Hoe weet je of een zelfstandig naamwoord ook een vrouwelijke versie heeft? Of hoe bepaal je zoiets? Zoals schoonmaakster bij schoonmaker.

Je hebt schoonmaker en mijn vrouw is een schoonmaakster.

Maar.

Tevens ben ik een dokter en mijn vrouw is ook een dokter.


In voorbeeld 1 zie je dat het zelfstandig naamwoord ook een vrouwelijke versie heeft, terwijl in voorbeeld twee in beide situaties het woord gelijk blijft.

Hoe weet je wanneer een woord een vrouwelijke versie heeft en hoe bepaal je wat die wordt?

Weet jij het antwoord?

/2500

Dat weet je (als Nederlands niet je moedertaal is) niet. Het is een kwestie van weten of leren. Zijn secretaresses altijd vrouwen? De naam van het beroep doet vermoeden van wel, maar de praktijk leert anders. Omgekeerd zijn kappers, directeuren, ministers en artsen niet altijd mannen. Voor lang niet alle beroepen bestaan aparte, geslachtsgebonden benamingen. Waarom eigenlijk niet? Vorige maand hadden we het hier ook al over verschillen tussen het benoemen van mannen en vrouwen, toen vooral bij brieven en in namenlijsten, al kwamen de beroepsnamen even voorbij. Deze week is het Secretaressedag: tijd voor een bloemetje, en voor de vraag 'Is elke secretaresse een vrouw?' Nee natuurlijk, al lang niet meer, ook al heeft de naam van het beroep nog wel een vrouwelijke vorm - ook andere woorden die eindigen op -esse, zoals eigenaresse en maîtresse, duiden vrouwen aan. Coördinator Bij veel beroepen bestaan er aparte benamingen voor vrouwen en voor mannen die dat beroep uitoefenen: kapper - kapster, leraar - lerares, schrijver - schrijfster, coördinator - coördinatrice. Maar lang niet alle vrouwen stellen het (nog) op prijs om met die vrouwelijke vorm aangeduid te worden: ze vinden het niet van belang dat hun geslacht benadrukt wordt, de vrouwelijke variant heeft minder status, of ze vinden dat mensen maar eens van het idee af moeten dat alle coördinatoren mannen zijn. Minister Maar niet alle beroepen hebben aparte mannelijke en vrouwelijke vormen. Van arts, minister, matroos en deejay bestaan geen pendanten als artse, ministerin, matroze of deejayster. De naam die van oorsprong alleen voor mannen werd gebruikt - omdat vrouwen vrijwel niet werkten in dit soort beroepen - wordt tegenwoordig ook voor vrouwen gebruikt. En eigenlijk doet niemand daar moeilijk over: naar vrouwelijke alternatieven wordt nauwelijks gezocht. Caissière Het omgekeerde komt weinig voor: vrouwelijke beroepsnamen worden zelden ook voor mannen gebruikt. Niet alleen de secretaresse, maar ook de caissière is altijd vrouwelijk. Haar mannelijke collega wordt kassabediende of kassamedewerker genoemd. Een kassier werkt bij een financiële instelling. Nu gebeurt het natuurlijk wel vaker dat een 'typisch vrouwenberoep' vermannelijkt, maar meestal verandert de naam dan ook: de verpleegster werd verpleegkundige, de vroedvrouw werd verloskundige (of een enkele keer vroedman). Ook hier geldt weer: de neutrale vorm wordt voor zowel mannen als vrouwen gebruikt. Lees verder in de bron

Bronnen:
http://www.onzetaal.nl/een-bloemetje-voor-...

Van oudsher was het gebruikelijk dat de mannen het beroep uitvoerden, de vrouwen namen de gezinstaak op zich. Waren er al beroepen die door vrouwen werden uitgevoerd, dan waren het meestal verzorgende beroepen en die kregen dan ook een vrouwelijke beroepsnaam zoals vroedvrouw, kapster, werkster, lerares enz. het is nog steeds gebruikelijk om voor deze beroepen een vrouwelijke vorm te kiezen. Voor veel mannelijke beroepsnamen bestaat er geen vaste vrouwelijke vorm. Dit geldt met name voor hogere functies en voor een aantal technisch-industriële beroepen die traditioneel mannen beroepen waren. Een kapper, leraar en bijv.redacteur hebben hetzelfde vak als de vrouwelijke equivalent maar een secretaresse staat wel lager in functie als de secretaris, hoewel het beiden administratief werk is. Een secretaresse is meer assistente van de baas, terwijl de secretaris meer zelfstandig de administratie uitvoert. Ook vrouwen met een creatief beroep gebruiken meestal de vrouwelijke vorm van een beroep zoals; kunstenares, schrijfster of actrice. In de sportwereld worden vrouwen eigenlijk altijd al zwemster, handbalster of tennister genoemd. Er zijn twee dingen die de vervrouwelijking van beroepsnamen tegenhoudt. Ten eerste bestaat er niet altijd een vrouwelijke vorm van een beroep. Denk aan beroepen als arts, minister, manager of deejay. Een boerin wil eveneens nog niet zeggen dat zij dit beroep uitoefent, zij kan ook de vrouw van de boer zijn. Ten tweede staan veel mensen die op management niveau werken niet positief tegenover een vervrouwelijking van beroepsnamen. Vrouwen willen juist vaak een functienaam die precies gelijk is aan die van hun mannelijke collegae. Ze hebben vaak moeten vechten voor posities die voorheen alleen door mannen werden ingevuld. Nu ze die titel eenmaal hebben, willen ze die niet meer afgeven. Zo roept een directrice direct associaties op met een school/verzorgingstehuis dan met een bedrijf. In dit geval daalt de waarde van de functie in de ogen van velen. M.a.w. slechts in weinige gevallen bestaat er een echt gelijkwaardige vrouwelijke tegenhanger van de mannelijke beroepsnaam.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100