Is het kleurenspectrum van de regenboog gradueel of sprongsgewijs?

De regenboog kent een aantal kleuren maar gaan deze nu gradueel in elkaar over of zijn er sprongen waardoor de kleuren scherp zijn te onderscheiden. En ligt dat dan aan de regendruppels of aan het zonlicht zelf?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Het gaat gradueel. De "kindertekeningen" waarin losse bogen voor rood, oranje, geel, groen, blauw, violet, en indigo ("de 7 kleuren van de regenboog") getoond worden zijn dus niet juist (hoewel natuurlijk wel geschikt voor een kleurdoos met een beperkt aantal potloden). Verschillende pure kleuren licht in de regenboog hebben verschillende golflengtes, en een heel bereik aan golflengtes correspondeert met verschillende kleuren. Al die verschillende kleuren liggen naast elkaar. Tussen elk tweetal verschillende kleuren light in principe altijd nog weer een fijnere gradatie aan tussenkleuren. Dat licht aan de brekingseigenschappen van licht: de hoek waaronder een kleur wordt afgebogen in een druppel als ie van de lucht het water in- of uitgaat hangt op een graduele manier af van de golflengte. (Overigens zijn er ook mengkleuren, die niet in de regenboog voorkomen. Bijvoorbeeld paars of roze of bruin. Dat zijn geen zuiver kleuren die uit één golflengte bestaan, maar mengsels die licht bevatten van meerdere golflengten tegelijkertijd.)

Gradueel betekent stapsgewijs, wat dus feitelijk hetzelfde is als sprongsgewijs. Ik vermoed dat je bedoelt "continue". En dat is wat het kleurenspectrum van van een regenboog is, een continue overgang van de kleuren. Zie de eerste allinea ind e wiki-link die ik heb toegevoegd.

Bronnen:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Regenboog_(optica)

Alleen het aantal NAMEN dat we voor de regenboogkleuren hebben is sprongsgewijs. Het spectrum is continue.

De officiele regenboogkleuren zijn zogenaamde primaire kleuren, maar in de praktijk moet je ook met buiging rekening houden als de regendruppels enigszins klein zijn. De kleuren zijn dan meer paarlmoerachtig. De kleuren gaan dus gradueel in elkaar over, maar vormen geen spectrum van zuiver golflengten zoals bij een prisma of de weerspiegeling van een CD. Voor fijnproevers is er de Airy Regenboogvergelijking die de sterkte voor ieder buigingshoek en golflengte geeft. Voor elke kleur zijn er diverse submaxima en als je het zaakje optelt krijg je dus geen verzadigde kleuren(blz 170). In de bron ook nog een tabelletje waarmee je de grootte van de waterdruppels kunt schatten aan de hand van de kleuren van de regenboog(blz 171).

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100