Ga naar de inhoud

Veel AOW’ers hebben aanvullende uitkering nodig om hoofd boven water te houden 

geldzorgen aow'ers Bron: © Canva 

De AOW alleen blijkt voor veel ouderen niet genoeg te zijn om rond te komen zodra je de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Senioren die langere tijd buiten Nederland hebben gewoond of gewerkt bouwen minder AOW-rechten op. Ze hebben daarom een aanvullende uitkering nodig om financieel rond te komen, meldt de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Het betreft zo’n 710.000 mensen, van wie er ongeveer 340.000 in het buitenland wonen. En dit aantal groeit.

Waarom sommige ouderen geen volledige AOW krijgen

In Nederland bouw je AOW-rechten op zolang je in de 50 jaar vóór je pensioengerechtigde leeftijd in Nederland woont of werkt. Voor elk jaar dat je buiten Nederland bent of niet verzekerd bent geweest, wordt je AOW met 2% gekort, waardoor je een lagere AOW-uitkering krijgt, stelt de Rijksoverheid.

Dit treft vooral mensen die in het buitenland hebben gewoond of die als arbeidsmigrant naar Nederland zijn gekomen: zij missen opbouwjaren en ontvangen daardoor een onvolledige AOW. Dat kan ertoe leiden dat hun inkomen onder het sociaal minimum zakt.

De rol van de aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO)

Voor ouderen die met een te lage AOW-uitkering blijven zitten, bestaat de Aanvullende inkomensvoorziening ouderen(AIO), een regeling die het inkomen aanvult tot ten minste het sociaal minimum. De SVB is verantwoordelijk voor de uitvoering van deze aanvullende uitkering.

Volgens de meest recente prognoses neemt het aantal huishoudens dat afhankelijk is van AIO de komende jaren fors toe: van ruim 60.000 nu naar naar schatting ongeveer 94.000 rond 2040, op een totale AOW-populatie van circa 4,6 miljoen mensen.

De combinatie van vergrijzing, internationalisering van woon- en werkpatronen en de complexiteit van internationale pensioenregelingen maakt dat veel ouderen de nodige aanvullende steun nodig hebben.

Lees.verder onder de video >>

Hoeveel ouderen worden geraakt?

De SVB wijst erop dat een groeiend aantal AOW-gerechtigden een internationale component heeft. Het gaat om zo’n 710.000 mensen waarvan ongeveer 340.000 in het buitenland wonen. Naar verwachting groeit dit aantal verder, wat de complexiteit van AOW-uitkeringen vergroot.

Deze ontwikkeling betekent dat de uitvoering van AOW-uitkeringen internationaal steeds meer capaciteit van de SVB vraagt en dat de dienstverlening ingewikkelder wordt.

Knelpunten rond aanvullende uitkeringen

Hoewel de AIO een belangrijk vangnet is, kleven er praktische knelpunten aan. De regeling kent voorwaarden zoals een vermogenstoets en eisen omtrent de leefvorm; veranderingen in inkomen, samenwonen of verblijf kunnen gevolgen hebben voor de hoogte van de uitkering.

Op sociale media klinkt daarom onder ouderen regelmatig frustratie over het aanvraagproces en de strenge regels. Veel gepensioneerden ervaren het toelatingsproces als ingewikkeld en vinden dat de uitvoeringspraktijk niet altijd aansluit op de dagelijkse realiteit van ouderen met een lage AOW-uitkering.

Lees verder onder het bericht >>

Wat zeggen uitvoerders en beleidsmakers?

De SVB wijst erop dat deze cijfers de noodzaak onderstrepen voor vereenvoudiging van wet- en regelgeving en uitvoering rond AOW en aanvullende inkomsten. Zonder dergelijke vereenvoudiging kan het lastiger worden om tijdig en correct vast te stellen waar iemand recht op heeft.

Daarnaast wordt in beleidsdebatten gesproken over het verbeteren van internationale gegevensuitwisseling en het loskoppelen van de AOW-hoogte van de levensvorm om de foutgevoeligheid van uitkeringen te verminderen.

AOW als basis, maar niet altijd genoeg

Voor veel ouderen blijft AOW de basis van hun inkomen na hun werkzame leven, maar voor een groeiende groep is deze basis onvoldoende. Het stijgende aantal AIO-ontvangers laat zien dat aanvullende inkomensvoorzieningen onmisbaar zijn om te voorkomen dat ouderen onder het sociaal minimum terechtkomen. Hoe het Nederlandse pensioen- en sociale zekerheidsstelsel deze uitdagingen duurzaam opvangt, blijft onderwerp van discussie.

