Zien kinderen geesten of is het fantasie?

Steeds vaker hoor je dat kinderen tot 7 jaar dingen zien die volwassenen niet zien.
Veelal wordt het afgedaan als fantasie, onzin, gedroomd en het is een spelletje.
Gisteren sprak ik iemand die mijn mening vroeg naar dit verschijnsel.
Het was een jongetje van 5 jaar die regelmatig beweerde dat er mannen in huis waren, op de slaapkamer van zijn ouders.
Hij kon ze vanaf zijn bedje, door de open deur,zien staan.
Ze stonden te kijken naar zijn ouders die lagen te slapen.
Als het licht aan ging, liepen ze weg en verdwenen ze door het raam.
Gisteren riep hij zijn vader om te kijken, die deed het licht aan en weg waren ze, echter toen het licht uit was kwamen ze door het raam weer terug en gingen weer bij het bed staan waar zijn moeder nog lag te slapen, hij begreep niet dat zijn vader ze niet zag!
Hij heeft ze zelfs aangewezen en was er totaal niet bang voor, toen het licht weer aan ging, zag hij de mannen weer door het raan verdwijnen en is met zijn vader gaan kijken of het raam nog heel was, dat was het enigste wat hij vreemd vond, die mannen waren voor hem niet vreemd die zag hij zo vaak.
Dit soort verhalen van kinderen tot een jaar of 7 hoor ik regelmatig, moet je zo'n kind geloven of moet je er mee naar een dokter?

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Je hoeft er niet mee naar de dokter.Neem het kind serieus zodat hij/zij zich begrepen voelt. Toegevoegd na 27 minuten: Ik weet dat er kinderen zijn die geesten zien en ik geloof ook dat dit kan.Kinderen praten ook nog vaak over hun vorige levens.Het boek''mama vroeger was ik''beschrijft veel van zulke gevallen.Ik heb ook ooit van een kennis gehoord dat haar kind zei dat er vaak een mevrouw bij haar bed kwam.De vrouw die ze beschreef was haar oma.Het rare was dat ze haar oma nooit gekend had omdat die allang was overleden.

Bronnen:
http://betweensisters.web-log.nl/de_weblog...

Wat vreemd dat we maar twee keuzes krijgen: Geloven of mee naar de dokter. Kinderen hebben een rijke fantasie, niets mis mee.

in een tv programma, baby's wil is wet, met derek ogilvie, zie je dat ook wel is dat kinderen spontaan beginnen met huilen omdat er ''iets'' in de kamer staat. en hoor je hem zeggen dat er een geest is, ik weet het niet maar goed je moet er in geloven. of ze ze zien weet ik niet maar ik geloof wel dat er iets is wat wij geesten noemen.

Wat is nu je eigenlijke vraag? Ten eerste is er de vraag: bestaan geesten? Hierop zul je al wisselende antwoorden krijgen. Als ze niet bestaan is er zelfs nog geen antwoord te geven op de vraag, want wie zegt dat het fantasie is wat ze zien, en niet iets anders dan een geest? Als ze wel bestaan, dan zou de eerste vraag moeten zijn: waarom ziet de een wel geesten en de ander niet? Hierop zou dan wellicht de conclusie kunnen zijn dat de een ontvankelijker is (let op: ervan uitgaande dus dat ze bestaan, wat geheel niet mijn mening is) dan de ander. Dan zou de vraag moeten zijn waarom kinderen dan eerder ontvankelijk voor geesten lijken te zijn. Met je huidige vraag geef je impliciet aan dat deze vragen al beantwoord zijn en dat er alleen nog de keuze rest uit 2 opties: ze zien ze of het is fantasie. Naar mijn mening dus een verkeerd uitgangspunt.

Je hoort vaak dat kinderen hier gevoelig voor zijn. Ook dieren zijn hier gevoelig voor en een kat zal bijvoorbeeld verschrikt in de hoek van de kamer gaan zitten of ergens anders wegkruipen. Persoonlijk heb ik meerdere dingen meegemaakt die er op duiden "dat er meer is". Zo ken ik het verhaal van 2 goede vrienden. Zei hebben afgesproken, dat als één van de twee zou overlijden, die persoon een schilderij van de muur zou laten vallen. Nadat één van de twee overleden was, vielen er enkele maanden lang diverse schilderijen van de muur. Dit is slechts een voorbeeld. Ik kan er nog vele andere opnoemen. Ik denk dat een dokter/arts hier niets mee kan. Als het voor het kind geen problemen oplevert, dan zou ik het verder zo laten. Als het kind gedragsproblemen begint te vertonen, dan zou je naar een dokter of arts kunnen gaan.

