Hoe wordt het percentage van het bijzonder tarief berekend?

In de tabel in de link wordt een tarief genoemd van bijvoorbeeld -2,66% en +3,31% voor inkomens tot en vanaf € 21.044.
De percentages zullen een afgeleide zijn van de arbeidskorting en algemene heffingskorting die voor lagere bedragen zijn aangeven als het percentage van arbeidskorting van 4,58% en 28,8%. Deze laatste percentage zijn dus nog wel te herleiden. Maar hoe zijn de percentages daarna tot stand gekomen?
https://www.nibud.nl/consumenten/vakantiegeld-hoeveel/#:~:text=Vanaf%2068.508%20euro%20is%20het,Dit%20wordt%20bijzonder%20tarief%20genoemd.
De -2,66 is bij nader inzien ook afgeleid van de arbeidskorting. Blijft staan de +3,31%. Mogelijk is die afgeleid van de arbeidskorting van -2,66 + 5,977 van de algemene heffingskorting (per saldo +3,31%?

Toegevoegd op 13 mei 2021 09:35: omschrijving

Weet jij het antwoord?

/2500

Het NIBUD had beter de berekeningsregels kunnen geven voor de heffingskortingen uit artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001 (algemene heffingskorting) en artikel 8.11 Als je kijkt op de jaaropgave dan zie je ook maar 1 bedrag aan loonheffing staan. Ik vind die tabel geen inzicht geven. Stel: er is in 2021 alleen maar een inkomen uit loondienst, zeg een fiscaal loon van eur 30.000. Berekende inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen is dan 37,10% over eur 30.000 ofwel eur 11.130. Daar gaat de arbeidskorting op in mindering. Die is eur 3.837 + ((30.000 -/- 21.835) * 2,663%) = eur 4.055. En de algemene heffingskorting: Eur 2.837 -/- ((30.000 -/- 21.043) * 5,977%) = eur 2.300. Totaal van de heffingskortingen eur 6.355. Te betalen belasting: 11.130 -/- 6.355 = eur 4.775. Het percentage van 6 procent verderop in de tabel is te verklaren. De algemene heffingskorting wordt afgebouwd met 5,997% van het belastbare inkomen uit werk en woning boven 21.043%. Als je een belastbaar inkomen van eur 68.508 of meer, bestaat er geen recht meer op deze korting. (68.508 -/- 21.043) * 5.977% = eur 2.837. Blijft nog de arbeidskorting over. Het maximumbedrag van de arbeidskorting (eur 4.205, wat bereikt wordt bij een inkomen van eur 35.652) wordt bij een belastbaar inkomen uit werk en wonen boven dat bedrag verminderd met 6% van het inkomen boven eur 35.652. Dus stel: inkomen is eur 68.508. Dan is maximale arbeidskorting eur 4.205 -/- ((68.508 -/- 35.652) * 6%)) = 2.234. En zo is ook uit te rekenen dat iemand die een belastbaar inkomen uit werk en woning van meer dan eur 105.735 heeft, geen recht heeft op arbeidskorting.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100