Bronnen:

SVB, PlusOnline.nl, Rijksoverheid

Eerder schreven wij >>


AOW-leeftijd naar 70 jaar? Je zal maar een zwaar beroep hebben

Huidige afbeelding: AOW-leeftijd zware beroepen

4 februari 2026 – De AOW-leeftijd dreigt in rap tempo richting de 70 jaar te schuiven. Door nieuwe afspraken in het coalitieakkoord wordt de pensioenleeftijd sneller verhoogd dan voorheen, met grote gevolgen voor werknemers in zware beroepen zoals politieagenten, zorgmedewerkers en bouwvakkers.

Versnelling is noodzakelijk

Bekijk de video en lees daarna verder >>

De nieuwe coalitie van D66, VVD en CDA wil dat de AOW-leeftijd vanaf 2033 niet langer stijgt volgens de zogenoemde 2-op-3-regel, maar via een één-op-één-koppeling. Dat betekent dat elk extra levensjaar dat Nederlanders gemiddeld winnen, volledig wordt vertaald naar een hogere pensioenleeftijd. Wordt de levensverwachting één jaar langer, dan schuift de AOW-leeftijd ook één jaar op.

Lees verder onder het bericht >>

Dit betekent dat dertigers pas op hun zeventigste AOW krijgen. Dat is funest voor zware beroepen

Ze noemt deze versnelling noodzakelijk om de betaalbaarheid van de AOW en de zorg te garanderen. Door de vergrijzing staan steeds minder werkenden tegenover een groeiende groep gepensioneerden. Zonder ingrepen lopen de kosten volgens het ministerie van Sociale Zaken te hard op, meldt het ministerie.

Voor jongere generaties zijn de gevolgen fors. Voor dertigers en veertigers van nu komt de AOW-leeftijd volgens berekeningen uit rond de 70 jaar of zelfs daarboven, stelt het Centraal Planbureau.

Lees verder onder het bericht >>

Plan D66, VVD en CDA om AOW-leeftijd te verhogen ligt onder vuur: ‘Onverantwoord’
byu/SpaceSolaris inPolitiek

Nederland werkt al uitzonderlijk lang door

De plannen versterken een trend die al langer zichtbaar is. Nederland kent een van de hoogste feitelijke pensioenleeftijden van Europa. Waar mensen begin deze eeuw gemiddeld rond hun 61e stopten met werken, ligt dat nu rond de 66 jaar. Daarmee behoort Nederland tot de Europese top.

In 2023 werkte ongeveer 17% van de Nederlanders tussen de 50 en 75 jaar door na het bereiken van de pensioenleeftijd, meldt Eurostat. In landen als Roemenië en Polen ligt dat percentage onder de 2%. Ook Duitsland en België blijven duidelijk achter, met een gemiddelde uittreedleeftijd rond respectievelijk 64 en 62 jaar, aldus Eurostat.

Brussel ziet het Nederlandse model vaak als voorbeeld voor andere lidstaten. Tegelijk groeit in eigen land de vraag of deze koers voor iedereen haalbaar is.

Lees verder onder het bericht >>

Zware beroepen voelen de druk

Vooral werknemers in fysiek of mentaal zware beroepen luiden de noodklok. Bouwvakkers, politieagenten en zorgmedewerkers geven aan dat doorwerken tot ver na hun 67e voor hen nauwelijks vol te houden is. Vakbonden FNV en CNV spreken van een oneerlijke maatregel waarbij geen rekening wordt gehouden met verschillen in belastbaarheid.

“Dit betekent dat dertigers pas op hun zeventigste AOW krijgen. Dat is funest voor zware beroepen”, aldus CNV-voorzitter Piet Fortuin. Volgens de bonden kampen veel werknemers rond hun zestigste al met chronische klachten, waardoor langer doorwerken leidt tot uitval en onzekerheid.

Ook de Landelijke Cliëntenraad waarschuwt voor financiële en gezondheidsproblemen bij kwetsbare groepen en chronisch zieken, meldt de raad.

Lees verder onder het bericht >>

Reacties lopen hoog op

Op sociale media leidt de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd tot felle reacties. Op platforms als X en Facebook spreken veel mensen hun frustratie uit over het vooruitzicht om tot ver na hun 67e door te moeten werken. Vooral werknemers in de bouw, zorg en handhaving geven aan dat dit voor hen onhaalbaar is.
“Ik ben nu 55 en lichamelijk al op. Hoe ziet men dit voor zich tot mijn 70e?”, schrijft een zorgmedewerker op X.

Anderen wijzen op de kloof tussen kantoorbaan en zwaar werk en noemen de maatregel “wereldvreemd”. Tegelijkertijd zijn er ook geluiden die begrip tonen voor de ingreep vanwege de vergrijzing en de oplopende zorgkosten, maar benadrukken dat uitzonderingen voor zware beroepen onmisbaar zijn, melden meerdere gebruikers op sociale media.

