Hoe weet ik met duits of het der das of die is?

Ik zit nu hiero duits te leren.. maar de woorden ken ik allemaal opzich. maar wat er altijd fout gaat bij de toets zijn de lidwoorden der die das... :(( ik vind dat echt superjammer. want ik weet van alle woorden de betekenis.. maar waar het missgaatt is der die das.. maar hoe weetje nou of er achter het werkwoord der die das moett ? bijvoorbeeld: das brotchen? waarom das? waarom niet der brotchen ? of die brotchen ? ik hoop dat jullie mekunnen helpen ! x

Weet jij het antwoord?

/2500

Het beste antwoord

Mannelijk dus "der" zijn alle zelfst. nmw. die; eindigen op ismus' ( der Journalismus) " op '-ner' ( der Rentner) " op ' -er' en wijzen op personen , maar niet die Schwester,die Tochter, die Mutter, die Jungfer (allemaal vrouwelijk) das Fenster...en nog een paar. veel woorden die eindigen op; -ich,-ling of -ist (Rettich, Sittich, Schädling, Frühling,Pazifist. Alle namen van dagen, maanden,jaargetijden. Namen van grondsoorten en gesteenten,(der Sand, der Beton) namen van veel vruchten en planten, (der Salat, der Flachs) de meeste munteenheden, (der Dollar) mannelijke personen, dieren, (der Lehrer, der Löwe) veel woorden die de stam van een werkwoord zijn (der Lauf van laufen,der Fisch van fischen. Vrouwelijk dus "die" zijn ; Alle woorden die eindigen op;-heit,-keit,-tät,-ung,-ion,-schaft (die Freiheit,Schnelligkeit, Universität, Zeitung, Freundschaft) eindigen op; -'ie' (Drogerie, Komödie, Industrie. " op; -'in' (die Rentnerin) " op; 'ik' (die Grammatik,Musik, Panik maar uitzonderingen zijn; der Atlantik, Pazifik, Katholik, bijna alle leenwoorden met; -ade,-age,-anz,-enz-,ette,-ion, -ine,-tur (Parade, Blamage,Bilanz,Konjunktur enz. Uitzondering; der Nomade. de meeste woorden eindigend op; -e (die Ecke) " " " " op; -ei (die Partei) " " leenwoorden " op; -isse,-itis,-ive ( die Initiative, Hornisse) alle getallen; die Fünf, die Eins enz. Onzijdig dus "das" zijn; woorden op ; -chen of -lein ook als ze op iets vrouwelijks duiden ( das Mädchen,das Fräulein) meestal zijn het verkleinwoorden. woorden op ; -ium, -um, -tum,( das Opium, Datum, Eigentum) woorden van het type 'Ge-' ( das Gebirge) letters; das A, das B. Landen en steden met adjectief; Das schöne Bonn', veel woorden die ook in het Nederlands onzijdig zijn; 'het' woorden dus; (das Buch, das Kind, das haus.

Het meeste moet je uit je hoofd leren, maar woorden die op een -e eindigen zijn vaak vrouwelijk.

Dieren zijn vaak mannelijk. Woorden die op -e of -ung eindigen, zijn bijna altijd vrouwelijk. Verder zijn er weinig ezelsbruggetjes en zal je veel uit je hoofd moeten leren.

der is mannelijk das is onzijdig die is vrouwelijk of meervoud

Waarschijnlijk zit je in de 2de klas, want ik zit ook in de 2de klas en ik heb precies hetzelfde probleem. Je weet dat 'der' mannelijk is , 'die' vrouwelijk en 'das' onzijdig. Als je woorden hebt waarbij je zeker weet dat het een mannelijk woord is, dan zet je er 'der' voor . bijvoorbeeld: der Mann. En zo gaat het ook met : die Frau , omdat Frau vrouwelijk is en: das Kind omdat je niet weet of dat kind mannelijk of vrouwelijk is. Maar soms zijn er ook mannelijke woorden waaraan je niet ziet dat ze mannelijk zijn , bijvoorbeeld : der Wagen. Ik snap zelf ook niet hoe je dat weet dat het der Wagen is , maar ik onthou wel : woorden die op -en of -ung eindigen, zijn meestal vrouwelijk. Verder heb je niet echt regels of ezelsbruggetjes daarvoor, gewoon in je hoofd stampen! Succes!!

Bij jouw voorbeeld is het nou juist heel gemakkelijk: Brötchen is een verkleinwoord - broodje - dus daar komt in enkelvoud altijd "das" voor - het -. In meervoud wordt het "die": die Brötchen - de broodjes. Bij heel veel woorden is het gewoon hetzelfde als in het Nederlands.

Nederlandse 'het'-woorden zijn (bijna) altijd 'das'- woorden in het Duits, alleen bij sommige leenwoorden en 'het' woorden die een geslacht aanduiden. Kan er zo snel geen verzinnen.

Woorden eindigend op - er / - ant -> der Woorden eindigend op - e/-ung/- ion -> die Woorden eindigend op - o/-y/-ment -> das De rest is gewoon aanvoelen. Net als wij in het nederlands weten wanneer het, de of het zijn. Succes

Der is mannelijk. Die is vrouwelijk Das is onzijdig. Hoe weet je nu welk geslacht een woord heeft. Van buiten leren, maar voor een Nederlandstalige is het makkelijk. Het geslacht is bijna altijd hetzelfde als in het Nederlands. De man---Der Mann. De vrouw--- Die Frau Het kind----Das Kind. Je zal maar een paar uitzonderingen moeten leren. Het bos--Der Walt bv.

Het is net zo'n moeilijke kwestie als voor buitenlanders die Nederlands moeten leren en ook problemen hebben met 'het' of 'de'. De beste oplossing is: veel naar Duitstalige liedjes luisteren, Duitstalige films bekijken, Duitse boeken lezen en in Duitsland op vakantie gaan.

Vrouwelijke woorden (die) eindigen vaak op -e, -ung, -schaft, -heit en mannelijke personen die vrouwelijk gemaakt zijn krijgen (uiteraard) ook het vrouwelijk lidwoord (bijv. die Vegetarierin, die Direktorin). Onzijdige woorden (das) zijn vaak (niet altijd!) woorden die in het Nederlands het lidwoord 'het' krijgen en woorden die eindigen op -chen of -lein. Mannelijke woorden (der) zijn vaak mannelijke personen of functies (der Direktor) of dieren. Als een woord in het meervoud staat, heb je altijd 'die' ervoor, en als je de betekenis van dat woord weet, kan dat niet foutgaan. Voor de rest is het gewoon stampen. Je kunt bijvoorbeeld op wrts een lijst aanmaken met woorden en hun bijbehorende lidwoord. Dat doe ik zelf ook altijd en bij mij werkt het erg goed. Veel succes met leren!

Hoi, Het is heel makkelijk hoor. Meestal loopt het parallel met het Nederlands, wat betreft 'das'-'het'. Het huis: das haus. etc. 'Der' en 'die' zijn mannelijk en vrouwelijk. Van veel woorden is het logisch: een man is mannelijk, een vrouw vrouwelijk. Verder moet het in je gehoor komen te liggen, maar als je vaak in Duitsland bent of naar de TV kijkt, of veel Duits leest gaat het vanzelf. Weet je hetecht niet? Zoek het gewoon op op internet of in het woordenboek. De Duitsers zullen het je zeker vergeven als je een foutje hiermee maakt.

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100