Dijt het heelal "nu" echt uit of dijde het juist sneller na de oerknal en daarna steeds minder?

Men zegt dat het heelal uitdijt en dan zo dat hoe verder iets van "ons" is verwijderd, hoe sneller het van ons af beweegt (te zien aan de rood-verschuiving (iets in het zichtbare licht). Dat zichtbare licht waar we dan "nu" de roodverschuiving in zien, is toch "oud" licht, hoe verder weg een object, hoe ouder het licht. Ik zou dan juist denken dat juist in het begin van het heelal de uitdijing zeer hoog was en dat dat almaar minder wordt.
Is er dus een relatie tussen roodverschuiving die nu gemeten wordt en toen die als licht "vertrok" ? Dus als we nu waarnemen en iets bekijken op 2 miljard lichtjaar afstand (licht is dan 2 miljard jaar onderweg geweest) dan is de roodverschuiving toch ook 2 miljard jaar onderweg geweest? En iets van 10 miljard lichtjaar weg, daarvan is het licht incl. zijn roodverschuiving toch ook 10 miljard jaar onder weg? Dan zou het heelal 10 miljard jaar geleden toch sneller hebben uitgedijt dan 2 miljard jaar geleden?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

De theorie zegt dat het heelal, vlak na de eigenlijke oerknal, een periode doormaakte van ongelooflijk snelle expansie. Dit noemen we de inflatie. Deze inflatie is nooit waargenomen. We leiden het bestaan ervan af uit metingen van de kosmische achtergrondstraling en de verdeling van materie in het heelal en over de tijd. Samen met een hoop gereken leidt dat tot de conclusie dat er inflatie moet hebben plaatsgevonden. Het is tamelijk theoretisch (alles indirect), maar wel de enige manier om het huidige heelal te verklaren. Na de inflatie begon de uitdijing zoals we die nu nog zien. De ruimte zelf dijt uit. Het is dus niet zo dat verre sterrenstelsels zich door de ruimte heen van ons vandaan bewegen; je moet het zo zien dat de sterrenstelsels ongeveer stilstaan in de ruimte, en dat de ruimte zelf groter wordt. Zie het als een kinderzwembadje in de tuin met een klein laagje water erin. Als je de rand optilt zodat al het water zich aan één kant verzamelt, en er dan twee bootjes in legt, liggen die bootjes stil en dicht bij elkaar. Als je dan het zwembad weer gewoon neerlegt, zal het water zich over de hele bodem verdelen. De bootjes liggen stil ten opzichte van het water, maar het water verspreidt zich - daardoor komen de bootjes, ondanks hun stilliggen, toch verder van elkaar. Toen "oud" licht vertrok, had het al een roodverschuiving. Die roodverschuiving is sindsdien blijven bestaan. Door het uitdijen van de ruimte waar het licht doorheen bewoog op zijn reis naar ons, heeft het licht extra roodverschuiving opgelopen. Licht is een golf die zich door de ruimte verplaatst, en als de ruimte uitdijt, wordt de golf mee uiteen getrokken - vandaar die extra roodverschuiving. Wat wij nu zien aan roodverschuiving is dus de som van de initiële roodverschuiving en de tijdens de reis opgedane roodverschuiving. Toegevoegd na 1 minuut: De meest recente metingen duiden erop dat de uitdijing van het heelal zich versnelt. We weten nog niet hoe dat komt. Er is "donkere energie" gepostuleerd die de versnelling van de uitdijing zou aandrijven, maar dat is echt pure theorie. Gelukkig zijn alle astronomen zich ervan bewust dat het pure theorie is, en (nog?) geen feit.

De metingen wijzen erop dat het heelal tijdens de oorspronkelijke inflatieperiode heel snel uitdijde, in korte tijd verdubbelde toen het formaat enkele keren. Na deze oorspronkelijke snelle inflatie - die op zichzelf door een hoop mensen als "de oerknal" wordt gezien, omdat er toen dus heel snel gegroeid werd - is de uitdijing vertraagd. Maar herhaalde metingen met nauwkeuriger apparatuur wijzen erop dat de uitdijing tegenwoordig weer aan het accelereren is - je kunt met heel nauwkeurige apparatuur een groeiende roodverschuiving meten vanaf dezelfde bron, al is het maar een minieme factor.

Je kan dit het beste vergelijken met het volgende - neem een ballon - plaatst willekeurige stippen op de ballon (de sterren) - blaas de ballon op (big bang en het uitdijen van het universum) Als je ballon dan vervolgens bekijkt zie je dat de afstand tussen de "sterren" exponentieel toegenomen is. voor verdere informatie en mogelijke theorieën verwijs ik je graag naar http://wetenschap.infonu.nl/sterrenkunde/26717-theorieen-over-het-ontstaan-en-voortbestaan-van-het-heelal.html

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100