waarom is de ene persoon beter in exacte vakken (wisk.) en slecht in talen of andersom?

en is het mogelijk om toch in beide vakken goed te zijn?
is het genetisch bepalend? of is het dingen die je extra aandacht aan moet besteden?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Het is zeker mogelijk om in beide vakken goed te zijn, al zeg ik het zelf...;) Velen met een beta-aanleg vinden het belangrijk om secuur en systematisch met taal om te gaan en betrachten zeer zorgvuldig taalgebruik. Andere beta's zien taal meer als een gemankeerd maar nodig middel om te gebruiken voor communicatie, en zullen zich wellicht minder aantrekken van taalregels. Weer andere beta's hebben simpelweg de taallessen nooit interessant gevonden omdat ze zich toch wel voldoende kunnen uitdrukken en liever tijd stoppen in andere dingen. Ik denk dat bij beta's die geen zorgvuldig en correct taalgebruik betrachten vooral speelt dat ze simpelweg liever tijd in andere dingen steken dan in taalkunde. Maar dat geldt ook voor bevlogen sporters, bevlogen grafisch ontwerpers, bevlogen muzikanten en bevlogen acteurs. Hoe meer tijd en energie je in X stopt, hoe minder je overhoudt voor Y. En dan maakt het niet uit wat je voor X invult of voor Y (als 't maar niet hetzelfde is ;) beta grapje). In het algemeen is mijn (persoonlijke!) ervaring dat mensen met flinke beta-aanleg juist meestal mensen zijn die systematisch kunnen denken en het belang inzien van systematiek in taalkunde, op z'n minst om misverstanden te vermijden maar ook omdat het voor veel beta's gewoon leuk is om met systemen en systematiek te spelen en taal is daar een prima geschikt middel voor.

Er zijn mensen die geboren worden met een bepaalde aanleg voor het een of het ander. Kijk bijvoorbeeld naar Mozart. Iemand die niet kan piano spelen zal door oefening best wel wat kunnen bereiken, maar zo worden als iemand die ermee geboren is dat zal moeilijk worden.

Of en waar je goed in bent dat ligt aan je interesse en je hersenstructuur. Hersens van vrouwen wijzen veel gebiedjes op die aantonen dat de taal goed ontwikkeld is en bij mannenhersenen is vaak rekenvaardigheid beter ontwikkeld en ruimtelijk inzicht. Niet zo gek als je weet dat vrouwen van nature al meer praten en mannen meer rekenkundige bewerkingen moeten maken voor hun beroep. Nu er tegenwoordig steeds meer vrouwen technische beroepen kiezen en rekenen/ wiskunde hen interesseert hebben ze ook meer zin/behoefte om rekenkundig inzicht te krijgen. Hoe vroeger je nl. interesse hebt in rekenen, hoe makkelijker je het leert en hoe sneller je het inzicht krijgt. Dit geldt ook voor taal natuurlijk. Mijn zoon van 16 heb ik als kleuter al leren lezen omdat hij dit erg leuk vond. Hij las als 5 jarige al 15 letterige woorden vloeiend en de ondertiteling op tv. beheerste hij al op zijn 4de. Taal heeft hem dan ook altijd geïnteresseerd en hij heeft dan ook geen moeite met andere talen dan Nederlands. Hij kan zelfs Russisch lezen alleen omdat hem dit leuk leek. Hij kan ook goed wiskundig rekenen maar gewoon rekenen heeft hem nooit geïnteresseerd, daar had hij een hekel aan. Gewoon de tafels kreeg hij er niet in. Ik denk dat hij,als getallen hem net zo hadden getrokken als letters ,hij wel goed had kunnen rekenen. Er zijn natuurlijk mensen die beide dingen goed kunnen, maar het merendeel heeft toch een voorkeur en beheerst of rekenen erg goed of taal.

Ik ben in beide vakken goed, dus het is zeker wel mogelijk.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100