waar komt onzekerheid vandaan?

ik bedoel: Is dat genetisch bepaald of moet er dan iets gebeurd zijn in je leven waardoor je onzeker wordt? en waarom zijn sommige mensen heel extravert en zeker en andere juist heel introvert en onzeker

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Onzekerheid onstaat wanneer je twijfelt aan jezelf. Aangezien dit van nature niet aanwezig is (er bestaan geen genen voor onzekerheid), is het tijdens de opgroei naar binnen geslopen. Dit is heel geleidelijk gebeurt en vaak dat dit proces als dusdanig niet te herkennen is. Je dagelijkse ervaringen hebben je aan het wankelen gebracht en nu kun je balans maar niet meer vinden want je blijft slingeren.

Vooral door dingen die gebeurt zijn in je leven en in mindere mate genetisch.

Onzekerheid is denk ik een karaktereigenschap. De een is het meer dan de ander. Kan ook extra versterkt worden door ervaringen die iemand eerder heeft opgedaan. Extravert en introvert zijn ook karaktereigenschappen, zo word je vaak geboren maar heeft ook wel te maken met opvoeding.

Het is zoals allees een combinatie tussen 'nature' en 'nurture' je aard en je opvoeding dus. Er zijn van allebei de invloeden extremen waar de andere weggedrukt wordt. Hiermee bedoel ik bijvoorbeeld mensen die in een aso-gezin opgroeien, die zijn in de meeste gevallen niet introvert. Maar mensen met autisme zullen nooit extravert worden. Het heeft voor veel mensen (mij) ook veel met zelfbewust zijn te maken, je te veel zorgen maken over je invloeden op andere en de consequenties van je daden.

Onzekerheid heeft niets met erfelijkheid te maken. Wel heeft het te maken met ervaringen die je in het leven hebt gehad en de reacties die je van anderen daarop gekregen hebt. Als je iets doet, waar vaak negatief op wordt gereageerd, wordt je onzeker. Dit kan grote vormen aannemen. Het is belangrijk dat kinderen vaak complimentjes krijgen en aangemoedigd worden als zij dingen ondernemen. Dit is goed voor hun zelfvertrouwen. Als daarentegen op alles wat je zegt en/of doet negatief wordt gereageerd, kan dit tot gevolg hebben dat je niets meer durft te zeggen of te doen. Extravert en zeker en introvert en onzeker zijn niet onlosmakelijk met elkaar verbonden. Extravert en introvert zijn karaktereigenschappen. Deze kunnen wel erfelijk zijn. Je kunt ook best extravert en onzeker zijn en introvert en onzeker. Je kent vast wel van die drukke, onzekere types en van die stille personen die op zekere wijze hun eigen pad banen.

Hoe meer parameters je hebt, hoe moeilijker een beslissing. Dus als sommige mensen onzeker overkomen is dit altijd zo maar zijn ze juist bezig met een heel genuanceerd oordeel.

Onzekerheid is een psychisch fenomeen. Iedereen heeft er wel eens last van. Onzekerheid kan worden veroorzaakt door lichamelijke, sociale, financiële en emotionele factoren en angst. In elk geval gaat iemand die zich onzeker voelt, twijfelen aan haar of zijn gehele zelfbeeld (competentie of eigenwaarde). Chronische onzekerheid kan zich uiten als depressiviteit, verlegenheid, gebrek aan zelfvertrouwen of het onvermogen tot het opbouwen van stabiele relaties. Dit heeft niet zozeer te maken met externe gebeurtenissen, maar voornamelijk met onrealistische verwachtingen en een negatief zelfbeeld. Het kan resulteren in een minderwaardigheidscomplex. Je hebt dan het gevoel altijd tekort te schieten en minder te kunnen dan anderen. Je lijdt onder dit besef en onder schaamte- en schuldgevoelens over het eigen falen. De oorzaak van neurotische minderwaardigheidsgevoelens ligt niet zozeer in wat anderen van iemand verwachten, maar meer in de hoge verwachtingen die iemand aan zichzelf stelt. Deze hoge eisen kunnen een gevolg zijn van de hoge verwachtingen die door opvoeders tijdens de jeugd zijn gesteld, of van onvoldoende verwerkte kinderlijke grootheidsfantasieën. Symptomen: - droge mond - klamme handen - snelle hartslag en hartkloppingen - bij angstneurose: benauwdheid, kortademig; hoofdpijn, algehele zwakte en vermoeidheid; drukkend gevoel in de borstkas; hoge bloeddruk; buikpijn en diarree; slapeloosheid; verlies van eetlust. Onderzoekers hebben in 1996 gevonden dat verlegen mensen minder gemakkelijk serotonine ‘transporteren’ door hun hersenen. Hen gen dat deze transportatie mogelijk maakt is bij hen korter. Niet-verlegen mensen hebben een langer transportatie-gen: het DRD4-gen. Als je een langer DRD4-gen hebt, zoek je juist meer stimulans en nieuwigheid. Het tegenovergestelde dus, van verlegen mensen. Zijn mensen met een kort DRD4-gen dan veroordeeld tot verlegenheid? Nee, het onderzoek wijst uit dat er veel meer genen van invloed zijn op het al dan niet tot ontplooiing komen van de verlegenheid. Ook kunnen bepaalde omstandigheden verhinderen dat het gen zich doet gelden.

euh.....ik ben er niet helemaal zeker van.....

prutsers zijn vaak onzeker omdat ze prutsen. Ze prutsen omdat ze onzeker zijn. ach en wee, die poreuze cirkel ook altijd

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100