Hoe worden elektrische apparaten van stroom voorzien als de invoer via wisselstroom zowel negatief of positief is?

In een andere vraag staat : "Bij een stopcontact is niet de ene pool positief en de andere negatief, en daarna andersom, en zo steeds heen en weer.

In werkelijkheid is de ene pool om en om positief en negatief (met daartussen steeds een geleidelijke overgang, dus via neutraal). De andere pool is continu nul - dus niet positief en niet negatief."

Nu weet ik niet of daar nou elektronen mee worden bedoeld. Maar positief en negatief interpreteer ik dan toch als enerzijds het afstoten van elektronen en anderzijds het opnemen.
Maar al dat heen en weer gedraai van die elektronen levert toch niets op, zeker niet als het andere gaatje van het stopcontact ook nog neutraal is?

Waarom is er dus wisselstroom in onze huishoudens, wat is daar het voordeel van tov gelijkstroom?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Wanneer je wilt weten in welke richting een stroom gaat lopen, is eigenlijk alleen het spannings*verschil* van belang. De uitspraak "In werkelijkheid is de ene pool om en om positief en negatief … en de andere pool is continu nul" is in die zin misleidend, dat er geen sprake is van "de werkelijkheid". Het is een voorstelling van de werkelijkheid, namelijk een die elektrotechnici graag kiezen omdat ze dan een vast referentiepunt hebben ten opzichte waarvan ze alle spanningen in een schakeling kunnen weergeven. Maar je mag bij een stopcontact zeggen dat de ene pool +110V is en de andere -110V (en even later weer omgekeerd). Of je zegt dat de ene pool continu 0 is en de andere afwisselend +220V en -220V. De essentie is dat het *verschil* wisselt tussen +220V en -220V en dat bepaalt hoe de stroom gaat lopen. De elektronen bewegen dus heen en weer en worden netto niet verplaatst. Toch levert dat wel wat op: bijv. door de weerstand in de gloeidraad in een lamp wordt de beweging van de elektronen omgezet in licht en warmte.

Als je gelijk spanning hebt en je sluit een lamp aan loopt de stroom altijd in 1 richting. Bij wissel spanning loopt de stroom in 2 richtingen dat wisselt 50x per seconde. Bij een lamp, maakt wissel of gelijk niet veel uit, echter als je de spanning wil transformeren van 220 naar bv 10 volt, kan dat bij wisselspanning heel eenvoudig met een transformator. Dat is (was) voor gelijk spanning veel moeilijker( electtonische schakelingen enz) Tegen woordig gaat dat al veel een voudiger. Ander voordeel is de transport/energie voorziening naar fabrieken huizen enz.. Als de spanning aan de eind aansluitingen te laag uitkomt, zetten ze er gewoon een transformator tussen.

Degene die ervoor gezorgd heeft dat wisselstroom uiteindelijk in onze huishoudens als standaard stroom is ingevoerd is Nikola Tesla geweest, samen met zijn toenmalige compagnon John Westinghouse die zijn geldschieter was. In de begintijd van de elektrische revolutie was Thomas Alva Edison, de uitvinder van ondermeer de gloeilamp, een fervent voorstander van gelijkstroom als algemene energiebron voor iedereen. Veel van zijn uitvindingen werkten op gelijkstroom dus had hij er alle belang bij dat die vorm van energievoorziening als algemeen werd aanvaardt. Gelijkstroom opwekking had nogal wat nadelen en was relatief duur, ook in transport mede door de verliezen onderweg en de noodzaak van een dubbele bekabeling voor het transport. De wisselstroom van Tesla was eenvoudiger en goedkoper op te wekken, makkelijker te transporteren en vrij simpel naar gelijkstroom om te zetten waar dat nodig was. Gelijkstroom is in principe een natuurstroom, die overal op aarde en in de natuur voorkomt maar waarmee op zich niet zo heel veel aangedreven kan worden zonder (dure...) aanpassingen. Statisch opgewekte spanning is gelijkspanning met veel spanning (Volt) maar relatief weinig kracht (Ampère). Bliksem geeft miljoenen Volts en een wisselende kracht in Ampères maar duurt kortstondig. Je kan er niets mee. Tesla is ook de uitvinder geweest van heel veel toepassingen die elektrisch aangedreven konden worden op wisselstroom, zelfs de gloeilamp van Edison, die oorspronkelijk op gelijkstroom brandde, deed het prima op de wisselstroom van Tesla. Het principe van wisselstroom ligt in de opwekking d.m.v. generatoren die magneten laten draaien binnen grote gewikkelde koperdraadspoelen waarin dan door inductie een wisselstroom ontstaat. Het aantal koperdraadwikkelingen en hun dikte bepaald het voltage dat opgewekt wordt, de veldkracht van de magneten het Ampèrage. Met wisselstroom kan de Aarde (de wereldbol) als gemeenschappelijk Nulpunt gebruikt worden om een stroomkring te maken en die wordt dan ook als zodanig gebruikt. Met gelijkstroom is dat vrijwel niet mogelijk omdat de bron dan een oneindig hoge weerstand ziet en de stroom niet of nauwelijks zal lopen. Op het stopcontact thuis is de wisselstroom het product van de elektriciteitscentrale en de modules daartussen. De hoogspanning wordt teruggebracht naar een middenspanning, om wijken en dorpen te voorzien, en daarna naar een (relatieve) laagspanning (230V) voor de eindgebruikers.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100