wat zijn de plaats en bevoegdheden van een 'deken' in in de RK Kerk?

is hef een soort van opperpastoor?

Weet jij het antwoord?

/2500

- Dekens zijn priesters die een coördinerende rol hebben voor een uit meerdere parochies bestaande regio van een bisdom. - Een deken is altijd priester binnen het betreffende dekenaat, meestal de pastoor van een daarin gelegen parochie. De deken wordt, eventueel op voorstel van een dekenale raad, benoemd door de bisschop. Taak - De belangrijkste taak van een deken is het bevorderen van de zielzorg door middel van coördinatie van de onder zijn zorg staande parochies. - Daarnaast fungeert de deken ook als schakel tussen de parochies en het bisdom.

Bronnen:
http://www.katholiek.org/hierarchie.php#deken

Aan het hoofd van een parochie staat een pastoor (geen pastor) Een aantal parochies samen heet dekenaat. Aan het hoofd van een dekenaat staat de deken (de decaan). De officiële kerkrechtelijke term voor een deken als hoofd van een dekenaat is vicarius foraneus. Een deken heeft altijd de priesterwijding ontvangen en is ook altijd priester binnen het betreffende dekenaat, meestal de pastoor van een daarin gelegen parochie maar dat hoeft niet. De bisschop kan iedere priester uitkiezen die hij gezien de omstandigheden van plaats en tijd geschikt acht, nadat hij overleg heeft gepleegd met de priesters die in het betreffende dekenaat werken. De dekenale raad kan ook zelf een voorstel doen. De deken die aan het hoofd staat van een dekenaat staat in de katholieke hiërarchie boven de pastoor en rechtstreeks onder de bisschop. De deken is geen opperpastoor. Hoewel een deken hoger in rang staat dan een pastoor oefent hij geen macht uit over de pastoor. Zij staan beiden rechtstreeks onder de diocesane bisschop. Ook de taken zijn verschillend. Een pastoor begeleidt zijn priesters ,verleent geestelijke zorg aan zijn parochianen en is de eindverantwoordelijke voor het pastorale beleid in zijn parochie. Een deken 1. heeft het recht en de plicht om de gemeenschappelijke pastorale activiteit in het dekenaat (oude spelling decanat) te bevorderen en te coördineren; 2. dient te zorgen dat de clerici van zijn district een leven leiden in overeenstemming met hun eigen staat en dat zij zorgvuldig aan hun plichten voldoen; 3. dient te zorgen dat de religieuze diensten volgens de voorschriften van de heilige liturgie gecelebreerd worden, en de schoonheid en luister van de kerken en van de gewijde gebruiksvoorwerpen zorgvuldig in stand worden gehouden. Naast aandacht voor de liturgische tucht is de deken speciaal verantwoordelijk voor de kerkelijke administratie en het goederenbeheer. Hij dient erop toe te zien dat de parochieboeken op de juiste wijze worden bijgehouden en goed worden bewaard. Ook dient hij te controleren of de kerkelijke bezittingen met zorg worden beheerd en of de pastorie goed onderhouden wordt. Als er een geestelijke overlijdt dan is het de taak van de deken ervoor te zorgen dat er geen kostbaarheden die het bezit zijn van de Kerk, verloren gaan of weggenomen worden. De deken kan ook het voornaamste lid van het kardinalencollege zijn. Deze vicarius foraneus is de geestelijke die het gezag van de bisschop buiten de bisschopsstad vertegenwoordigt.