Bestaat er een connectie tussen geloofsovertuiging en kinderen met een beperking?

Ik kende voor een jaar terug 2 gezinnen in die gezinnen was er een kind met het syndroom van down.

Vorig jaar ben ik naar Kesteren verhuisd. Inmiddels ken ik 20!! Gezinnen met kinderen die het syndroom van down hebben. En allemaal zijn dit mensen die fijn Christelijk zijn.

Ik kan het niet helpen maar ik vraag het me toch af. Zit daar een verband tussen?

Weet jij het antwoord?

/2500

Nee, daar zit geen verband tussen. Het enige verband dat je kunt leggen is tussen het niet willen laten inenten bij sommige geloofsovertuigingen en handicaps die bij de kinderen die als gevolg daarvan ziek worden ontstaan. Bijvoorbeeld verlamming als gevolg van polio. Het meer dan gebruikelijk voorkomen van kinderen met Downsyndroom hangt samen met het op latere leeftijd pas zwanger te worden. Want dat geeft een grotere kans daarop. Dat heeft niets te maken met wat de vrouw gelooft.

Down syndroom heeft de oorzaak in een extra chromosoom en geloofsovertuiging is iets geestelijks en zover ik weet is er geen verband tussen de DNA en geloofsovertuiging. Er is misschien wel statische overeenkomst, maar dat zegt meer over de methode van meten en toeval, dan er een wetenschappelijke connectie of verband er tussen is. Toegevoegd na 2 uur: Natuurlijk worden mensen met een beperking zoals Down in christelijke en andere gelovige gezinnen ouder. In andere gezinnen komen ze wel voor, maar daar is er de keuze wel of niet geboren laten worden. Ook is er de keuze wel of niet in het gezin op laten groeien. Veel kinderen met een beperking groeien niet op in hun biologische gezin. Sommige groeien op in een pleeggezin en veel groeien op in een gezinsvervangend tehuis en blijven ook beschermd wonen. Op die reden wonen mensen met een beperking dicht bij elkaar. Blijkbaar zijn kinderen met beperkingen in Kesteren meer welkom.

Er zijn grofweg twee manieren waarop binnen een (kleine) geloofsgemeenschap een grotere kans is op diverse handicaps : - Door inteelt door de beperkte genenpoel waarbinnen gehuwd en voortgeplant wordt waardoor bestaande mutaties makkelijker worden doorgegeven (zo is het veel voorkomende verschijnsel polydactylie (een zesde vinger) bij de Amish terug te herleiden tot één voorouder die deze verder zeldzame aandoening had) - Door het niet inenten tegen ziektes, waarvan sommigen schade kunnen veroorzaken tijdens de zwangerschap, zoals rode hond Het Syndroom van Down is het gevolg van een beschadiging aan het genetisch materiaal die echter meestal niet erfelijk is - de kans neemt vooral toe met de leeftijd van de moeder - en ook geen gevolg van andere doorgemaakte ziektes van de moeder. De kans dat deze afwijking dus een rechtstreeks verband heeft met het geloof in kwestie, is bijzonder klein. Het enige verband dat je nog zou kunnen vinden is wanneer ook het gebruik van voorbehoedsmiddelen in de gemeenschap taboe is, waardoor vrouwen meer en dus ook langer / op latere leeftijd (nog) kinderen krijgen, waarbij boven de dertig de kans op een kind met syndroom van Down elk jaar toeneemt. Ook zal het uitvoeren van prenatale diagnostiek met eventueel als gevolg zwangerschapsafbreking in die kringen niet voorkomen, maar dat is nu ook weer niet zó gemeengoed dat je kunt stellen dat in niet-Christelijke kringen vrijwel geen kinderen met Down meer geboren worden. Er IS echter wel een erfelijke vorm van het syndroom van Down ; ongeveer 1 op de 100 patiënten heeft deze erfelijke vorm. Als díe in een familie in je omgeving voorkomt, dan kan dat samen met reden 1 (de inteelt-factor) inderdaad wel resulteren in een relatief groter aantal kinderen met het Syndroom. Het is dan echter wel een samenspel van factoren dat je niet rechtstreeks kunt herleiden op het geloof ; ook familieleden die niet meer tot de kerk behoren blijven het zelfde risico lopen, zodat het meer aan de leefomgeving hangt dan aan het geloof / de geloofsgemeenschap.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100