Neemt de warmte toe van een object als het interferentiepunt van de golven in het object zijn?

Stel je plaatst een object of persoon tussen twee warmtebronnen/stralen. Die zijn dusdanig afgesteld dat ze precies in het object elkaar interfereren. Wordt die persoon dan warmer of niet? Zo nee, is er dan helemaal geen effect waar te nemen?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Leuke vraag! Daarvoor al een plus. Dit lijkt op de "mindfuck" van de sloopkogels. Stel je pakt 2 identieke sloopkogels en laat deze van grote hoogte met een zwaai tegen elkaar aan komen. We gaan voor het voorbeeld er even van uit dat er geen vervorming optreedt. Dat betekend dat zodra de kogels elkaar raken met exact dezelfde snelheid dat ze per direct stilhangen. Immers actie = -reactie. Nu doe je dit nog een keer, maar met je hoofd er tussen. Ik garandeer je dat de kogels op exact hetzelfde moment je hoofd raken, actie = -reactie. Er zou niets gebeuren. Zou je het doen? Nee, natuurlijk niet. Wat je snapt hierin ook wel dat je hoofd in dit geval behoorlijk mee geeft en gelijkmatig over beide kogels verdeeld wordt. Jouw vraag is vergelijkbaar. Iets wat je er tussen zet heeft een dikte. Laten we voor het voorbeeld en 10 cm nemen en dat het object volledig homogeen is (voor een persoon geldt dit niet, dus pakken we iets anders). De linker 5 cm wordt verwarmd door linkerbron, de rechter 5 cm wordt verwarmd door de rechterbron. Zodra het verwarmen van het object begint, gaan de moleculen harder trillen. Deze trillingen zullen maar zelden in fase zijn. Wellicht in het begin, maar verder in het object zal dit afnemen, afhankelijk van de kracht van de bron. Dus 2 mogelijkheden: - bron is zodanig krachtig dat de moleculen verwarmd worden, maar nog wel in fase meetrillen. In het midden van het object zullen de fases elkaar waarschijnlijk uitdoven. Echter, de stralingsbron is wellicht wel zodanig krachtig dat het object (als dit wat "zachter" materiaal is) schade krijgt van de straling en misschien wel ontleedt of iets dergelijks - bron is zodanig krachtig dat de moleculen verwarmd worden, maar alleen de toplaag is in fase. Warmte wordt verder gewoon door normaal trillen vervolgd. In het midden wordt het misschien wel warmer dan daarbuiten omdat de warmte van beide kanten aangevoerd wordt. Optie 1 is zeer onwaarschijnlijk. Moleculen trillen al van zichzelf natuurlijk. Er zijn maar weinig dingen die de trillingen moleculen zodanig kunnen beinvloeden dat de trillingen volledig in fase gaan. Dat moet zo krachtig zijn dat voorwerpen waarschijnlijk direct verdampen. Optie 2 is veel, veel waarschijnlijker. Het object zal uiteindelijk gelijkmatig verwarmd zijn als er evenwicht is ingesteld tussen toegevoerde warmte, afgifte van warmte en verdeling van warmte over het object.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100