Is "wie kan er niet van af blijven" goed nederlands?

Het gaat om een product, bijv. chips, en dan staat er:
chips van pietje, wie kan er niet van afblijven.
Volgens mij is dit niet juist toch?

Toegevoegd na 25 minuten:
Het gaat om het "niet van afblijven"deel.
Ik krijg het idee dat het dan niet lekker is en dat er eigenlijk hoort te staan, wie kan er wel van afblijven.

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Volgens mij heb je gelijk. Het had volgens mij moeten zijn: wie kan er wel van afblijven, of, niemand kan er van afblijven. Toegevoegd na 3 uur: Wie kan er niet van afblijven: niemand, iedereen blijft er dus van af. Wie kan er wel van afblijven, niemand, het is dus lekker, je kunt er niet van afblijven. Of zoals het voorbeeld van pindakaas, wie is er niet groot mee geworden? iedereen is er groot mee geworden. Wie er wel mee groot geworden? Niemand is er groot mee geworden. het gaat dus om de combinatie van de woorden niet en afblijven. Als er had gestaan, wie vind het niet lekker, dan was het heel anders geweest.

Afblijven is één woord, dus is het correct Nederlands. Maar jij doet het hier op twee verschillende manieren, dus is het me niet helemaal duidelijk van WELKE van de twee je nu bedoelt dat het onjuist is. "Af blijven" is onjuist. De laatste tijd groeit de neiging overal te pas en - vooral- te onpas onnodige spaties in te voegen in langere woorden, en zelfs korte woorden worden schijnbaar steeds moeilijker om aan elkaar te blijven schrijven. Ik heb zelfs inmiddels de onvoorstelbare combinatie " jas zak" al eens voorbij zien komen - terwijl we toch allemaal als kind al wisten dat woorden die iets zeggen over het volgende deel van het woord bij elkaar horen, en Hottentottententententoonstelling dus eén woord is. Prima woord dus, niet meer aankomen. Gewoon afblijven ;)

Bronnen:
http://redacteuren.kennisnet.nl/handleidin...
http://taaladvies.net/taal/advies/tekst/3/

Of het wel of niet aan elkaar moet worden geschreven wordt bepaald door de aanwezigheid van het woordje 'er', of 'hier', dan wel 'daar'. Staat dat wél in de betreffende zin, dan moet je "ervan af blijven". Staat het er niét bij, dan schrijf je: Afblijven! De woordjes 'er', 'hier', en 'daar' geven aan dat het over iets bepaalds gaat. Hetzelfde is van toepassing bij bijvoorbeeld de werkwoorden afbrengen, afglijden, afhangen, afhalen, afzien, afweten, uitgaan. Toegevoegd na 37 minuten: Pas na een paar keer jouw toevoeging te hebben gelezen begrijp ik wat je bedoelt! Strikt genomen hoeft men inderdaad alleen te vragen: "Wie kan ervan af blijven?" Met daarin de strekking dat ze zó lekker zijn dat niemand dat zou kunnen. Maar de betekenis ervan wordt versterkt door het in negatieve vorm te vragen. Hoeveel mensen zouden er níet van af kunnen blijven? Dat zijn er vast maar heel weinig, want het is zó verrukkelijk.... Snap je de verschillende betekenissen? Wie is er niet met pindakaas groot geworden? Iedereen is toch zeker met pindakaas groot geworden?!

Bronnen:
http://www.onzetaal.nl/taaladvies/advies/e...

Dit is inderdaad een verraderlijke zinsconstructie. Het venijn zit hem in de dubbele ontkenning ("niet" samen met afblijven, wat hier als "niet pakken" kan worden uitgelegd). Als niemand er NIET van kan afblijven, kan iedereen ervan afblijven! Om de verkoper of de reclamemaker tevreden te stellen zou je de vraag "Wie kan er niet van afblijven?" dus eigenlijk met "Iedereen" moeten beantwoorden. Als iedereen er NIET van kan afblijven, zal iedereen er dus van genieten. Jouw vraag is volledig terecht; hier staat een zinsdeel dat de schrijver waarschijnlijk niet zo heeft bedoeld. Een vraag als "Wie is daar niet gek op?" of "Wie kan daar nou van afblijven?" was waarschijnlijk wat de schrijver eigenlijk bedoelde.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100