Is een hogere AOW-leeftijd wel rechtvaardig?

In veel andere Europese landen is de pensioenleeftijd lager en bestaan ruimere mogelijkheden om eerder te stoppen. In Zuid- en Oost-Europa spelen lagere levensverwachting en andere pensioenstelsels een rol. Nederland kiest juist bewust voor langer doorwerken om de verzorgingsstaat overeind te houden.

Recent onderzoek wijst erop dat de gezonde levensverwachting minder hard stijgt dan de totale levensduur. Dat voedt de discussie of een steeds hogere AOW-leeftijd wel rechtvaardig is, vooral voor mensen met lage inkomens en zwaar werk, stelt het RIVM.

Wat betekent dit voor werkenden?

De coalitie erkent dat maatwerk nodig is. Er wordt gesproken over overgangsregelingen, eerder uittreden en een expertisecentrum voor zwaar werk in samenwerking met TNO. Concrete afspraken moeten nog volgen.

Voor werkenden betekent dit vooral alert blijven. De AOW-leeftijd stijgt sneller, Nederland loopt verder uit op Europa en de ruimte om eerder te stoppen is beperkter. Wie zijn pensioenplanning serieus neemt, doet er goed aan ontwikkelingen bij pensioenfondsen en vakbonden nauwgezet te volgen. Het debat over hoe lang doorwerken redelijk en haalbaar is, zal de komende jaren alleen maar feller worden.

Lees ook: Goudprijs op recordhoogte, tijd om de sieraden van oma te verkopen?

Bronnen:

CNV, FNV, RIVM, Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, CPB

Eerder schreven wij >>


AOW-leeftijd tot 2031 vastgepind op 67 jaar en 3 maanden

Huidige afbeelding: AOW Pensioen

2 november 2025 – Je AOW-leeftijd blijft tot 2031 op 67 jaar en 3 maanden, meldt het (CBS). De redenen? De levensverwachting stagneert en stijgt minder snel dan verwacht daarom wordt de ingangsdatum van de Algemene Ouderdomswet (AOW) niet verder verhoogd.

Voor de jaren 2028 tot en met 2031

Het CBS rapporteert dat de resterende levensverwachting van 65-jarigen in 2031 ongeveer 21,02 jaar bedraagt. Dat is iets lager dan eerder werd ingeschat. Op basis van deze prognose stelt het ministerie van Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de AOW-leeftijd vast voor 5 jaar.
Volgens de Rijksoverheid blijft de AOW-leeftijd voor de jaren 2028 tot en met 2031 elk op 67 jaar en 3 maanden staan.

Eindelijk stabiliteit bij de AOW-leeftijd wel fijn dat je weet waar je aan toe bent

Coronapandemie

De verbetering in levensverwachting verloopt langzamer dan gedacht. Het CBS zegt dat het herstel sinds de coronapandemie traag is en dat Nederland iets achterblijft ten opzichte van andere Europese landen.

Omdat de wettelijke koppeling bepaalt dat de AOW-leeftijd 5 jaar van tevoren wordt vastgesteld op basis van die levensverwachting, blijkt nu dus dat er geen verdere verhoging mogelijk is voor 2031.

Lees verder onder het bericht >>

Reacties van betrokkenen

Werkenden en straks-AOW-gerechtigden reageren wisselend. Op sociale media verschijnen berichten als: “Zuinige vooruitgang als je al 45 jaar werkt.” en “Eindelijk stabiliteit bij de AOW-leeftijd wel fijn dat je weet waar je aan toe bent.”

Vakbonden en ouderenorganisaties wijzen op 2 punten. Ze waarderen de voorspelbaarheid van de ingangsdatum, maar benadrukken dat 67 jaar en 3 maanden voor velen in zware beroepen nog steeds laat is. En ze vragen aandacht voor de kwaliteit van werken tot die leeftijd, gezondheid en arbeidsomstandigheden.

Wat betekent dit voor jou?

Als je nu werkt en uitkijkt naar je AOW-gerechtigde leeftijd, betekent dit concreet:

  • Voor de jaren 2028, 2029, 2030 en 2031 blijft de AOW-leeftijd 67 jaar en 3 maanden.
  • Je hoeft voor die jaren dus niet te rekenen op een verdere verhoging boven die tijd.
  • Wel blijft gelden: na 2031 kan de AOW-leeftijd weer veranderen, afhankelijk van toekomstige levensverwachtingsdata.

Waarom is dit belangrijk?

