Hoe werkt een flitspaal, welke kant van de weg wordt er geflitst?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

De flitspalen worden door het Haarlemse bedrijf Gatsometer geproduceerd. Er zijn verschillende soorten en maten flitspalen ook wel flitskast of flitser genoemd. Flitspalen en Flitskasten Aan de binnenkant van een flitspaal zit een mechanisme om een snelheidsmeting uit te voeren. Dit is een soort radiogolf. Deze snelheidsradar bepaalt hoe hard een auto rijdt. Als deze radiogolf op een weg gericht is zonder auto’s zie je dus de standaard straal met golven. Wanneer er nu een auto naar de radar toe rijdt reflecteert deze de golven (echo). Uit deze echo die weer door de radar ontvangen wordt kan men de snelheid berekenen. Met voert deze meting twee keer uit om er zeker van te zijn dat de uitslag klopt. Als de flitspaal hiermee klaar is wordt de foto. Dit alles gebeurd in minder dan een halve seconde. Een flitspaal kan ongeveer 800 foto’s maken voordat zijn rolletje vol is. De flitspaal flitst gewoon aan de kant van de weg waar hij staat. Toegevoegd na 1 minuut: Er zijn ook nog zogenaamde Lus Flitspalen. Deze werken als volgt: In het wegdek zit minimaal 1 lus in het wegdek weggewerkt. Wanneer er ook snelheid moet worden gemeten dan worden er twee lussen in het wegdek weggewerkt. Wanneer er een auto op/over een lus heen rijdt dan wordt door de lus een signaal gestuurd naar een computer. De computer bepaalt dan afhankelijk van de omstandigheden of er een foto gemaakt moet worden. Bijvoorbeeld dat het verkeerslicht op rood staat. De snelheid berekent deze computer door de tijd te nemen die de auto erover doet om beide lussen te raken. Aangezien de afstand tussen de beide lussen bekend is in de computer kan de computer precies bepalen hoe snel de auto rijdt. NB : Een luspaal flitst bij verkeerslichten twee keer, dit is om te bepalen op de foto of iemand per ongeluk net over de stopstreep tot stilstand is gekomen of door het rode licht is gereden.

De flitspalen werken van achteren. Ze sturen een radarsignaal uit met een bepaalde frequentie. Die wordt teruggekaatst door een voorbijrijdende auto. Doordat de auto rijdt verandert de frequentie; hoe harder hoe meer. Dat signaal wordt opgevangen met een antenne en vergeleken met het originele signaal. Uit het verschil wordt je rijsnelheid bepaald. Is het te hoog wordt een foto van de auto plus de gegevens gemaakt. Tegenwoordig gaat men over van fotorolletjes op digitale camera's die direct worden opgehaald. Dus de paal werkt altijd.

En in aanvulling op bovenstaande: Afhankelijk van de breedte van de weg en het al dan niet hebben van een tussenberm kunnen de meeste flitspalen zowel opkomend als afrijdend verkeer meten en flitsen. Dus ook van voren etc.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100