Kan iemand me in gemakkelijke bewoordingen de Bell-ongelijkheid uitleggen?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Nou... gemakkelijk is het niet. Laat ik een poging wagen. Ik ga in op het onderliggende principe, niet zozeer op de Bell-ongelijkheden zelf. Er zijn twee manieren om de eigenschappen van een elementair deeltje te beschrijven. Als voorbeeld neem ik een elektron, dat twee kanten op kan draaien. Die twee kanten noem ik, naar analogie van Engels woordgebruik, Up en Down. Tussenliggende mogelijkheden, zoals bij een gewone bal, bestaan niet in de quantummechanische wereld. Als je nu een elektron hebt, en je hebt nog niet gemeten welke kant het op draait - welke kant draait het dan op? Up, Down, of iets anders? Hier komen de twee verschillende visies tot uiting. Einstein, Podolsky en Rosen waren aanhangers van de klassieke visie (zoek op "EPR-paradox"). Die klassieke visie zegt: --  "Het elektron draait ofwel Up ofwel Down, maar wij weten (nog) niet welke van de twee het is." De quantummechanica zegt iets anders: --  "Het elektron draait niet Up en ook niet Down. Dat komt niet doordat wij nog niet hebben gekeken, het draait ECHT niet Up en niet Down. Het enige dat we kunnen zeggen is dat het elektron tegelijk zowel Up als Down draait, en dat we bij een meting 50% kans hebben dat we Up zien, en 50% kans dat we Down zien. Het is alsof het elektron pas beslist of het Up of Down zal draaien op het moment dat wij de meting uitvoeren." De klassieke versie wordt ook wel de versie van de 'verborgen variabelen' ('hidden variables') genoemd: het elektron doet iets specifieks, namelijk één van beide en niet de andere, alleen weten wij (nog) niet welke van de twee het wel doet, en welke niet. Het theorema van Bell, en alle afgeleide varianten daarvan die gezamenlijk de Bell-ongelijkheden worden genoemd, zegt dat de quantummechanische versie de juiste is. Zelfs als dat tegen onze intuïtie ingaat. De Bell-ongelijkheden doen voorspellingen over hoe meetresultaten eruit zouden zien wanneer de klassieke visie (van de verborgen variabelen) de juiste zou zijn, en hoe meetresultaten eruit zouden zien wanneer de quantummechanische versie de juiste zou zijn. Op die manier hebben we een *testbare*, en daarmee *falsificeerbare*, uitspraak. Inmiddels zijn de door Bell voorgestelde experimenten uitgevoerd, in vele varianten. Telkens bleek dat de quantummechanische versie de juiste is. Einstein had dus ongelijk. Einstein zei eens: "God dobbelt niet". In werkelijkheid blijkt God wel te dobbelen. -- Is dit duidelijk genoeg?

Bronnen:
http://en.wikipedia.org/wiki/Bell%27s_theorem

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100