Je hoort het inderdaad vaker. Het zou natuurlijk heel goed kunnen. Ik kan nog heel goed van mezelf herinneren (ja, echt waar) dat ik vrij regelmatig katten op de overloop zag lopen. Dat vond ik heel normaal, alleen dacht ik elke keer dat onze kat boven was, die dat niet mocht. Als ik dan merkte dat het niet onze kat was, besteedde ik er geen aandacht meer aan. Heel vreemd, als ik het nu zou meemaken zou ik me dood schrikken. Maar als kind weet je niet beter.

Of geesten bestaan is een heel andere discussie, die we hier even niet gaan voeren als het aan mij ligt. Er zijn in elk geval wel mensen met waarnemingen die ze interpreteren als het zien van geesten, en natuurlijk zijn er ook kinderen die, onbevangen, onbevooroordeeld en niet gehinderd door enige kennis overal dingen horen en zien die er niet zijn, verhalen verzinnen, anectdotes overdrijven die henzelf niet eens overkomen zijn maar ze wel op zichzelf betrekken. Na de fantasieleeftijd, gemiddeld een jaar of zeven, krijgen ze wat meer realiteitsbesef en gaan ze merken dat mensen niet meer elk indianenverhaal dat ze ophangen geloven, maar dat er meer waarheidsgehalte in moet zitten. In de regel stopt het dan ook vanzelf weer, tenzij het door de omgeving erg wordt aangemoedigd en gestimuleerd : kinderen maken het hun ouders graag naar de zin, en halen daar alles voor uit de kast. Zelfs als een kind al iets ouder is dan zeven en het verzint nog steeds veel dingen, is er weinig aan de hand. Je moet het aanhoren, met een flinke korrel zout nemen en waar nodig leugentjes ontmaskeren (want sommigen kunnen er wat van hoor !!) , maar je hoeft er niet me naar de dokter. Uiteindelijk gaat het vanzelf over. Als ik alles wat mijn dochters me ooit gezwóren hebben dat ze hadden geien, gedaan, gehoord of meegemaakt zou hebben geloofd, was het niet best met ze. En met mij. Alleen al al die enge blote mannen die ze wekelijks in het bos zagen (na een verhaal over een exhibitionist in de wijk) . Of die clown die in de zandbak zet (na een verhaal over enge mannen die zich verkleden als clowns).....of die juffen die ze echt geslagen hadden op school. Nee, kindere nmoet je serieus nemen, maar je moet hun woorden NIET op een goudschaaltje gaan wegen. Zeker niet onder de 7.

Eddijst, mijn eigen ervaringen: toen ik kind was zag ik zoveel mensen om me heen, die achteraf bezien door anderen niet werden gezien. Tot mijn zesde verkeerde ik in de veronderstelling dat iedereen hetzelfde zag als ik, ik vond het trouwens wel raar dat anderen er niet op reageerden. Met sommige van de mensen die ik zag had ik hele gesprekken. Toen ik er met mijn ouders over sprak herkenden zei in mijn beschrijvingen overleden familieleden. Zij keken er niet van op, zij kenden deze verhalen uit hun familie. Voor mij was het niet angstig of vreemd, deze mensen hielpen en beschermden mij. Vanaf mijn zesde zag ik ze minder, maar sommige kwamen afentoe nog langs. Nu nog afentoe. Een van mijn zonen sliep vanaf zijn eerste jaar slecht, onderzoek leerde ons dat hij mijn oma en opa zag, ze waren erg ontsteld over het feit dat hij het zo moeilijk had door de scheiding van mij en mijn man. Nadat mijn zoon en ik samen met hen hadden "gesproken" werd het rustiger. Mijn schoonzoon is moluks en hij weet niet beter, vanaf klein ziet hij zijn voorouders en andere overledenen overal om zich heen, nu is dat nog steeds zo, het is wat rustiger, maar ze blijven om hem heen. Blij dat dat dat jongetje uit jouw verhaal niet angstig is, en dat hij het als normaal ervaart. Voor mij persoonlijk geldt: ik weet niet beter en er is voor mij geen twijfel mogelijk over wat ik waarnam en waarneem en het voelt altijd goed. Ik weet dat het niet voor iedereen hetzelfde is. Neem elk kind die zoiets verteld in ieder geval serieus, dat heeft mij ook enorm geholpen.

