Wat is het onderwerp in volgende zin? 'De beste Extreme Sports-game van deze winter is SSX On Tour.'

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Het onderwerp is ''de beste Extreme Sports Game van deze winter''. ''De beste'' en ''van deze winter'' zijn bijvoeglijke bepalingen bij ''Extreme Sports Game'' en horen dus ook bij het onderwerp. Toegevoegd na 50 seconden: ''SSX On Tour'' is overigens het naamwoordelijk deel van het gezegde en dus NIET het onderwerp!

Mijn leraar zegt: maak de zin vragend, dan is het tweede gedeelte het onderwerp. Is SSX On Tour de beste Extreme Sportsgame van deze winter? Tweede gedeelte: SSX On Tour.

Het onderwerp in deze zin is volgens mij: 'SSX On Tour.' Door de zin inderdaad vragend te maken krijg je: "Wat is de beste Extreme Sports-game van deze winter?" Hieronder nog wat informatie: Wat is het onderwerp van een zin, en hoe spoor ik het op? Het onderwerp van de zin is degene die of datgene wat in de zin iets doet of is. Wat moeilijker gezegd: het onderwerp is degene die of datgene wat de werking van het gezegde verricht of van wie of wat die werking uitgaat. In de volgende zinnen is het onderwerp steeds gecursiveerd. 1.Sam speelt verstoppertje. (Sam doet iets) 2.Op donderdag is het restaurant bij mij op de hoek gesloten. (het restaurant bij mij op de hoek is iets) 3.Mijn moeder, die zelf uit Amsterdam komt, woont al dertig jaar in Rotterdam. (mijn moeder, die zelf uit Amsterdam komt, doet iets) 4.Het regent nu al dagen. (het doet iets) 5.Het probleem zijn de hoge kosten. (de hoge kosten zijn iets) 6.Mijn zusje gaat nooit naar de discotheek. (mijn zusje doet iets) Toegevoegd na 6 uur: Als je bovenstaande bekijkt zou je ook kunnen zeggen: SSX On Tour doet iets, namenlijk de beste game zijn.

SSX On Tour = onderwerp Is = koppelwerkwoord De beste extreme Sports-game van deze winter = naamwoordelijk deel van het gezegde Het is misschien makkelijker te herkennen als je de zin iets simpeler maakt. Voorbeeld 1: De beste speler van de club is Jan. Vraag je af wie de beste speler is Voorbeeld 2: De winnaar is Jan. Vraag je af wie de winnaar is. Jan is in beide gevallen onderwerp. Toegevoegd na 1 dag: http://www.cambiumned.nl/hpoefng.htm Een oefening over naamwoordelijk deel van het gezegde. Bij vraag 7 kom je een soortgelijke vraag tegen: December is de gezelligste maand van het jaar. Of bij inversie De gezelligste maand van het jaar is december. Na correctie zul je zien dat "de gezelligste maand van het jaar" het naamwoordelijk deel van het gezegde is.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord op die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100