbaar met 'jij' (of met 'hij'). 'Uw' is vergelijkbaar met 'jouw' (of met 'zijn').   Toegevoegd na 3 minuten:   Nog een voorbeeldje: --  U/Uw bent u/uw sleutels vergeten. Vervang u/uw door jij/jouw: --  Jij bent jouw sleutels vergeten. (Want: 'Jouw bent jij sleutels vergeten', daarvan zie je direct dat het fout is.) Nu terug naar de zin: --  'Jij' (zonder 'w' aan het einde) is vergelijkbaar met 'u' (ook zonder 'w' aan het einde), dus het eerste woord wordt 'U', en niet 'Uw'. --  'jouw' (met 'w' aan het einde) is vergelijkbaar met 'uw' (ook met 'w' aan het einde), dus het derde woord wordt 'uw', en niet 'u'. De juiste spelling is dus: --  U bent uw sleutels vergeten.  

"u" wordt gebruikt als onderwerp, lijdend voorwerp en meewerkend voorwerp. ( u geeft mij die vaas, ik geef u aan die vaas, ik geef die vaas aan u) "uw" wordt gebruikt als bezittelijk voornaamwoord. (ik geef uw vaas aan u)

u is als je direct iets over de persoon bedoel, mag ik u wat vragen? en uw is als je indirect iets over de persoon bedoeld met behulp van een voorwerp mag ik uw fiets lenen?

"U" wordt gebruikt als beleefdheidsvorm van jij je. Tegen een koning(in) zeg je "U" en tegen je vrienden zeg je, jij, je, gij ge. "Uw" wordt gebruikt wanneer het over iemand zijn zijn bezit (letterlijk en figuurlijk)gaat. Robby BB

Als je twijfelt, probeer dan of je het woord kunt vervangen door het bezittelijke voornaamwoord 'zijn'. Lukt dat, dan is het 'uw'. Lukt dat niet, dan is het 'u.' Ik heb ... gezien. -> Ik heb zijn gezien. Nee, dat kan niet. Dus -> Ik heb u gezien. U hebt ... boek hier laten liggen. ->. U hebt zijn boek hier laten liggen. Ja, dat kan. Dus ook -> U hebt uw boek hier laten liggen. U hebt ... vergist. -> U hebt zijn vergist. Nee, dat kan niet. Dus: U hebt u vergist. Graag zien we ... reactie binnen een week tegemoet. -> Graag zien we zijn reactie binnen een week tegemoet. Ja, dat kan. Dus ook -> Graag zien we uw reactie binnen een week tegemoet. Voor de liefhebbers: waarom heb ik nu net het woord 'zijn' genomen? Een voorbeeld zal het duidelijk maken: Hij = persoonlijk voornaamwoord als onderwerp Hem = persoonlijk voornaamwoord in de voorwerpen (lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp) Zijn = bezittelijk voornaamwoord Zich = wederkerend voornaamwoord Dit is het enige woord, dat bij alle 4 bovenvermelde woordsoorten anders is. Bij (ik noem maar wat) het woord 'ons' gaat dat niet op. In de zin: 'We hebben ons vergist" is 'ons' wederkerend voornaamwoord. In de zin: "Hij heeft ons gezien" is 'ons' persoonlijk voornaamwoord. Hetzelfde woord dus maar een andere woordsoort. Daarentegen: "Hij heeft zich vergist" en 'Hij heeft hem gezien". Verschillende woorden voor verschillende woordsoorten.

Wat een moeilijk gedoe hier boven, laten we het simpel houden! U als je hem/haar aan spreekt, heb je / heeft u Uw als het van jou is (net als jou en jouw), jouw boek / uw boek

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100