Ik snap een onderdeel van wiskunde al een tijdje niet, heel veel mensen hebben het mij al vaak uitgelegd maar ik blijf het niet snappen wat nu?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Hopelijk laten moderatoren dit staan; ik illustreer de methode op nieuwe voorbeelden. Eerder dan huiswerk oplossen, is dit misschien uitleg die voor meer leerlingen nuttig kan zijn... Laten we eens een paar vergelijkingen bekijken. Als je heel veel geluk hebt, is de vergelijking al opgelost: c = 8 Hier hoef je niets meer te doen, c is duidelijk gelijk aan 8 :-). Het kan ook zijn dat je enkel een veelvoud van c kent, dus een vergelijking van de vorm: 3c = 27 Dit is vrij eenvoudig, als we weten waar 3c aan gelijk is (27), dan hoeven we maar te delen door 3 om te weten waar c aan gelijk is. Je moet dit wel in beide leden toepassen, dus links en rechts delen door 3: 3c/3 = 27/3, dus c = 9 Nog een stapje verder, er staat nog iets bij opgeteld: 4c + 1 = 21 Het is nu nog te vroeg om te delen door 4, die '+1' staat links nog in de weg. De balansmethode zegt dat je die '+1' kan wegkrijgen door er gewoon 1 van af te trekken; MAAR: dat moet je dan ook weer aan de andere kant doen. Zo moet je de balansmethode begrijpen: je mag links -1 doen, als je ook rechts -1 doet: 4c + 1 - 1 = 21 - 1, dus 4c = 20 Want +1-1 is 0 en dat valt dus weg. Nu zitten we in het vorige geval; als we 4c kennen, kunnen we ook c vinden door alles te delen door 4. Dat geeft hier c = 5. Nog iets moeilijker: we vinden nu niet alleen links c'tjes, maar ook rechts. Bijvoorbeeld: 7c + 10 = 4c + 31 Je kan het principe van de balans (aan beide kanten hetzelfde optellen of aftrekken) niet alleen toepassen met getallen, maar ook met c's. Laten we er voor zorgen dat er geen c's meer aan de rechterkant staan. Er staat 4c, dus we gaan er 4c van aftrekken. Opgelet: dan moet je dat ook links doen: 7c + 10 - 4c = 4c + 31 - 4c Rechts heb je nu 4c-4c en dat is 0, enkel de 31 blijft er over. Links heb je 7c-4c en dat is nog maar 3c, maar de +10 staat er ook nog. Vereenvoudigen: 3c + 10 = 31 Nu zitten we weer in het vorige geval, de +10 van de linkerkant krijgen we weg door links en rechts 10 af te trekken: 3x = 21 En als we 3x kennen, kennen we ook x: deel links en rechts door 3 en je vindt x = 7. Lees dit eventueel een paar keer na, misschien zie je het niet onmiddellijk. Probeer het ook zelf op papier op te schrijven, dat helpt. Heb je vragen? Reageer dan even. De kern van de balansmethode: je kan getallen of letters aan een bepaalde kant wegwerken, door ze gewoon af te trekken, MAAR: dat moet je dan steeds in de beide leden doen, links en rechts hetzelfde toepassen.

Heb je je wiskundeleraar al gevraagd het een keer rustig speciaal voor jou uit te leggen? Waarschijnlijk moet je een eindje terug in de stof, tot waar je het nog wel snapt, en vanaf daar rustig verder werken.

Aan je vraag te zien moet je c naar 1 kant werken door middel van delen en optellen aftrekken.

OK van mij dan een heel ander soort antwoord. Het probleem van veel "uitleggers" is dat zij het ZO simpel vinden dat ze eigenlijk niet begrijpen dat jij het zo moeilijk vindt. Dus: je moet iemand vinden die het óf eerst ook niet snapte en nu wel want die heeft met hetzelfde geworsteld, óf je moet samen met iemand die het jou wil uitleggen EERST achterhalen waar precies het gedeelte zit dat jij niet snapt. Dat laatste zou je kunnen proberen te doen op de volgende manier: JIJ gaat die ander uitleggen hoe het moet. Dat kun je natuurlijk niet maar zo kunnen jullie samen zien waar jij vastloopt. Dan helpt degene die het wel snapt een klein beetje EN DAN MOET JIJ WEER VERDER UITLEGGEN. Tot je weer vastloopt enz enz. Met geluk komt er dan een moment dat je zegt: o maar de rest snap ik wel, EN het stuk ervoor begrijp je dan beter omdat je er meer zelf aan moest doen dan naar de (in jouw oren) abracadabra van iemand anders luisteren.

Forceer geen dingen! Meer dan je best kan je niet doen, je leven komt niet aan 't eind als je een wiskunde ding niet snapt. :)

Wiskunde is niet te begrijpen dat moet je door hebben de een kan het beter dan de ander maar de ander is weer goed in taal of kunst

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100