Waarom begonnen mensen in West-Europa met landbouwontginningen in de elfde en twaalfde eeuw en wat waren de gevolgen daarvan?

Toegevoegd na 4 minuten:
Heeft iemand ook een voorbeeld van een stadstaat/stad/streek waar dit gebeurde?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Het ontstaan daarvan kan al enige tijd daarvoor worden waargenomen worden. In het eenheidsrijk van de Frankische koning Karel de Grote (742-814) bloeit de Noordzeehandel en ontstaan grote netwerken in het achterland langs de Rijn. Dorestad wordt daarbij een centrale overslag- en handelsstad. De toenemende welvaart en bevolkingsgroei leidt tot landontginningen en andere innovaties in landbouw en techniek. Een consequentie van de toename van de bevolking was dat in de Karolingische tijd de omvang van het boerenbedrijf en van de nederzettingen groeide. Men begon met het ontginnen van kleigebieden (kwelders en rivierdalen), waar nieuwe nederzettingen werden gesticht. Ook werd vanaf de 8ste eeuw een nieuw ploegtype geïntroduceerd en begon men met plaggenbemesting om uitputting van de grond tegen te gaan. Het surplus dat geleidelijk aan in de landbouw ontstond, maakte het mogelijk dat een toenemend aantal mensen zich met andere werkzaamheden kon gaan bezighouden, zoals de beoefening van ambachten en het drijven van handel. Ook de opkomst van kloosters bevorderde de landontginningen. De kloosters waren veelal gevestigd in onherbergzame streken, zodat de monniken zich met zwaar handwerk moesten bezighouden om te kunnen overleven. Er werd land ontgonnen. De kloosters groeiden uit tot succesvolle boerderijen, schapenfokkerijen, bierbrouwerijen enz. Monniken van de Abdij Onze-Lieve-Vrouw Ten Duinen te Koksijde en de Abdij van Boudelo te Klein-Sinaai hebben bijvoorbeeld grote delen van het Land van Hulst in Zeeuws-Vlaanderen ingepolderd. http://www.rmo.nl/onderwijs/museumkennis/verhalen/archeologie-van-middeleeuws-nederland

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100