Een kind staat open voor alles. Een volwassene heeft de mogelijkheid geleerd om zich af te sluiten. Een kind heeft een rijke fantasie. Als het kind bang is zal dit zich uitten in allerlei enge geesten en verschijningen. Gelukkig is het kind wat jij beschrijft niet bang. Het is wel belangrijk om de situaties heel serieus te nemen en het kind niet uit te lachen. Vroeger was mijn kleine broertje (vier jaar) verdwaald toen we op vakantie waren. Wij met z' n alle gezocht, konden hem niet vinden. We logeerden in een zomerhuisje in het bos. Na een uurtje komt hij aanwandelen, totaal niet overstuur. We vroegen waar hij geweest was en hoe hij de weg weer gevonden had. Zijn antwoord: "ik heb mijn avondgebedje opgezegd en toen ik weer keek stond er een engel en die wees mij de weg". Wij lagen natuurlijk dubbel van de lag, maar van onze ouders mochten we niet lachen en verder niets meer vragen. Ze namen het serieus en hij was er weer.

Ik als kid hebben wij gewoon fantasie.

ik weet zeker dat dit géén fantasie is maar natuurlijk is 't niet wetenschappelijkk te onderbouwen. Mijn dochter was nog zeer jong toen ze plots niet meer in haar kamertje wilde slapen. Eerst eens begonnen met een lampje aan. Dat ging aardig maar ze bleef constant naar 1 hoek kijken. Bedje omgedraaid maar draaide d'r kleine hoofdje en keek weer naar die hoek. Ik had al vermoedens dat er iets niet klopte. Ik heb toen samen met haar de 'mensen' verzocht die er niet hoorden te zijn weg te gaan. Nu elke keer voor 't slapen gaat ze met haar handje door een soort windgong en daarmee 'jaagt' ze die mensen weg die ze niet wil. Ik zie ze niet maar voel 't wel. Als we dit ritueel vergeten of overslaan omdat ze te moe is kan ze niet slapen wordt ze overstuur. Echt laat kinderen in deze waarde en neem ze serieus. Alleen doordat wij volwassenen vinden dat 't niet normaal is moeten de kids zich aanpassen. Nee laat ze.

Het lijkt mij dat het er niet toe doet of het fantasie is of dat kinderen echt geesten zien, zolang zij er niet bang voor zijn is er niets aan de hand. Misschien moeten we niet alles willen verklaren maar gewoon aanvaarden! Als die geesten het echt nodig zouden vinden dat zij zichtbaar zijn voor, in dit geval de ouders, lijkt het mij dat zij daar wel voor zullen zorgen. Als het kind er niet bang voor is, zou ik in zo`n geval als ouder zeggen dat het jammer is dat die ik die mannen niet kon zien.

Ja zeker weten, baby's zijn net als dieren erg gevoelig voor alles om zich. Zij zien meer en voelen meer aan. Echter leren wij het kinderen af. Mama er staat daar iemand! Nee hoor liefje kom gaan we kijken, zie je wel er staat niemand.. Mensen die dit weten vast te houden worden later paranormaal genoemd.

Kinderen zien erg veel dingen. Of die dingen wel of niet echt zijn, is niet van belang. Althans, voor het kind. Dit helpt kinderen enorm in hun spel, en dus in hun ontwikkeling. Er zijn talloze experimenten gedaan waarbij een bekende van het kind, bijvoorbeeld de vader of de schooljuf, zich verkleedde als zwarte piet. Dat gebeurde in het bijzijn van het kind - vader of juf trok, terwijl het kind aandachtig toekeek, de gewone kleren uit, en trok zwartepietenkleren aan. Ook het schminken gebeurde terwijl het kind toekeek. Wat bleek: kinderen die bang zijn van zwarte piet, worden ook echt bang voor de zo ontstane zwarte piet. Die is echt een ander persoon dan de vader of juf die er zojuist nog stond. Kinderen die alleen maar ontzag hebben voor zwarte piet, kregen ineens een ontzag voor vader of juf dat ze normaal niet (of in ieder geval op een andere manier) hebben. We zien hiermee dat een kind een heel ander realiteitsbesef heeft dan een volwassene. Zo rond een jaar of zeven, acht gaat het kinderlijke realiteitsbesef geleidelijk over in ons volwassen realiteitsbesef. De kinderlijke fantasie verdwijnt rond die leeftijd. Als je zelf kinderen hebt, of veel met opgroeiende kinderen te maken hebt, zie je dat heel duidelijk aan hun spel. Jongere kinderen spelen nog echt hun rollen. Is één van de kinderen het paard, dan ís dat kind voor de anderen ook een paard. Oudere kinderen spelen anderssoortige spelletjes. Het is nog slechts bij uitzondering dat ze nog spelen dat één van hen een paard is. Als ze dat al spelen, dan ís dat kind geen paard meer, maar spéélt het voor paard. Ook hier zien we vanaf het zevende jaar een ander realiteitsbesef. (vervolg in reactie)