Als zuurproductie i.d maag verstoord wordt, waardoor ze hogere pH-waarde krijgt, wat is dan het gevolg vr de vertering v. suikers, eiwitten en vetten?

Weet jij het antwoord?

/2500

In de maag worden door het maagzuur de eiwitten in aminozuren gesplitst (gehydrolyseerd). Bij hogere pH gaat dat waarschijnlijk wat minder snel of efficient. Vetten worden pas in de darm opgenomen. Dus die merken niets van een hogere pH. Suikers worden in zin geheel opgelost opgenomen. Dus ook geen effekt.

Mooie vraag. De zuurproductie in je maag wordt eigenlijk continu verstoord. Neem nu gewoon het geval van een proteïnerijke maaltijd (zoals bijv. veel spinazie die enkel goed verwerkt kan worden in combinatie met andere voedingsstoffen): De zuurtegraad van je maag zal meteen van van de normale 4 à 5 stijgen naar 1 à 2 (hoe lager de pH graad, hoe sterker de zuurtegraad), en na het verwerken ervan terugvallen op die normale 4 à 5. Zo kun je 's morgens overig een zuurgevoel hebben, maar dat hoeft echt niet overeen te stemmen met de zuurtegraad van de 'hydrochloric acid' of het zoutzuur zelf. Je maag is dit ook gewoon. Ook zijn het bizar genoeg niet de zuren zelf die de spijsvertering van die proteïnen helpen, maar is het gewoon zo die lage zuurtegraad de èchte werkingsstof in het maagsap (dat niet alleen uit maagzuur bestaat dus), zijnde pepsine goed te doen werken. En daar gaat eigenlijk je vraag over: Bij een hogere zuurtegraad (1 à 2 dus), werkt pepsine veel actiever en dat werkt als een soort schaar (moeilijke naam: enzym, zoals de actieve stof in waspoeder overigens) om je vermelde voedingsbestanddelen te knippen: eiwitketens worden geknipt in kleinere ketens of zelfs tot aminozuren. Een andere werking of bijwerking van het maagzuur, naast dit activeren van pepsine, is wel ook dat bacteriën gedood worden (slik gerust een vliegje op de fiets in daarom) en de moeilijke term 'denaturatie'. Dit laatste is een gevolg van de stijging van de temperatuur (denk ook aan koortsreactie bij ziekte) waardoor de eiwitten hun structuur verliezen en een andere functie krijgen. Hierbij mag je gewoon denken aan het eiwit dat stolt in een pan. De gedenatureerde eiwitten dienen vervolgens ook verder om de temperatuurregeling overal in ons lichaam bij te sturen. Boven de 42-graden gaat echter alles om zeep en ontspoort ons lichaam tot zelfs de dood daardoor kan volgen. Onthou dus dat de zuurtegraad dient voor de betere werking van pepsine (zit ook in je speeksel) als volgt: Meel in een glas water verandert niet, tot je in dat glas water spuugt. Dan wordt een reactie opgezet die dezelfde is als het maken van alcohol bij whiskey. Ik dacht dat de duur zelfs exact 32 uur was voor omzetting, maar weet het niet exact meer (graag correctie hier). Ook suikerketens worden via knippen omgezet (glucose kan in dunne darm opgenomen worden; sacharose en vermelde zetmeel moeten dus eerst geknipt worden zoals beschreven).

Bronnen:
http://en.wikipedia.org/wiki/Gastric_acid

Leuke vraag, en het antwoord zal ik dan per nutriënt splitsen. Suikers: Monosachariden kan je lichaam zo opnemen, maar alle andere suikers en koolhydraten in ons voedsel moeten eerst gehydrolyseerd worden. In je mond wordt er α-amylase opgemaakt, dat alleen werkt bij relatief hoog pH, dus in de maag wordt dit geïnactiveerd, en wordt haar taak overgenomen door de α-amylase van je alvleesklier (na de maag, dus) dat wél bestand is tegen laag pH, en zelfs beter werkt bij laag pH. Als de pH in je maag niet te zuur wordt, dan is er dus niet zo'n groot probleem wat de vertering van koolhydraten betreft, dat lukt toch min of meer. Eiwitten: De belangrijkste enzymen voor de vertering van eiwitten -maar zeker niet de enige- zijn pepsine en trypsine. In de maag wordt er een proenzym uitgescheiden: pepsinogeen, dat alleen actief wordt als de pH laag genoeg is (uit mijn hoofd: rond 2,5-3, denk ik) Dus zonder een laag pH werkt pepsine niet, en dan komen de eiwitten relatief intact in je duodenum, waar de pH sowieso zal stijgen. In de doudenum wordt er trypsinogeen uitgescheiden, een proenzym dat zichzelf deels verteert, en actief wordt als trypsine. Trypsine is echter veel minder effectief dan pepsine, en is niet in staat alle aminozuur verbindingen te splitsen. Dat betekent dat zonder een laag pH in je maag, de vertering van de eiwitten niet goed verloopt, en dat is een klassieker: dan krijg je last van zware spijsvertering omdat er veel niet opgenomen eiwitten in je dikke darm terecht komen, met als gevolg fermentatie, gasvorming, stinkende scheten, abdominale pijn, enz. Vetten: De vetten worden voor het overgrote deel pas na de maag verteerd. In de mond wordt er een lipase geproduceerd die juist bij laag pH actief is, maar omdat de vetten in de maag nog niet geëmulgeerd zijn, heeft deze een relatief klein effect. De vertering van vetten komt pas op gang na de maag: er wordt dan gal uit de galblaas afgegeven, waardoor de vetten emulgeren en kleine druppels vormen (gal werkt exact hetzelfde als handzeep) De alvleesklier scheidt dan het belangrijkste enzym voor de vertering van vetten uit: pancreatische lipase, dat niet door de pH, maar juist door de aanwezigheid van gal wordt geactiveerd. Triglyceriden worden dan gesplitst in 2 vetzuren en 1 monoglyceride, die allemaal opgenomen kunnen worden in de dunne darm. Dus de pH van je maag heeft weinig direct invloed op de vertering van vetten.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100