Wat houdt een 'paper' precies in?

Op de middelbare school heb ik onder andere geleerd betogen en beschouwingen te schrijven. Ik heb geleerd dat betogen een mening verkondigen (dus subjectief zijn) en de lezer proberen te overtuigen. Dit in tegenstelling tot een beschouwing, die objectief bedoelt is om iets van verschillende kanten te belichten en bijv. andermans meningen weer te geven.
Nu ik studeer, moet ik regelmatig papers schrijven. Ik heb er moeite mee wat een paper nou precies is. Is het een betoog of een beschouwing, of een beetje van allebei? Mag ik eigen verklaringen geven voor of verbanden leggen tussen fenomenen om mijn onderzoeksvraag te beantwoorden? Of moet ik slechts meningen van anderen weergeven om een goed onderbouwd paper te schrijven? Of ligt dit er per paper aan?

Ik doel hierbij vooral op papers in de hoek van de sociale wetenschappen, dus niet wiskundige/natuurkundige papers ofzo.

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

In de wereld van de wetenschap bestaat iets meer nuance dan op de middelbare school. Een betoog, ook wel een essay genoemd, geeft inderdaad opvattingen aan maar die moeten wel goed worden onderbouwd. Door die onderbouwing is het betoog niet zuiver subjectief, maar ook niet zuiver objectief. Een goed essay is daarom intersubjectief. In de sociale wetenschappen is intersubjectiviteit vaak het hoogst haalbare. Dit geldt ook voor de geesteswetenschappen. Een beschouwing is een veel vager begrip, dat eigenlijk meer neerkomt op een of meer overwegingen. In mijn werk als geesteswetenschapper kom ik beschouwen meer tegen in de vorm van een adjectief. Zo heb je bijvoorbeeld het 'beschouwende' versus het 'argumentatieve' essay. Een paper is eigenlijk een schriftelijke versie van een lezing. Vaak wordt over de inhoud van zo'n paper tijdens een congres gedebatteerd en maakt de schrijver er uiteindelijk een hoofdstuk van een boek (of bundel) of een artikel voor een tijdschrift van. Hoe zo'n paper eruitziet wordt bepaald door 1) je docenten en 2) de gewoonten in je vakgebied. ik kan je alleen maar aanraden zoveel mogelijk artikelen in je vakgebied te lezen. De vorm van een paper is behoorlijk vrij. Je kunt beginnen met een anekdote, of een algemene stelling, et cetera. Zolang je je argumenten maar onderbouwt. Dat kan je ter plekke doen, door zuiver te argumenteren, maar ook door secundaire literatuur aan te halen.

In het Nederlands noemen we dit een werkstuk. Dit is geen verslag van een wetenschappelijk onderzoek. Het is een analyse van een vraagstuk met synthese en conclusies. Dit dient als zodanig een toevoeging te zijn aan het vakgebied. Daarbij is de omvang beperkt. Hierbij betracht je wetenschappelijke principes zoals: logisch redeneren, correct en kritisch brongebruik, correcte/uitputtende methode van opsporen van bronnen, objectiviteit, reproduceerbaarheid (=correcte bronverwijzingen, expliciete en volledige beschrijving van je gehanteerde aanpak). Tijdens het werk kan je alsnog de vraagstelling veranderen (bijvoorbeeld als je bemerkt dat die vraag al was beantwoord of toch niet relevant is - en dat is onvermijdelijk als je nog relatief nieuw bent in het vakgebied). Als uiteindelijk het geheel van vraag, analyse, synthese en conclusie maar een logisch geheel vormt. Merk nog op dat met "paper" ook gedoeld wordt op een document dat de schriftelijke versie is van een presentatie op een wetenschappelijk congres. Dat hoeft niet letterlijk de uit te spreken tekst te zijn maar wel hetzelfde verhaal. Dit zal echter niet zijn wat jouw docenten vragen.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100