Wie verlieten de grot van plato en wat waren hun bezigheden?

Ik heb een beschrijving nodig van degene die de grot werden uitgeleid en een beschrijving van de bezigheden van degenen in de grot.

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Men dient zich een grote grot voor te stellen, die met de buitenwereld verbonden is door een gang met een dusdanige lengte dat er geen daglicht in de grot valt. Er zit een rij gevangenen met hun rug naar de ingang, en ze kijken naar de achterwand van de grot. Hun ledematen en halzen zijn zo vastgeketend, dat ze hun hoofden niet kunnen bewegen en noch elkaar, noch zichzelf kunnen zien. Dit betekent dat ze alleen de wand voor zich kunnen waarnemen. Zo hebben ze hun hele leven gezeten en kennen niets anders. Achter hen bevindt zich een vuur. Tussen hen en dat vuur staat een blokkade in de vorm van een muur, die zo hoog is als een mens. Aan de andere kant van die muur lopen mensen met allerlei dingen op hun hoofd, waaronder stenen en houten figuren van mensen en dieren, heen en weer. De schaduwen van de dingen vallen door het vuur op de wand waar de gevangenen tegenaan kijken, die ook de stemmen weerkaatst van hen die de dingen sjouwen. Plato betoogt nu dat het enige dat de gevangenen in hun leven waarnemen schaduwen en echo's betreffen. Ze zullen denken dat deze de realiteit vormen, en hun gesprekken zouden over de waarneming van deze realiteit gaan. Als een gevangene zijn ketenen zou kunnen afschudden, zou hij door de levenslange ketening in het halfduister zo verkrampt zijn, dat het alleen al pijnlijk voor hem zou zijn om zich om te draaien, bovendien zou het vuur hem verblinden. Hij zou volkomen in de war raken en zich weer willen omkeren naar de wand met schaduwen, naar de realiteit die hij begrijpt. Als hij uit de grot naar het felle zonlicht zou worden geleid, zou hij pas na lange tijd iets kunnen zien en dat begrijpen. Als hij eenmaal gewend zou zijn aan de bovenwereld en daarna terugkeerde in de grot, zou de duisternis hem weer tijdelijk verblinden. Zijn ervaringen zouden onbegrijpelijk zijn voor de andere gevangenen, omdat hun taal alleen naar schaduwen en echo's verwijst. Zijn behendigheid om de weerkaatste schaduwen te zien en te omschrijven zal geleden hebben onder zijn ervaringen, en op de andere gevangenen zou hij minder slim overkomen. Ze zullen hem zelfs als een gevaar zien en mogelijk dreigen hem te doden.

Bronnen:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Allegorie_van_de_grot

“Hij schetst het beeld van de grot, waarin de mensen van kinds af aan verblijven en zegt ten slotte dat “de wereld van het zien (waar hij zichzelf dus ook onder schaart) de gevangenis is. De schaduwen die de grotmens ziet is die gereduceerde en verdingde werkelijkheid. En zo zit de mensheid gevangen in haar door haarzelf geconstrueerde onderwereld waarin iedereen aanvankelijk gedwongen wordt een rol te spelen, die hij leert als zijn bestemming te zien, waaraan hij zin geeft en zelfs daarvan op gegeven moment overtuigd raakt. Blinden die blinden leiden en zoals volgens Socrates die mensen in de grot gewend de medegevangene te prijzen die het snelst ziet welke schaduw er voorbij trekt, worden in deze wereld ook de mensen geprezen die de schijnwerkelijkheid knap weten te duiden, filosofen, wetenschappers en andere deskundigen die met hun kokerblik of paradigma knappe theorieën bedenken of uitvindingen doen, waarmee het interieur van de grot veranderd kan worden. Er is een hele vermaakindustrie ontstaan, die het leven in de grot wat opleukt, maar er zijn ook ruzies en oorlogen tussen mensen en naties onderling die de schaduwen op een andere manier duiden en denken dat zij gelijk hebben.”

Bronnen:
http://www.verbodengeschriften.nl/html/pla...

Degenen die de grot uitgingen waren de filosofen en degenen in de grot keken naar schaduwen op de muur. Zij zien niets anders dan de schaduwen van de spullen en het vuur achter hen.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100