De AOW-leeftijd bepaalt wanneer je recht krijgt op de uitkering van de Algemene Ouderdomswet en zo ook wanneer veel mensen hun loopbaan willen afbouwen of flexibel willen worden. De stabiliteit van de datum tot 2031 geeft rust bij planning.

Tegelijkertijd blijft de druk op langere arbeidsdeelname aanwezig, vooral voor wie fysiek of mentaal zwaar werk doet. De beleidskeuzes voor toekomstig pensioen- en werkbeleid hangen hier sterk mee samen.

Zaken om in de gaten te houden

  • Hoewel de AOW-leeftijd tot 2031 vaststaat, blijft de koppeling met levensverwachting actief voor latere jaren: de uitkomst van het CBS-onderzoek van komende jaren kan invloed hebben op 2032 en verder.
  • Wie later dan de officiële AOW-datum stopt met werken, heeft financiële keuzes.
  • Voor bepaalde groepen (bijvoorbeeld zware beroepen, lagere gezondheidskwaliteit) blijft het vraagstuk hoe haalbaar is om tot die leeftijd door te werken.

Wat ga je doen?

Je weet nu dat de AOW-leeftijd tot 2031 op 67 jaar en 3 maanden blijft staan, mede door een lagere dan verwachte stijging van de levensverwachting. Het biedt voorspelbaarheid, maar roept ook vragen op over de arbeidsduur en gezondheid van werkenden. Het is daarom verstandig om je persoonlijke beslissing omtrent uitstel, doorwerken of vervroegd stoppen goed te bekijken..

Bronnen:

CBS, Rijksoverheid

Eerder schreven wij over de pensioenleeftijd >>


Pensioenleeftijd naar 75? De demografische druk op onze AOW-leeftijd stijgt

Huidige afbeelding: aow leeftijd naar 75
Bron: © Canva. Doorwerken tot we 75 zijn, hoe ziet dat eruit?

10 juli 2025 – Onlangs liet een pensioenadvocaat in De Telegraaf vallen dat de AOW-leeftijd naar 75 moet tegen 2050. Omdat er straks 2 werkenden nodig zijn om 1 gepensioneerde te voorzien van pensioen. Denken de werkenden nu dat ze rond hun 67ste met pensioen gaan, schuift de streep ineens 7 of 8 jaar op. Werk jij nog, is dit straks jouw pensioenleeftijd?!

door Yvette Juch

Langer leven is niet hetzelfde als langer werken

Pensioenadvocaat Theo Gommer haalt in een column in De Telegraaf uit naar de demografische druk, want bij de komst van de AOW in 1957 werkten nog 5 mensen op 1 gepensioneerde. Dit daalt rond 2040 – 2050 naar 2 werkenden per gepensioneerde.

Om dat financieel te dragen pleit de advocaat voor een AOW‑leeftijd van 75 jaar in 2050. Dit is een forse verschuiving ten opzichte van de huidige 67 jaar en 3 maanden sinds 2013.

Zo’n plotselinge wijziging in pensioenleeftijd lijkt oneerlijk. Mensen hebben al jarenlang gewerkt en premie betaald, in de veronderstelling rond 65 of 67 jaar met pensioen te gaan. Nu zou de finishlijn zomaar 8 jaar opschuiven? Dit kan nog wel eens ten koste gaan van vertrouwen in onze economie en mist draagvlak.

De tekst gaat onder de berichten verder >>

Minder jaren om te genieten?

Want misschien leven we wel langer, veel mensen vanaf hun 50e krijgen te maken met chronische klachten: reumaklachten, hartproblemen, uitputting.

Een fysiotherapeut reageerde op de verhoging van de pensioenleeftijd naar 75:

De levensverwachting is hoog, omdat we mensen in leven houden met middelen. De kwaliteit is helemaal niet beter, en de goede fitte gezonde jaren ook nauwelijks.

Ze raakt hiermee de kern: gewoon langer doorwerken tot je 75e is triest, gezien de zwakkere gezondheid van veel mensen.

Niet iedereen kan langer doorwerken

Lang niet iedereen kan zo lang doorgaan. Voor velen is het te zwaar, te onzeker en onrechtvaardig. Ze vragen zich af: moeten we nu werken tot we dubbelklappen of achter de rollator lopen naar ons werk? Of moeten we kiezen voor minder geld om nog een beetje te ontspannen op onze oude dag?

Alternatieve oplossingen voor pensioenleeftijd zijn: eerder met pensioen voor zware beroepen, deeltijd-pensioen, of een fonds voor AOW gelden.

Het idee om de AOW naar 75 gaat voorbij aan onze gezondheid, vrijetijd en vrijheid, is de mening van velen. Deel jij deze mening ook?

Bronnen:

De Telegraaf, Cultuurondervuur, reddit.com

Meer over: