Hoe vertaal je de imperativus en het participium?

Dus als je bijvoorbeeld het ww audire hebt en het staat in de imperativus (audi, audite), wat is dan de nederlandse vertaling? Het zelfse geld voor het participium (audiens, audientis)

Weet jij het antwoord?

/2500

Imperativus: Gebiedende wijs, jij moet horen (hoor!) of jullie moeten horen (hoort in oud nl) Toegevoegd na 2 minuten: Participium heb ik nog niet gehad, maar in mijn boek staat audiens, audientis: horend

imperativus = gebiedende wijs: hoort/luistert! participium = deelwoord: (al) horende/(al) luisterende

De imperativus is gebiedende wijs; de spreker *gebiedt* of *beveelt* de aangesprokene om iets te doen. (Gebieden = zeggen dat iets moet/verplicht is, als in 'de tien geboden' of 'gebodsborden' in het verkeer zoals het verplicht fiets/bromfietspad.) Je zult waarschijnlijk het verschil tussen enkelvoud en meervoud al wel weten. Als je dat combineert krijg je dus de volgende mogelijke vertalingen: audi (enkelvoud) -> luister! audite (meervoud) -> luistert! (Eventueel te vertalen met 'jij/jullie moet/moeten luisteren', al laat dat wellicht ruimte voor discussie en dat is niet het idee van de imperativus - je moet het echt zien als bevel dat meteen opgevolgd moet worden.) - - - - - Met het participium kun je eigenlijk nog verschillende kanten uit; dat is een hoop uitleg die ik hier niet zal schrijven of copypasten, maar ik vind dat de wiki links op deze wiki wel een hoop duidelijk maken: http://nl.wikipedia.org/wiki/Participium_(Latijn)

Stel zelf een vraag

Ben je op zoek naar het antwoord die ene vraag die je misschien al tijden achtervolgt?

/100