Draai voor klassieke weergave

Van de zolder tot de kelder: het hele huis grondig opruimen

In de bomvolle schuur kun je niks terugvinden, de garage puilt uit van alles wat daar is geparkeerd en niemand weet wat er allemaal op zolder staat te verstoffen. Ben je de rommel in huis zat? Of stoor je je aan overvolle kasten en lades? Tijd voor een opruimactie, waarbij het hele huis grondig onder handen wordt genomen. Hoe pak je dat het beste aan?

Begin met de rommelkamer(s)

Het ligt voor de hand om de ruimtes waar je veel komt, als eerste aan te pakken. Die stapel rommel op de eettafel, de verzameling prulletjes in de woonkamer en het oud papier in de werkkamer: dat is juist de rommel waar je je elke dag aan ergert, dus die wil je als eerste weg hebben. Maar als je gaat voor een grondige schoonmaak, is het beter om te starten op de plekken waar je spullen opslaat, zoals de zolder, de schuur, of de kelder. Is de schuur eenmaal opgeruimd, dan heb je daar ruimte om het oude papier uit het hele huis weg te leggen totdat het wordt opgehaald. Kortom: door de opslagplekken in huis als eerste aan te pakken, creëer je ruimte die je nodig hebt als je de rest van het huis gaat aanpakken.

Werk per categorie, niet per kamer

De Japanse opruimgoeroe Marie Kondo adviseert om niet per kamer op te ruimen, maar per categorie spullen. Kleren zijn de beste categorie om mee te beginnen. Haal alle kleding uit het hele huis bij elkaar en gooi het op een grote hoop. Je haalt niet alleen je kasten leeg, maar je haalt ook alle jassen en sjaals van de kapstok en pakt de schoenen die overal in het huis slingeren op. Daarna zoek je uit wat je wilt houden en wat weg kan. Best een klus, maar op deze manier sla je meteen een flinke slag.

Marie Kondo is behoorlijk streng: als je van spullen niet vrolijk wordt, moet je ze van haar weggooien. En maximaal dertig boeken in huis is genoeg, volgens haar. In haar boek ‘Opgeruimd!’ schrijft ze precies op hoe je het allemaal aanpakt – inclusief tips om bijvoorbeeld je kleding heel efficiënt op te vouwen.

Sorteren: bewaren of weg ermee?

Kom je om in de spullen, dan moet je gaan sorteren. Wat wil je houden en wat kan er weg? Verdeel alles in twee stapels: wat blijft en wat gaat je huis uit? Als het goed is, is die tweede stapel hoger dan stapel één. Natuurlijk prop je niet alles in de grijze bak, want sommige dingen kun je recyclen.

Soms is het makkelijker om iets weg te gooien als je weet dat het een tweede leven krijgt. Zet het klaar voor de kringloop, breng kleding naar het Leger des Heils en bedenk bij overtollige meubels of je er misschien een starter blij mee maakt. Zijn er spullen die een emotionele waarde voor je hebben, maar waar je toch geen ruimte voor vindt? Maak er dan een foto van. Stapels kinderkunstwerken worden zo een leuk foto-album, en die stoffige stapel tekeningen en plakwerkjes kunnen bij het oud papier.

Verdeel de klus in kleine stappen

Heb je het opruimen lang uitgesteld? Word je al moe als je aan het hele huis vol spullen dénkt? Verdeel de klus dan in kleine stappen. Niet de hele keuken opruimen en uitsoppen, maar alleen het kruidenrekje sorteren en schoonmaken, of de rommella onder handen nemen. Ben je eenmaal aan de slag, dan is de kans groot dat je doorgaat. Of niet, maar dan heb je toch vast een beginnetje gemaakt. Dan kun je de volgende dag verder gaan met weer zo’n mini-klusje.

Of juist een weekend de beuk erin

Heb je een paar dagen de tijd en wil je die klus zo snel mogelijk geklaard hebben? Kies dan een weekend of een paar dagen aaneengesloten uit en gooi de beuk erin. Van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat opruimen, uitzoeken, schoonmaken, herinrichten – en ’s avonds een snelle maaltijd, net alsof het een verhuizing of een verbouwing is.

Zo’n explosie van opruim-energie heeft een groot voordeel: je ziet heel snel verbetering en na een paar dagen ben je weer voor jaren klaar. Bovendien ben je sneller door de fase heen waarin alle spullen uit de kast zijn gehaald en de kamer een grotere rommel is dan voordat je begon met opruimen waardoor de moed je in de schoenen zakt. In zo’n opruimweekend ga je gewoon door!

Opbergen met de juiste spullen

De spullen die je wilt bewaren, moet je natuurlijk goed opslaan. Investeer in plastic bakken om alle kerstpullen in te stoppen, in plaats van die schots en scheve kartonnen dozen. De seizoenskleren van je garderobe kun je in grote bakken stoppen, die je onder het bed rolt of op zolder neer kunt zetten. Verandert het seizoen, dan haal je ze zo tevoorschijn. De administratie gaat in ordners, de losse spulletjes in de la kun je makkelijker terugvinden door la-verdelers en oud speelgoed kun je bewaren in stapelbare kratten. Kortom: als je alles netjes wilt opbergen, is een rondje door een groot woonwarenhuis voor wat handige opbergers geen overbodige luxe.

Hulp nodig?

Is de opruimklus teveel om in je eentje te klaren? Of overzie je het helemaal niet meer? Je kunt vragen of mensen je willen helpen. Vrienden willen vast bijspringen als je het niet ziet zitten. Ook een opruimcoach kan handig zijn. Die helpt je niet alleen bij deze klus, maar geeft ook tips hoe je kunt voorkomen dat de boel je boven het hoofd groeit.

Is de administratie een puinhoop? Er zijn professionele organizers die daarin zijn gespecialiseerd. Ze nemen de schoenendoos met bonnen en rekeningen mee, stoppen alles keurig in mappen en helpen je om daar een goed systeem in te brengen, zodat je er zelf mee verder kunt.

Klaar met opruimen? Beloning!

Grondig opruimen is een stoffige klus, die best vermoeiend kan zijn. Alle spullen die door je handen gaan, hebben een verhaal, er kleven leuke of minder prettige herinneringen aan. Dus heb je na al dat sorteren en organiseren echt iets leuks verdiend. Spreek van tevoren met jezelf af wat de beloning is als je klaar bent. Een restaurant-waardige maaltijd uit de brandschone keuken? Nieuw gereedschap voor de opgeruimde schuur? Of verwen je jezelf met een pot thee en een leuk tijdschrift, lekker lui op de bank van je nette, keurig opgeruimde woonkamer?

Is je huis klaar, dan is de tuin aan de beurt! Lees hier hoe je de tuin weer netjes maakt.

Auteur: Sabina Posthumus