Hoe zie je het verschil tussen een zuur en base in de structuur formule?

Iemand had gezegd tegen me dat je het aantal H's kunt zien. Een base kan "H's" opnemen en een zuur afstaan. Maar wat nu als er meerdere H's aan een atoom zitten en er kunnen er nog bij maar ook af?
Bijvoorbeeld amine. Deze heeft 2 H's. Hoe kan het dan dat dit een base is want deze kan toch eerder "H's" afstaan dan opnemen?

Toegevoegd na 4 dagen:
Bedankt voor de antwoorden, ik begrijp het een beetje.
Om het misschien nog wat te verduidelijken een voorbeeld:
De amide heeft een PKa als zuur van 15 maar een Pka als base van 0,5. Hoe weet ik aan de hand van de structuurformule welke van de 2 het gaat zijn?

Weet jij het antwoord?

/2500

Aan het aantal H's kun je het inderdaad niet zien. Het gaat er om de verbinding van die waterstofatomen. Grofweg als er H+ atomen voorkomen is het zuur (HCl, H2S, H2NO3 etc), als de H voorkomt met een O als OH- is het een base (NaOH). Je kunt het dus in de formule en atoomtekening zien aan de plaats waar de H voorkomt.

Bronnen:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Base_(scheikunde)
http://nl.wikipedia.org/wiki/Zuur_(scheikunde)

Je uitleg klopt al helemaal. Een zuur kan een proton of H+ (!) afstaan en een base kan H+ opnemen. Er zijn inderdaad ook moleculen of ionen die zowel H+ kunnen opnemen als afstaan. Deze deeltjes heten amfolyten. Een amfolyt kan zowel als zuur als als base reageren afhankelijk van het milieu. Zo zal bijvoorbeeld bicarbonaat in zuur milieu reageren tot CO2 en in basisch milieu reageren tot carbonaat. Aangezien dit zwakke zuren en basen zijn betekent dat dat er sprake is van een reactie-evenwicht. Dit evenwicht wordt beschreven door de zuurconstante of pKa. De pKa van een zuur komt in praktijk overeen met de pH waarbij 50% als zuur voorkomt en 50% als base. Om in het voorbeeld van CO2 te blijven: de pKa = 6,37 dus bij een pH van 6,37 is er evenveel molair CO2 als bicarbonaat aanwezig. Aangezien de pKa van amines meestal vrij hoog is zullen ze eerder als base reageren en dus eerder geneigd zijn om een proton op te nemen dan om een af te staan (lees: een verwaarloosbaar kleine hoeveelheid staat protonen af ivm de hoeveelheid die protonen opneemt). Een amine beschikt dan wel al over 2 waterstofatomen, maar die houden het stikstofatoom van het amine net stabiel. Dus het amine wil deze niet kwijt. Het stikstofatoom heeft echter nog wel een vrij elektronenpaar dus kan nog wel binden met een proton van 'buitenaf'. Vandaar dat de aminen zulke hoge pKa hebben en ze dus eerder als base reageren.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100